Kwintessens
Geschreven door Karel D'huyvetters
  • 1420 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

15 april 2022 Pasen
Ik weet dat het de paastijd is, maar ik heb geen idee wanneer Pasen valt dit jaar. Kerstmis is op een vaste datum, maar de datum van Pasen moet je elk jaar berekenen: de eerste zondag na de eerste vollemaan na de lente-evening. Maar ook die lente-equinox, dus het moment in de lente dat de dagen en de nachten even lang zijn, is lichtjes veranderlijk. In 2019 was dat 20 maart, en over honderd jaar is het 19 maart. Maar de datum waarvan men uitgaat voor de berekening is traditioneel 21 maart. Volgens de vermelde definitie kan Pasen dus ten vroegste vallen op 22 maart, dat is namelijk de eerst mogelijke zondag na 21 maart, en dan was er op 21 maart ook vollemaan. Als er vollemaan is op 20 maart is de volgende vollemaan pas 29 dagen later, dat wordt dan 18 april. Als dat een zondag is, is de eerste zondag na de vollemaan van 18 april dus 25 april, en dat is de laatst mogelijke datum voor Pasen. De datum van Pasen kan dus meer dan een maand verschillen. Waarom we nog altijd aan dat mythische systeem blijven vasthouden, weet geen mens. Pasen is een zeer christelijke traditie, maar het is vreemd dat men wel de geboortedag van de figuur Jezus vastgelegd heeft op 25 december, maar de gedenkdag van zijn wederopstanding, en dus ook van zijn kruisdood, laat afhangen van de stand van de zon en de maan. Let wel, ook 25 december heeft te maken met stand van de zon: 21 december is immers de dag van de winterevening.
Jonge mensen kunnen zich amper voorstellen hoe christelijk mensen zoals ik opgevoed zijn. Pasen was zowat het godsdienstige hoogtepunt van het jaar. Er ging een periode aan vooraf van veertig dagen vasten, en de laatste, Goede Week was gekenmerkt door zeer aangrijpende vieringen, te beginnen met Palmzondag, dan Witte Donderdag, Goede Vrijdag, paaszaterdag en dan het paasfeest zelf op zondag. In de vieringen kwam het passieverhaal uitvoerig aan bod, voorgelezen, gezongen en zelfs als een soort musical of oratorium. De meest befaamde vormen daarvan zijn de Passies van Bach en andere grootmeesters, en natuurlijk de Messiah van Haendel. Nog altijd worden uitvoeringen daarvan jaarlijks rond deze tijd bijgewoond door grote aantallen liefhebbers, ongelovigen zowel als gelovigen.
Enkele dagen geleden heb ik ook nog eens geluisterd naar de hele Messiah, in een mooie uitvoering onder leiding van Jordi Savall. Ik had het moeilijk om me helemaal in te leven. Ik ken de muziek en de woorden grotendeels vanbuiten, ik luister er al naar sinds mijn prilste jeugd, ik moet alles zeker al meer dan honderd keer gehoord hebben. Maar doordat ik met de jaren meer en meer uitgesproken atheïst geworden ben, erger ik me ook meer aan de teksten, en dan wordt het moeilijk om nog van de muziek te genieten, natuurlijk. Wat me vooral stoort, is dat het een verhaal is over een mens die echter ook God is. Als het een louter menselijk verhaal was, zou je kunnen meeleven met wat een goed mens, een prediker, overkomen is. Maar dat is het niet: Jezus is ook de Zoon van God en zelf ook God, die hier dertig jaar geleefd heeft als mens. En dat merk je voortdurend in de teksten en in de muziek die daarop gecomponeerd is. Als een onschuldige mens de marteldood sterft is dat een schrijnend verhaal, maar als dat Gods Zoon zelf is? Het is heel verwarrend. En als atheïst heb je natuurlijk niets aan al de theologie en de piëteit die je meekrijgt. Kortom, mijn ervaring was veel minder aangrijpend dan lang geleden, en het genieten was vooral van de muziek, waarbij ik probeerde de teksten te verdringen, zonder veel succes overigens, want bij de beste componisten vertolkt de muziek ook de tekst.
Het passieverhaal is het hoogtepunt van het verhaal van deze Godmens. God kan moeilijk meer menselijk voorgesteld worden dan op deze manier. Dit is wat men antropomorfisme noemt: God krijgt alle kenmerken van de mens, vooral de goede, en dan in de hoogste mate. En dat is precies wat het minst op God van toepassing is, als je er ernstig over nadenkt. Ook moderne theologen zijn het daarmee eens. Maar dat is wel wat je te horen krijgt in de passies en de Messiah, en dat is ook waarmee wij opgevoed zijn: een zeer persoonlijke, menselijke God en een zeer menselijke Christus. De kerk put zich uit in het affirmeren van de historische figuur van Jezus, met de wonderbaarlijke geboorte, al de parabelen, mirakelen, het lijdensverhaal en de opstanding en de hemelvaart. Als kind ga je daarin mee, je wordt onweerstaanbaar meegesleurd, want alles en iedereen doet mee aan de voorstelling, elke dag, elk jaar opnieuw.
Godsdienst is gebaseerd op verhalen. Maar niet zomaar verhalen: het zijn ware verhalen, waaraan niet mag worden getwijfeld. Het zijn géén parabels, geen metaforen. Het is allemaal werkelijk zo gebeurd, het hele Oude Testament en het hele Nieuwe. De schepping, Mozes en de profeten en al de rechters en koningen, Jezus van Nazareth, de apostelen, de evangelisten, en vooral ook Paulus, de ware stichter van het christendom. Maar als puntje bij paaltje komt (dus als de puntjes op de i gezet worden), gaat het om verhalen die mensen geschreven hebben, zoals ze zoveel andere verhalen hebben geschreven. Er is in feite geen enkele reden waarom precies deze verhalen, van het Oude en het Nieuwe Testament, wel waar zouden zijn, en dan nog letterlijk ook. Er zitten zoveel mythische elementen in, zoveel interne tegenspraken, zoveel ongerijmdheden, dat een moderne mens ze echt niet ernstig kan nemen. Het gaat ook niet om objectieve geschiedkundige werken, maar veeleer om verzinsels om een bestaande toestand een fictieve historische of bovennatuurlijke achtergrond te geven: etiologische sagen, noemt men dat. Men besteedt veel te weinig, of zo goed als geen aandacht aan de ontstaansgeschiedenis van deze teksten en aan hun auteurs. Het waren gewone mensen die ze eerst vertelden, en later, soms veel later opschreven en herschreven, meestal met bepaalde bedoelingen, en in opdracht van de machthebbers, die daarmee hun macht wilden bekrachtigen. Het is literatuur, geen Godsspraak. Het is verbijsterend dat men dat tweeduizend jaar lang ontkend en verdrongen heeft, en dat nog altijd doet. Mozes, Christus en Paulus, om slechts die te noemen, zijn geen historische personen, maar literaire personages zoals Frodo en Harry Potter. De teksten zijn niet door God geschreven of ingegeven, maar door mensen zoals jij en ik. Als men ze zo leest, dan krijgen ze een heel andere betekenis, en verliezen ze hun sacraal karakter helemaal. Men kan er dan nog uithalen wat eruit te halen valt, maar veel heeft dat niet te betekenen, en in alle geval niet meer dan men in andere teksten, in andere talen en tijden, kan aantreffen.
Bij het beluisteren van de Messiah en van Bachs Passies voel ik me dus vooral bedrogen. Zo is het niet, dit zijn verzinsels. Händel en Bach hebben optimaal ingespeeld op de vrome gebruiken van hun tijd en hebben al hun vaardigheden aangewend om aan godsdienstige teksten de best mogelijke vorm te geven. Het zijn ongetwijfeld muzikale meesterwerken, maar ze worden ten gronde ontsierd door teksten die men niet (meer) ernstig kan nemen, hoe vertrouwd ze ons ook in de oren klinken. En daardoor kunnen ze ons niet meer overtuigen of ontroeren, tenzij op sommige momenten, wanneer de muziek het meest aangrijpend en de teksten algemeen-menselijk genoeg zijn om ons niet meer af te stoten door hun godsdienstige ongerijmdheid en hun ontmenselijkende piëteit.
Kwintessens
Karel D’huyvetters (°1946) legt zich toe op de geschiedenis van het atheïsme en het antiklerikalisme. Van hem verschenen Nederlandse vertalingen van de belangrijkste werken van Spinoza, met uitvoerige commentaren. Hij onderhoudt een website over Spinoza en een persoonlijke website.
_Karel D'huyvetters -
Meer van Karel D'huyvetters

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws