27 januari 2026
VERDWENEN STEDEN
Deze Britse historicus promoveerde aan de University Oxford op de geschiedenis van de Oudheid. Philip Matyszak is momenteel verbonden als docent aan de University Cambridge wat hem niet verhindert een zeer productieve auteur te zijn van meer dan twintig gemakkelijk toegankelijke historische werken. Zijn boek ‘Vergeten Volkeren’ uit 2020 ligt in de lijn van het besproken werk, een logisch vervolg er op.
Het werk is onderverdeeld in vier tijdsvakken van de vroege Prehistorie tot het Laat-Romeinse rijk, waarbij 37 verdwenen steden, verspreid over Europa, Afrika en het Nabije en Verre Oosten, belicht worden. De meeste van deze steden kenden een enorme bloei maar toch verdwenen zij zowel door natuurrampen, zoals aardbevingen en verzandingen van stromen en havens, als door menselijke tussenkomst, hoofdzakelijk krijgsverrichtingen met plundering en totale verwoesting. Zo zijn de meeste in vergetelheid geraakt en slechts sinds kort opnieuw onder de aandacht gekomen.
Ieder deel vangt aan met een geografische en sociaaleconomische situering in de tijd. De oudste steden zijn meestal terug te vinden in het Nabije Oosten: Mesopotamië, Anatolië, Cappadocië en het huidige Syrië. De regio tussen Tigris en Eufraat kende van 2000 v.Chr. tot het begin van onze jaartelling een uitzonderlijk hoge maatschappelijke en culturele ontwikkeling. Denken wij maar aan Palmyra en het minder bekende Mardaman en Akkad.
In het tweede deel Van Troje tot Rome komen steden aan bod die eerder door menselijk toedoen verdwenen zijn. Ze werden met elkaar verbonden door een uitgebreid wegennetwerk om snelle troepenverplaatsingen mogelijk te maken. Dit werkte de expansie van het Romeinse Rijk in de hand met de eraan verbonden verwoestingen van de veroverde gebieden en steden.
De Romeinen richtten ook nieuwe steden op naar een vast model. Steden die daar niet aan voldeden werden verlaten of grondig geherstructureerd. De steden groeiden niet organisch uit een gehucht of dorp maar werden vaak uit het niets opgebouwd op een zorgvuldig uitgekozen locatie in functie van militaire en economische doelstellingen. Zo werd in 9 v.Chr. de stad Waldgirmes gesticht in het Lahntal, ongeveer 100 km ten oosten van de Rijn. Na de nederlaag van de Romeinse troepen in het Teutoburger Wald, waarbij in 9 n.Chr. drie legioenen in de pan gehakt werden, trok Rome zich terug achter de Rijn en werd de stad in hetzelfde jaar verlaten, amper dertien jaar na de oprichting ervan.
In het laatste deel worden steden behandeld die aan de grens van het Romeinse Rijk lagen of net daarbuiten. Rome werd meer en meer bedreigd door de volksverhuizingen en de noodzaak groeide tot versterking van de buitengrenzen. Veel grenssteden werden verwoest. Er kwamen weinig nieuwe steden bij. Onder religieuze invloed werden steden ook heringericht. Badhuizen, arena’s en theaters verdwenen om plaats te maken voor kerken en kloosters. De urbanisatie werd ook minder strikt. De steden ontstonden en groeiden op meer natuurlijke wijze.
De auteur laat ons kennis maken met een aantal verdwenen steden waarvan het bestaan vrijwel onbekend is. Met uitzondering van historici van de Oudheid zullen weinigen ooit gehoord hebben van Catalhöyük, Shara Brae, Pavlopetri, Tigranocerta… Van iedere stad wordt in een kort hoofdstuk het ontstaan, de bloei, het economisch en politiek belang en de ondergang geschetst. Telkens wordt ook vermeld wat er nu nog te zien is en of de ruïnes ook kunnen bezocht worden.
De lezer moet geen diepgaande, uitvoerige beschrijving van de steden verwachten. Dit is ook niet mogelijk wanneer 37 steden aan bod moeten komen op 275 pagina’s. Dit was ook niet de bedoeling van de schrijver.
Het werk biedt wel een mooi overzicht en de korte hoofdstukken maken het erg toegankelijk. De auteur is een boeiende verteller die ons een snelle hap voorschotelt als introductie tot eventuele verdere studie.
Tenslotte verdient ook de uitgeverij een speciale vermelding. Het boek is prachtig geïllustreerd met talrijke kleurenfoto’s van ruïnes en archeologische vondsten. Dit alles in een genaaide editie wat toch een zeldzaamheid wordt.
Een boek om zeker te koesteren als naslagwerk over verdwenen steden.
Ignace Claessens