Het Vrije Woord
Geschreven door Sammy Bouzoumita, Evelien de Kezel, Jeroen De Mets en Bruno Lietaert
  • 52 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

2 februari 2026 Menselijke waardigheid stopt niet aan de gevangenispoort
'Ik denk dat rechters tegen noodmaatregelen onder de vorm van strafvermindering zouden kunnen protesteren. Dat ze op de barricades zouden kunnen gaan staan als aan hun autonomie geraakt wordt.'
Die uitspraak hoorden wij deze week in een podcast. Ze raakte een gevoelige snaar. Niet omdat het publieke debat al te vaak blijft hangen in een achterhaalde strijd tussen machten waarin magistraten gemakshalve als tegenpartij worden opgevoerd, maar omdat de situatie zo ontspoord is dat morele reflexen – van wie ze ook afkomstig zijn – het probleem niet langer kunnen dragen.
Men kan magistraten vandaag moeilijk blijven verwijten dat ze wegkijken. Het is uitzonderlijk dat we een nieuwjaarstoespraak van de koning citeren, maar zijn woorden blijven nazinderen: 'Ik roep de politieke en gerechtelijke autoriteiten op om het probleem van de overbevolking in onze gevangenissen krachtdadig aan te pakken.'
Magistraten werken al langer dan die oproep mee aan oplossingen. Zo kwamen in april 2025 tijdens een conferentie over overbevolking magistraten samen met academici, beleidsverantwoordelijken, middenveld en politici rond één gedeelde vaststelling: het probleem laat zich niet herleiden tot één schakel in de strafrechtsketen. Binnen de magistratuur bestaan daarover uiteenlopende visies, maar de erkenning dat de toestand in onze gevangenissen een kernvraag van de rechtsstaat raakt, wordt breder gedeeld dan ooit.
In die context richtte minister Verlinden in augustus 2025 de Commissie Overbevolking op. Niet om bestaande actoren te vervangen, maar om een structurele leemte te vullen: een plek waar overbevolking expliciet wordt benaderd als een collectief probleem over de hele strafrechtsketen heen. De meerwaarde ligt precies in die verschuiving van perspectief: niet vertrekken vanuit bevoegdheden, maar vanuit de vraag hoe het geheel wél kan functioneren.
Dat structurele werk is noodzakelijk en waardevol. Maar voor de honderden grondslapers verandert het vandaag niets.
Daarom zijn ook tijdelijke noodmaatregelen, gekoppeld aan versterkingen in zorg, capaciteit en begeleiding naar terugkeer, noodzakelijk. Het alternatief is mensen en personeel verder laten vastlopen in een systeem dat vandaag zichtbaar kraakt.
Dat gebrek aan onmiddellijke verbetering op het terrein is gevaarlijk. Het is al vaak gezegd: het detentiedrama is geen geïsoleerd handhavingsprobleem van Justitie. Het is het eindpunt van een keten die begint bij armoede, psychische kwetsbaarheid, verslaving, gebrekkige hulpverlening en maatschappelijke uitsluiting. Daklozen, mensen met psychische problemen en verstandelijke beperkingen waarvoor in de reguliere zorg geen plaats is, belanden bijna vanzelf in de gevangenis. Die sluit op wat elders structureel fout loopt.
Omdat die realiteit voor veel burgers ver van hun bed lijkt, wordt ze te gemakkelijk genegeerd. Tot de gevolgen voelbaar worden: meer onveiligheid, hogere recidive, enorme maatschappelijke kosten en een systeem dat steeds minder herstelt en steeds meer beschadigt.
Wie het recente televisieprogramma De Rechtbank zag, herinnert zich misschien de herstelkamer in Gent. Een man had dringend behandeling nodig, maar kon nergens terecht. Geen residentiële opname, nauwelijks ambulante begeleiding. De rechter, het parket, de justitieassistent – en vooral de man zelf – stonden met lege handen. Het toont haarscherp waar het schoentje wringt: investeren in zorg en begeleiding is goedkoper, menselijker en effectiever dan mensen opsluiten in een overvolle gevangenis die niets meer oplost.
Niemand wil aan een moeder, vader, partner, broer, zus of kind moeten uitleggen waarom hun familielid zelfs niet in een bed kan slapen, laat staan aangepaste zorg krijgt. Niemand wil moeten verantwoorden waarom gevangenispersoneel dag na dag gedwongen wordt getuige te zijn – en tegen hun wil in medeverantwoordelijke te worden – van ontmenselijkende situaties.
Niemand wil bijvoorbeeld uitleggen waarom een persoon met het syndroom van Down in de gevangenis belandt terwijl de directie zelf niet eens met zekerheid weet of hij geïnterneerd dan wel gedetineerd is. Wat maakt het ook uit, wanneer de uitkomst dezelfde blijft: geen aangepaste begeleiding, geen behandeling, geen perspectief. Niemand wil moeten verantwoorden waarom mensen na een zelfmoordpoging naakt in een isolatiecel terechtkomen, waar uitwerpselen van duiven aan het raamkozijn het enige gezelschap vormen.
Tegenover de populistische reflex – 'geef ze water en brood en doe de deur op slot' – zouden beleidsmakers burgers veel vaker een spiegel moeten voorhouden. Gedetineerden komen immers ook weer buiten. Daar valt niet aan te ontsnappen. Tien jaar later is de straf uitgezeten en laten we geen mens meer vrij, maar iemand die ontmenselijkt is. En dan kom jij hem tegen.
Wie vandaag pleit voor tijdelijke maar onmiddellijke noodmaatregelen die écht zoden aan de dijk zetten, doet dat niet lichtzinnig, maar omdat de menselijke schade elke dag verder oploopt – en dat kan geen samenleving aanvaarden.
Het is ver gekomen dat magistraten zelf moeten herhalen wat evident zou moeten zijn: geen enkel institutioneel prerogatief rechtvaardigt dat deze toestand blijft voortbestaan.
Menselijke waardigheid stopt inderdaad niet aan de gevangenispoort. Wie dat vergeet, verliest niet alleen de mens achter de gevangene uit het oog, maar ook de samenleving die hij zegt te willen beschermen.
(Tekst oorspronkelijk gepubliceerd in De Standaard, 30 januari 2026. Overgenomen met toestemming van de auteurs.)
Het Vrije Woord
Sammy Bouzoumita, Evelien de Kezel, Jeroen De Mets en Bruno Lietaert (het bestuur van Magistratuur & Maatschappij)
_Sammy Bouzoumita, Evelien de Kezel, Jeroen De Mets en Bruno Lietaert -
Meer van Sammy Bouzoumita, Evelien de Kezel, Jeroen De Mets en Bruno Lietaert

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws