Kwintessens
Geschreven door Wietse Wiels
  • 1990 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

12 april 2023 Martin Luther King Jr.: humanist
Vijfenvijftig jaar geleden, op 3 april 1968, gaf burgerrechtenactivist Martin Luther King Junior (MLK) z'n laatste openbare toespraak: 'I've Been to the Mountaintop'. Daags nadien werd hij doodgeschoten. Dat tragische einde aan een uitzonderlijk leven leek wel noodwendig. King alludeerde er zelfs op tijdens een ongeëvenaarde speech de avond voordien. Moeiteloos vervlecht hij daarin de grote ideeën van onze beschaving. Hij wijst op de ondraaglijkheid van onrecht en de plicht die te bestrijden. Zonder haat en zonder twijfel. Volgens Wietse Wiels kunnen we nog heel wat uit die toespraak leren.
De laatste toespraak van MLK is wat mij betreft een goeie kandidaat voor de beste speech aller tijden. Dat is natuurlijk een subjectief oordeel. Hoe definieer je immers een 'speech'? En wat is dan precies 'goed': het perfect beheersen van de klassieke stijlfiguren, of net een meer originele vorm? Moet de rede opwarmen, overtuigen, opjutten, ontroeren? Is het belangrijk dat de spreker gelijk heeft, of is het misschien net indrukwekkender wanneer diens standpunt aanvankelijk weinig steun geniet? Welke spreker je het meest bekoort is natuurlijk ook al erg persoonlijk. Vergelijk het met muzieksmaak. Zo staat Winston Churchill steevast bovenaan veel lijstjes met grote redenaars. Ik vind hem nochtans een slaapverwekkende mompelaar. Wanneer ik daarentegen naar I've Been to the Mountaintop luister, springen de tranen me in de ogen.
We mogen natuurlijk niet naïef zijn. Van vele historische toespraken waarvan geen opnames bestaan weten we zelfs niet of ze überhaupt zijn uitgesproken. Shakespeare schreef speeches die zo cultureel ingebed zijn, dat het op den duur vervelend is eraan herinnerd te worden dat de historische figuren die níét uitgesproken hebben. Denk maar aan de lijkrede van Marcus Antonius in Julius Caesar of de 'St Crispin's Day'-speech in Hendrik de Vijfde. Hoe verder je teruggaat in de tijd, hoe meer de grens tussen geschiedenis en literatuur vervaagt.
Toch geldt dat eigenlijk ook voor hedendaagse speeches. Ik bedoel daarmee dat ongeveer alle grote toespraken tot in detail zijn voorbereid. Vele bekende sprekers, zoals bijvoorbeeld Churchill, staan er om bekend hun toespraak tijdens de voorbereiding eindeloos te blijven verbeteren en aanpassen. Soms maanden aan een stuk, tot aan elke adempauze toe. Vooral bij politici staan ook professionele speechschrijvers klaar. Met een voorbereid mapje voor elke gelegenheid. Zo'n toespraak is dus meestal meer toneel dan retoriek. Het toeval wil nu wel dat politicus Robert F. Kennedy (RFK), broer van JFK, vlak na de moord op King een geïmproviseerde toespraak gaf. Pal in een overwegend zwarte wijk van Indianapolis kroop hij op een geïmproviseerd podium achterop een vrachtwagen. De veiligheidsdiensten hadden hem nochtans afgeraden de wijk te bezoeken. De korte speech van RFK over liefde en verbinding was zo indrukwekkend dat Indianapolis de enige stad in de VS werd waar die nacht geen rellen uitbraken. Amper twee maanden later werd ook Robert Kennedy doodgeschoten.
Maar goed. Hele stukken in een bekende speech zijn vaak gerecycleerd, om niet te zeggen geplagieerd, uit bestaande voorbeelden. Bovendien wordt geen enkele hit maar één keer gedraaid, toch? Ook de speeches van MLK – inclusief I Have A Dream en I've Been to the Mountaintop – zijn doorgaans een pastiche van eerder werk. In functie van de noden van de toeschouwers en de gelegenheid. Let maar eens op hoe die op bepaalde zinnen reageren. Een beetje als concertpubliek wanneer een bekend nummer wordt gespeeld. Naaste gezellen moeten die speeches tientallen keren hebben gehoord.
Doet dat afbreuk aan King? Helemaal niet. Het is niet meer dan logisch dat hij z'n talent maximaal wilde benutten. Daarvoor moeten nu eenmaal berekende keuzes worden gemaakt. Zo was bijvoorbeeld het zitvlak van Rosa Parks helemaal geen onderdeel van een spontane verzetsdaad vanwege een toevallige burger. Het was een voorbereide, uitgekiende protestactie van een begeleide activiste. Met resultaat!
King had ook de pretentie niet om bovenmenselijk te zijn. Ondanks het religieuze taalgebruik en die lang aangehouden, lispelende klanken die z'n achtergrond als predikant verraden. Overigens is dat de opleiding waarmee MLK z'n dokterstitel behaalde. Hij was geen arts – niet dat ik een academisch chauvinist ben – maar 'doctor in de systematische theologie'. Bovendien bleek uit later onderzoek dat de verhandeling die King daar schreef in hoge mate op plagiaat berust. Net als belangrijke delen van zijn meest bekende speeches. De politieke argusogen waarmee de FBI hem in de gaten hielden, onthulden eveneens dat hij een onverbeterlijke rokkenjager was. Die ook wel een glaasje of twee lustte. Hij was dus geen heilige, en al zeker geen christelijke! Niet voor niets omringde hij zich met vele linkse en seculiere denkers en activisten, tot huiver van de traditionele christelijke krachten in de VS. MLK zag zichzelf dan ook niet als bovennatuurlijk. Hij mag zich ten volle bewust geweest zijn van zijn unieke historische positie, nooit ofte nimmer draaide zijn beweging om hem als persoon. Graag wilde hij de aanhang die hij had zo lang mogelijk benutten om de wereld ten goede te veranderen, maar zijn eigen rol als Messias was nergens, nooit het doel. Ook zijn aangekondigde dood was nooit een doel, en zelfs geen middel. Hoe het hem persoonlijk verging, vond hij eigenlijk niet zo belangrijk. Hij was een onvolmaakt zoogdier, net als wij.
In dat opzicht is het ironisch dat King de naam droeg van Maarten Luther, een fanaticus uit de 16e eeuw. Die paranoïde monnik zou wellicht een duiveluitdrijving starten moest hij onze held ontmoeten. Maar dat is niet de enige ironie. Iemand heeft ooit gezegd dat MLK de ultieme westerse mens was. En daar valt wat voor te zeggen. Kings bestaan zelf al herinnert iedereen aan die ergste aller zonden: slavernij. Hoewel het tot slaaf maken van mensen wellicht zo oud is als de mensheid zelf, is inmiddels bijna iedereen wel bekend met de ongekende wreedheid van de trans-Atlantische slavenhandel. Terwijl radicale filosofen langzaam maar zeker het ei van de democratische moderniteit uitbroedden, werden miljoenen medemensen vernederd, verdrukt en als vee behandeld. Je zou voor minder wrokkig worden.
Toch gebruikt MLK nu net de grote stromingen van het westerse denken om z'n doel te bereiken, 'langs binnenuit', als het ware, eerder dan door een omverwerpen van het hele project. Zijn speeches zijn typevoorbeelden van klassieke retorica, en King alludeert voortdurend naar de Grieken en Romeinen. Het meest bekend is natuurlijk het religieuze, vooral Bijbelse taalgebruik. Nochtans is in de Bijbel geen woord te vinden waarmee slavernij of onderdrukking in duidelijke bewoordingen veroordeeld worden. Integendeel. Inderdaad stonden christelijke krachten vrijwel steeds aan de verkeerde kant in die geschiedenis. Ook het meest bekende 'politieke' aspect van die religieuze traditie, de verlossingsgedachte, gebruikt King op een creatieve manier. Het Rijk Gods waarnaar hij verwijst, zal er niet zomaar komen. En ook niet door te bidden, kaarsjes te branden, of aalmoezen te geven. Wat nodig is, is actie: boycots, symbolische acties, betogingen, organisatie. Daarover is in de christelijke bronnen geen letter te vinden. Jezus had van algemene democratie en mensenrechten geen kaas gegeten. Dat zijn moderne ideeën. Verlichte ideeën. Ik wil hier zeker niet betogen dat MLK niet gelovig was. Maar ik durf wel stellen dat de krachtigste eisen die hij stelde, humanistisch waren.
Precies daarom wijst King keer op keer naar de ondraaglijke hypocrisie in een land dat net op die idealen zegt te zijn gebouwd. 'Somewhere I read …', horen we King een voor een de grondwettelijke vrijheden opnoemen. Hij gebruikt de vermeende ideeën van zijn onderdrukkers tegen henzelf. Hij trekt die ideeën door tot hun logische gevolg: gelijkwaardigheid en vrijheid voor alle burgers, ongeacht raciale achtergrond. De sleutel werd haast samen met de kooi gemaakt. Het enige dat hij vraagt is om de zogenaamd universele waarden ook écht universeel toe te passen. 'Be true to what you said on paper!' Bekend is het beeld uit I Have a Dream waar MLK die kleurenblinde toekomst schetst. Een samenleving waar zijn kinderen zullen worden beoordeeld op hun kunnen en niet op huidskleur. Toonaangevende ideologen als Kimberlé Crenshaw verklaren tegenwoordig dat dat ideaal 'in de jaren 1970 werd bedacht door neoconservatieve denktanks als historisch programma ter bescherming van witheid'. Wel, als de universele broederlijkheid die MLK predikt 'witte suprematie' is, dan ben ik maar witte supremacist. Sterker nog: volgens andere activisten als Ibram X. Kendi is dat universele, postraciale Verlichtingsideaal veel gevaarlijker dan de obsessie met raszuiverheid bij extreemrechts. Gevaarlijk man dus, die MLK.
Voor de volledigheid: meestal bedoelen dat type activisten dat 'Kingiaans' of humanistisch verzet tegen racisme een doekje voor het bloeden is. Of een snelle uitweg voor de schuldigen. Een aflaat als het ware. Het eigenlijke probleem zit immers verweven in 'het systeem'. Racisme is voor hen geen louter menselijke smet. Het is zelfs niet zomaar een gevolg van het systeem: het is er een noodzakelijke voorwaarde, onderdeel én gevolg van. Daardoor moet het ganse economisch-politiek-filosofische project waaronder we leven omver worden geworpen, eerder dan op individuele broederschap of symbooldossiers te focussen. Dat mogen zij natuurlijk vinden. Al lijkt de slaagkans van zo'n ingrijpend revolutionaire doelstelling me bescheiden. Maar goed: terug over MLK.
We voelen aan dat diens broederlijkheid ook niet zomaar een retorisch trucje is. Het is bekend hoe rustig hij bleef wanneer hij in de borst gestoken werd. Zelfs de meest hatelijke, gore racisten noemt hij 'our sick white brothers'. Als een tragische held bestrijdt hij het onrecht van de samenleving waaruit hij voortkomt, goed wetende dat diezelfde samenleving, spijts het eindeloze mededogen en geduld waarmee hij zelf te werk gaat, hem uiteindelijk zal vellen. Hij heeft de daders op voorhand al vergeven.
Ondanks de scherpe visie voor massabewegingen en de impact van bijvoorbeeld economische boycots verloor King nooit het individu uit het oog. Ook dat is weer een kenmerk van een humanistische waardering voor de persoon. Het einddoel van politieke actie is de persoonlijke vrijheid en zelfontplooiing. Een mens is dan ook nooit zomaar een middel, of is te herleiden tot diens groepskenmerken. Ook een individu kan een verzetsdaad plegen en in waarde leven: 'A man can't ride your back unless it's bent'. De gemeenschap is een verbond van burgers, maar burgers zijn niet louter deel van een gemeenschap. Utopische projecten die de samenleving wél zo hebben benaderd, zijn op vreselijke rampen uitgelopen. King toont ons ook nu nog, een halve eeuw later, de kracht van democratische en humanistische waarden, van broederlijkheid en mededogen. Die idealen sluiten geen krachtdadige actie uit: wel integendeel. Het verleden toont dat vooruitgang niet vanzelf ging. Laten we het werk van King dan ook samen verderzetten. Of we ooit in het beloofde land zullen raken, kan ik niet beloven. Maar het uitzicht hoger op de berg is vast veel mooier.
De volledige speech van zo'n drie kwartier inclusief transcriptie vind je hier.
De kern van de boodschap is te vinden in deze versie, waarbij het krachtigste moment uit de inleiding gekoppeld wordt aan de bekende laatste minuten.
Kwintessens
Wietse Wiels is arts en publicist. Als humanist heeft hij een interesse in de geschiedenis van de christelijke doctrines. (Foto © Jozef Van Giel)
_Wietse Wiels -
Meer van Wietse Wiels

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws