John Milton
Benny Madalijns
fictie
  • 38 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

6 januari 2026 Het paradijs herwonnen
Wat, beste lezers, als een fout niet het laatste woord heeft? Wat als falen geen eindpunt is, maar een begin van inzicht? Zulke vragen raken aan iets wezenlijks in het menselijk bestaan. Ze klinken door in persoonlijke ervaringen van schuld en herstel, maar ook in de grote verhalen waarmee culturen zin proberen te geven aan verlies en hoop.
Ergens in de zeventiende eeuw gaf John Milton aan die vragen een literaire vorm die tot vandaag blijft resoneren. Met Het paradijs herwonnen, in de nieuwe vertaling, inleiding en toelichting van Ruben Fransoo, wordt duidelijk dat Miltons antwoord niet schuilt in spektakel of macht, maar in standvastigheid en innerlijke vrijheid. Die thematische omkering formuleert Milton zelf al in de openingsregels van Paradise Regained:
 
BOEK I
 
Ik die voorheen de blijde tuin bezong,
verloren door de ongehoorzaamheid
van een, bezing hoe voor de mensheid nu
de onverzetbare gehoorzaamheid
van een het paradijs heroverde.
Hij werd door veel verleidingen beproefd
maar won van de Verleider, strikte hem
in al zijn eigen listen, joeg hem weg
en wekte Eden in de woestenij.
Jij Geest, die deze kluizenaar voortdreef
in de woestijn, de plaats van zijn triomf,
waar hij de geestelijke vijand kon
verslaan en zo bewijs geleverd hebt
dat hij de Zoon van God is, inspireer,
naar jouw gebruik, mijn ingegeven lied
dat anders stil zou zijn. Verspreid het dan
tot aan de hoogste en de laagste grens
van de natuur met volle vleugelslag.
Wat meer is dan een heldenwerk wil ik
bezingen, al werd het in het geheim
gedaan en bleef het eeuwen onvermeld,
niet waard dat niemand het tot nu bezong.
 
(pagina 61)
Met deze regels positioneert Milton zijn gedicht expliciet als tegenhanger én voltooiing van Paradise Lost. Hij herneemt zijn eerdere epos, maar keert het perspectief om: waar Paradise Lost de ongehoorzaamheid bezingt die Eden vernietigt, bezingt Het paradijs herwonnen de gehoorzaamheid die Eden in de woestijn doet herleven.
Paradise Lost is een werk van monumentale allure. Het beschrijft de zondeval in kosmische termen: de opstand van Satan, de strijd tussen engelenlegers, de verleiding van Adam en Eva. Satan groeit uit tot een van de meest intrigerende figuren uit de wereldliteratuur: trots, retorisch briljant en tragisch zelfbewust. Tegenover die dramatische energie lijkt de mens bijna onvermijdelijk te falen. Toch eindigt het epos niet in wanhoop. In de laatste boeken klinkt de belofte van een ander, ‘gelukzaliger’ paradijs - niet als plaats, maar als morele mogelijkheid.
Het paradijs herwonnen neemt die belofte ernstig. Het gedicht concentreert zich op één beslissend moment: de verzoeking van Jezus in de woestijn. Milton vergroot een kort evangelisch fragment uit tot een intens moreel drama, waarin de strijd niet langer kosmisch is, maar innerlijk. Geen engelenoorlogen, geen val van hemelse tronen, maar een dialoog tussen twee stemmen: die van de Verleider en die van de standvastigheid.
Satan biedt Jezus alles aan wat in de wereld telt: voedsel, rijkdom, politieke macht, culturele grootheid en roem. Zijn argumentatie is pragmatisch en verleidelijk: hoe kan iemand de wereld redden zonder invloed? Hoe kan een ideaal standhouden zonder middelen? Jezus wijst alles af. Niet uit wereldvreemdheid, maar uit inzicht dat ware autoriteit niet voortkomt uit overheersing, maar uit trouw aan het goede.
Milton maakt van deze dialoog een spiegel van de menselijke conditie. De strijd tussen Jezus en Satan is tegelijk de strijd die elk individu voert tussen verlangen en overtuiging, tussen onmiddellijke winst en langdurige trouw. Het paradijs dat hier wordt ‘herwonnen’ is geen geografische ruimte, maar een innerlijke houding: zelfbeheersing, helderheid en morele consistentie.
Een van de meest betekenisvolle verschillen tussen Paradise Lost en Het paradijs herwonnen betreft Miltons opvatting van vrijheid. In het eerste epos lijkt vrijheid samen te vallen met keuzevrijheid: Adam en Eva zijn vrij omdat zij kunnen kiezen, zelfs verkeerd. Hun val is het tragische gevolg van die vrijheid. 
In Het paradijs herwonnen krijgt vrijheid een andere, paradoxale betekenis. Jezus is vrij juist omdat hij niet wankelt, omdat hij niet telkens opnieuw moet kiezen. Zijn vrijheid ligt in zijn onverzettelijkheid. Milton suggereert hiermee dat ware vrijheid niet bestaat uit grenzeloze mogelijkheden, maar uit innerlijke trouw. Dat maakt het gedicht opvallend actueel. In een cultuur waarin vrijheid vaak wordt opgevat als onbeperkte keuze, stelt Milton er een vrijheid tegenover die juist vorm krijgt door zelfbeperking en morele helderheid.
Daarmee samenhangend onderzoekt Milton het onderscheid tussen macht en autoriteit. Satan denkt in termen van heerschappij: politieke controle, zichtbare invloed, culturele dominantie. Jezus verwerpt dat kader volledig. Hij kiest niet voor de macht over anderen, maar voor de heerschappij over zichzelf. Die keuze verleent Het paradijs herwonnen een uitgesproken politieke dimensie, zij het zonder slogans of pamfletten.
Milton schreef dit werk na de Engelse Burgeroorlog en na de mislukking van de republikeinse idealen waarvoor hij zelf had gestreden. De Restauratie van de monarchie betekende voor hem niet alleen een politieke nederlaag, maar ook een morele crisis. In dat licht gelezen is Het paradijs herwonnen het werk van een auteur die de grenzen van politieke macht heeft ervaren en zich afvraagt wat er overblijft wanneer geschiedenis en idealen uiteenlopen. Het antwoord is sober maar radicaal: innerlijke trouw.
Stilistisch sluit het gedicht bij deze thematiek aan. Satan is welsprekend, vindingrijk en onvermoeibaar in zijn retoriek. Jezus daarentegen spreekt weinig en beknopt. Zijn kracht ligt niet in overtuigingskracht, maar in zwijgen op het juiste moment. Milton suggereert daarmee dat taal zelf moreel beladen is: welsprekendheid kan verleiden, maar waarheid heeft genoeg aan eenvoud. Dat maakt Jezus tot een ongebruikelijke protagonist. Als literair personage is hij minder flamboyant dan Satan, minder dramatisch, minder verleidelijk. Maar precies daarin schuilt Miltons punt. Hij ondergraaft het klassieke heldenideaal en toont dat morele waarheid niet noodzakelijk samenvalt met esthetische aantrekkingskracht. Het goede is niet spectaculair, maar standvastig.
Miltons blijvende belang voor de literatuur ligt in deze verschuiving van kosmos naar geweten. Hij staat op een kruispunt van tijden: diepgeworteld in de Bijbel, de klassieke oudheid en de renaissance, maar tegelijk vooruitwijzend naar een modern besef van individualiteit en innerlijke verantwoordelijkheid. In Paradise Lost speelt de strijd zich nog af op kosmisch niveau; in Het paradijs herwonnen verplaatst zij zich naar het innerlijk. Het paradijs wordt geen plaats meer, maar een morele toestand.
Die beweging maakt Milton tot een sleutelfiguur in de overgang van een hiërarchisch wereldbeeld naar een introspectieve ethiek. Zijn werk stelt niet alleen theologische vragen, maar ook existentiële: hoe leef je juist in een wereld waarin zekerheden zijn weggevallen? Hoe blijf je trouw aan jezelf wanneer de geschiedenis je ongelijk lijkt te geven?
Als vrijdenker, met een bijzondere belangstelling voor literatuur op het snijvlak van ethiek, geschiedenis en filosofie, ervaar ik het lezen van een christelijk geïnspireerd werk als dit niet als een religieuze oefening, maar als een intellectuele en morele uitdaging. Integendeel: juist dergelijke teksten blijken vandaag bijzonder aantrekkelijk, omdat zij vragen stellen die de grenzen van hun eigen geloofskader overstijgen. Miltons gedicht dwingt niet tot geloof, maar tot nadenken - over vrijheid, verantwoordelijkheid, macht en innerlijke samenhang.
In een tijd waarin morele overtuigingen vaak worden gerelativeerd of herleid tot persoonlijke voorkeur, is het verhelderend om een auteur te lezen die zijn ethische positie zonder ironie en zonder cynisme doordenkt tot het uiterste. De christelijke verbeelding fungeert hier niet als dogma, maar als denkraam: een streng, coherent systeem waarin fundamentele menselijke vragen met maximale ernst worden onderzocht. Precies daarom behouden zulke werken, ook voor niet-gelovige lezers, hun kracht en actualiteit.
Ruben Fransoo, de auteur van dit pareltje, is classicus en literair vertaler, met een bijzondere belangstelling voor vroegmoderne literatuur, poëtica en de wisselwerking tussen theologie en taal. Hij publiceerde eerder vertalingen en essays waarin hij klassieke en religieuze teksten benadert vanuit een uitgesproken filologisch én literair perspectief. Die dubbele achtergrond - academisch onderbouwd, maar gericht op leesbaarheid - verklaart de zorgvuldige balans in deze vertaling tussen trouw aan Miltons origineel en toegankelijkheid voor de hedendaagse lezer.
Die achtergrond werpt direct zijn vruchten af. Door te kiezen voor een heldere, hedendaagse taal vermijdt Fransoo zowel archaïsche plechtigheid als moderne vrijblijvendheid. Zijn uitvoerige inleiding en toelichting situeren het gedicht zorgvuldig in Miltons oeuvre en historische context en maken duidelijk waarom Het paradijs herwonnen gelezen moet worden in samenhang met Paradise Lost.
In tegenstelling tot eerdere vertalingen, die soms verzandden in stilistische opsmuk, blijft deze versie trouw aan Miltons sobere kracht. De tekst nodigt uit tot aandachtig lezen en laat ruimte voor reflectie - precies zoals het origineel dat beoogt.
Mijn besluit. 
Het paradijs herwonnen is zeer zeker niet zomaar een voetnoot bij Paradise Lost, maar diens noodzakelijke voltooiing. Samen vormen de twee werken een tweeluik over verlies en herstel, over verleiding en volharding. Zonder dit tweede luik blijft het eerste onvoltooid: een tragedie zonder ethische horizon. Dankzij deze nieuwe vertaling kan de Nederlandstalige lezer eindelijk ervaren hoe radicaal en actueel Milton hier is. In een tijd van morele onzekerheid en politieke desillusie klinkt zijn boodschap verrassend helder: ware overwinning ligt niet in macht, maar in standvastigheid; het paradijs is geen verloren plaats, maar een innerlijke ruimte die telkens opnieuw kan worden herwonnen.
 
Een boek om van te genieten. Ook als onverbeterlijke, ongelovige vrijgeest.
AMEN.
 
Benny Madalijns
John Milton
Benny Madalijns
fictie
Madalijns is van opleiding Leraar Beeldende Kunsten en doctor in de Archeologie & Kunstwetenschappen. Hij is schrijver van amper te publiceren verhalen over denken & doen, zoals het boek 'Ondanks alles / Malgré tout' (ASP). En schilder & collagist van zo maar wat bedenkingen van geest & gemoed. (Foto: Jean Cosyn - VUB)
_Benny Madalijns -
Meer van Benny Madalijns

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies