Kwintessens
Geschreven door Channa Cattoir
  • 675 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

17 augustus 2020 Waar mag een mens in deze hitte nog zijn?
Tijd om de verdeling van onze openbare ruimte in vraag te stellen.
'België' zou zijn afgeleid van het Latijnse 'Belgium', vrij vertaald: 'Lage Landen'. Traditioneel een gebied waar dus veel water aanwezig zou moeten zijn. Theorieën over de etymologische oorsprong van de naam 'Vlaanderen' bevestigen die veronderstelling: 'Vlaanderen' zou afkomstig zijn van het woord 'flaum', wat 'overstroomd of overspoeld land' betekent, 'land dat regelmatig onder water staat'.
'Waar is al dat water dan gebleven?', vraagt een mens zich vandaag af. Het in Vlaanderen bijzonder geslaagde verstedelijkingsproces heeft onze openbare ruimte drastisch veranderd. Vandaag beheren en besturen we het water op ons grondgebied zodat het past in ons idee van orde. We trokken rivieren recht of verlegden ze zelfs. We zorgden ervoor dat overtollig water wegstroomt, via riolering en waterwegen naar zee. Op zich zijn dit grootse verwezenlijkingen die ons tonen tot wat de mens in staat is. Vandaag echter – in een context van klimaatopwarming en bijbehorende hittegolven – dienen we onze relatie met water opnieuw in vraag te stellen. Hittegolven zijn de laatste jaren namelijk meer de regel dan de uitzondering.
Sommigen onder ons hebben het geluk te beschikken over een tuin met grote bomen die verkoeling bieden. Sommigen hebben de middelen om een zwembad of zwemvijver in hun tuin te kunnen plaatsen. Anderen behelpen zich met opblaaszwembadjes. Velen ervaren hittegolven echter als uitzichtloze dagen zonder verkoeling.
In non-COVID-tijden trekken Belgen tijdens hittegolven massaal naar zee, of zoeken verkoeling in provinciale domeinen met zwemgelegenheid. In COVID-tijden zijn die openbare plaatsen plots geen vanzelfsprekendheid meer. Na een bijzonder drukke zaterdag aan de kust besloten Blankenberge en Knokke-Heist de zondag daaropvolgend extra bezoekers te weren. Wie Knokke-Heist nog wou bezoeken, moest aantonen dat hij of zij daar een verblijf heeft, of dat men er moest zijn voor zaken. Ook provinciale domeinen zaten dagen stampvol. Plaatsen waar men werkte met een reservatiesysteem (bijvoorbeeld de Blaarmeersen in Gent) waren volgeboekt of sloten zelfs de deuren omdat ze de drukte niet de baas konden (denk aan het domein Nieuwendonk in Berlare).
Bij de rechtvaardiging voor dergelijke beslissingen wijst men telkens op de drukte omwille van de hoge temperaturen en de nog steeds aanwezige pandemie. De veiligheid kan niet gegarandeerd worden, afstand niet gehandhaafd en regels niet gecontroleerd.
Het is niet mijn plaats om te oordelen wanneer ergens wel of niet te veel volk aanwezig is. De huidige pandemie vormt voor politici een uitdaging van jewelste, en ik begrijp dat men liever het zekere voor het onzekere neemt. Toch voelde ik tijdens het lezen van deze nieuwsberichten een groeiend gevoel van sociale onrechtvaardigheid.
Badsteden weren bezoekers, maar niet alle bezoekers. Wie een overnachting kan boeken en betalen, blijft welkom. Maar wat met alle anderen? Wat met zij die niet op tijd konden reserveren? Wie verkoeling zoekt in openbare wateren waar zwemmen niet is toegelaten riskeert gasboetes die kunnen oplopen tot 350 euro. Met temperaturen die oplopen tot 37 graden Celsius en zonder uitzicht op verkoeling ... waar mag een mens in deze hitte nog kruipen?
Van wie is de kust? Van wie zijn provinciale domeinen, vijvers en rivieren? Van België? Van alle Belgen? Of is de kust alleen van kustbewoners en de Blaarmeersen alleen van Gentenaren? En wie verdient de afkoeling die het water aan de kust en de Blaarmeersen biedt?
Hittegolven worden volgens klimaatwetenschappers helaas een terugkerend fenomeen, en het einde van COVID-19 lijkt nog niet in zicht. Hoe en onder wie we onze openbare ruimte verdelen lijkt me vandaag dus meer dan ooit een pertinente vraag. Zelf heb ik de oplossing nog niet gevonden, maar ik zou graag voorstellen om bij beslissingen als deze niet alleen te kijken naar eigendomspapieren en economische opportuniteit. Anders dreigen de mensen die de afkoeling het meest nodig hebben, het zwaarst benadeeld te worden. Anders vertellen we die mensen dat hun comfort, hun ontspanning en bij uitbreiding zij zelf, er op dit moment even minder toe doen.
_Links
Kwintessens
Channa Cattoir bestudeert voeding vanuit een ethisch kader. Als masterstudente in de moraalwetenschappen verdiepte ze zich de afgelopen jaren in de relatie tussen vleesconsumptie, milieu en klimaat.
_Channa Cattoir -
Meer van Channa Cattoir

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws