Het Vrije Woord
Geschreven door Johan Swinnen
  • 75 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

31 juli 2026 Panorama van Aotearoa #21: Māpua, Gordon Toi en de huid als geheugen
In Māpua ontmoet ik een Māori-kunstenaar bij wie moko* geen decoratie is, maar een vorm van afstamming, genezing en menselijke waardigheid.
Gordon Toi is een toonaangevende Māori-kunstenaar uit Aotearoa en een van de leidende figuren binnen de hedendaagse tā moko. Vanuit een achtergrond in carving ontwikkelde hij een praktijk waarin huid, beeld, afkomst en culturele continuïteit onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Sommige ateliers geven zich meteen prijs. Andere pas wanneer men zelf eerst vertraagt. Het atelier van Gordon Toi in Māpua doet beide.
Māpua ligt in het noorden van het Zuidereiland, tussen Nelson en Motueka, aan de stille bocht van Tasman Bay. Het is zo’n plek waar water en land elkaar niet bruusk raken, maar langzaam in elkaar overvloeien, in licht, wind en een bijna onwaarschijnlijke kalmte.
Misschien is het juist daarom dat zijn atelier zo binnenkomt. Het is geen neutrale werkruimte, maar een compacte, geladen kamer met blauwe muren, een behandelbank in het midden en een stoel die even goed uit een oude kapperszaak als uit een rituele ruimte had kunnen komen. Tegen de wand staat een zwarte sofa. Door de ramen valt licht naar binnen. Overal ziet men beelden, foto’s, tekeningen, maskers, snijwerk, ornamenten en herinneringen. Niets is steriel. Niets is anoniem. Alles lijkt verbonden met een verhaal, een lijn, een gezicht, een verleden. Wie hier binnenstapt, komt niet in een studio terecht, maar in een leefwereld.
Ook buiten, of half buiten, wordt meteen duidelijk dat Gordon Toi niet alleen met huid werkt. Op de vloer en tegen de werkbanken ligt steenstof. Materiaal wordt er geslepen, bewerkt, bevochten. Men ziet werktuigen, ruwe vormen, resten van arbeid. De ruimte is eenvoudig en functioneel. Juist daardoor overtuigt zij. De Māori-renaissance, waarover men in Europa soms nogal abstract spreekt, krijgt hier tastbare vorm: niet als theorie, maar als handwerk, discipline en duur.
En misschien is dat precies wat zo treft. In Europa spreken wij graag over identiteit in termen van debat, beleid en representatie. Hier verschijnt zij eerst als praktijk. Als iets wat men niet alleen verdedigt met woorden, maar draagt in de handen, in het lichaam en in de tijd die men eraan geeft. Misschien is cultuur uiteindelijk ook dat: niet wat een samenleving over zichzelf zegt, maar wat zij zorgvuldig genoeg acht om van generatie op generatie door te geven.
Dat voel ik ook wanneer Gordon Toi over tā moko spreekt. Niet als een kunstenaar die zijn medium toelicht, maar als iemand die een verantwoordelijkheid benoemt. Voor hem is moko geen versiering, geen stijlkeuze en al helemaal geen exotisch motief voor vluchtige bewondering. Het is een taal van afkomst, verbondenheid en erkenning. Een manier om zichtbaar te maken dat een mens niet op zichzelf staat, maar voortkomt uit een lijn, een gemeenschap, een geschiedenis. De huid wordt hier geen oppervlak, maar een drager van betekenis.
Precies daarin schuilt wellicht ook de kracht van zijn werk. In een wereld die identiteit graag herleidt tot profiel, voorkeur of opinie, herinnert tā moko aan iets veel ouder en ernstiger. Dat een mens niet alleen vrijheid verlangt, maar ook inbedding. Niet alleen expressie, maar ook oorsprong. Niet alleen het recht om zichzelf uit te vinden, maar ook de behoefte om ergens vandaan te komen. Misschien is dat wat ons in Europa soms ontgaat: dat waardigheid niet alleen ontstaat uit autonomie, maar ook uit verbondenheid.
Bij Gordon Toi krijgt die gedachte geen abstracte vorm. Zij zit in de ruimte, in de objecten, in het ritme van het werk, in de aandacht waarmee hij spreekt en kijkt. Alles zegt hier dat kunst niet losstaat van leven, en leven niet van overlevering. Men stapt zijn atelier binnen als bezoeker, maar verlaat het met het besef dat sommige vormen van kunst niet in de eerste plaats gemaakt worden om bewonderd te worden, maar om een wereld bijeen te houden.
Wat in zijn atelier ook meteen opvalt, is het type werk waarop hij zich vandaag sterk toelegt: grote lichaamscomposities die zich over rug, heupen, billen en benen uitstrekken als één doorlopende visuele ademhaling. Hij toont mij foto’s. Vier mannen, de ruggen naar de camera. En ik zie het meteen scherp. Dit is geen optelsom van losse motieven, geen decoratieve invuloefening, maar een doordachte architectuur op het lichaam. De vormen bewegen in brede spiralen, grijpen in elkaar, hernemen ritmes, spiegelen en verschuiven. Wat op afstand bijna muzikaal oogt, blijkt van dichtbij streng geordend. Niet koud, wel precies. Niet willekeurig, maar opgebouwd.
Daarin onderscheidt zich een traditie van veel van wat in Europa nog al te vaak als tattoocultuur passeert. Men ziet bij ons soms veel lichaam en weinig gedachte. Veel effect, weinig structuur. Veel bravoure, weinig oorsprong. Dat klinkt misschien streng, maar bij Gordon Toi wordt meteen duidelijk hoe groot het verschil is tussen een beeld dat op een lichaam wordt geplaatst en een beeld dat met dat lichaam een betekenisvol geheel vormt. Zijn composities zijn geen versiersels op vlees, maar visuele systemen waarin ritme, genealogie en waardigheid samenvallen.
Misschien is dat waarom men bij hem ook geen moment de indruk krijgt dat hij met identiteit koketteert. Hij exploiteert haar niet. Hij draagt haar. Dat is een groot verschil. In Europa is identiteit de voorbije jaren tegelijk een moreel wachtwoord, een politiek strijdveld en een marketinginstrument geworden. Zij wordt geclaimd, verhandeld, geëtaleerd en soms bijna modieus opgevoerd. Hier ontmoet ik iemand voor wie identiteit allereerst een verplichting is: tegenover voorouders, gemeenschap, taal en levende continuïteit. Dat maakt haar zwaarder, maar ook geloofwaardiger.
Op mijn vraag wat een humanistisch of vrijzinnig publiek in Europa van de Māori-wereld kan leren, antwoordt Gordon Toi opmerkelijk helder. Begrip begint volgens hem niet bij theorie, maar bij intentie, nabijheid en luisteren. Niet vanop afstand bewonderen, maar tijd maken, aanwezig zijn en de ander ernstig nemen. Die woorden raakten mij. Niet omdat zij spectaculair of modieus klonken, maar juist omdat zij zo eenvoudig waren. En in hun eenvoud lag hun kritiek. Ook op ons.
Want wij, Europeanen, zijn goed geworden in analyse. Minder in aandacht. Wij kunnen discoursen bouwen, subsidiestructuren ontwerpen, studiedagen organiseren, representatiekaders opstellen en rapporten schrijven met een ernst die bijna ontroerend wordt zodra men beseft hoe weinig zij soms met werkelijke ontmoeting te maken heeft. Wij begrijpen graag veel, liefst op veilige afstand. Gordon Toi sprak over iets anders. Over aanwezig zijn. Over het geduld om niet meteen te willen benoemen, classificeren of inpassen in een vertrouwd begrippenkader. Dat is moeilijker dan het klinkt. Vooral voor mensen die beroepsmatig denken.
Panorama van Aotearoa #21: Māpua, Gordon Toi en de huid als geheugen
En toch is precies daar iets wezenlijks te leren. Niet alleen over Māori-cultuur, maar over cultuur in het algemeen. Dat zij niet uitsluitend bestaat uit objecten, instellingen of symbolen, maar ook uit manieren van omgaan met tijd, nabijheid en verantwoordelijkheid. Misschien is dat uiteindelijk de kern van elk ernstig erfgoed: niet dat men het mooi bewaart, maar dat men weet waarom men het niet wil verliezen.
Dat raakt ook aan een ongemakkelijke vraag voor een seculier en humanistisch publiek in Europa. Wij beschouwen onszelf graag als mensen van nuance, openheid en kritische rede. Terecht, tot op zekere hoogte. Maar wij hebben tegelijk ook een hardnekkige neiging ontwikkeld om alles wat niet onmiddellijk rationeel transponeerbaar is, voorzichtig uit te kleden tot iets waarover men beleefd kan spreken zonder zelf al te veel te moeten veranderen. Men erkent dan ritueel, traditie of genealogie, maar liefst in een vorm die niemand nog verontrust. Precies dat gebeurt hier niet. Bij Gordon Toi blijft de ernst overeind. Niet dreigend, wel standvastig. Niet gesloten, wel geworteld.
Dat is verfrissend. En een beetje confronterend.
Want misschien is de moderne Europeaan wel het wezen geworden dat overal verbinding zoekt, zolang die maar geen echte verplichting schept. Wij houden van ontmoeting, op voorwaarde dat zij onze autonomie intact laat. Wij prijzen gemeenschap, zolang zij niet te veel van ons vraagt. Wij spreken graag over het belang van geschiedenis, zolang zij niet te dicht op de huid komt. Letterlijk en figuurlijk. In Māpua merk ik hoe beperkt dat soms is. Omdat hier een kunstpraktijk zichtbaar wordt waarin verbondenheid niet symbolisch blijft, maar belichaamd wordt. Niet als pose, maar als keuze. Niet als slogan, maar als teken dat blijft.
Daarom is tā moko ook niet goed te begrijpen met alleen de woordenschat van esthetiek. Natuurlijk gaat het ook over vorm, lijn, compositie en vakmanschap. Maar dat volstaat niet. Zoals een liturgie niet begrepen wordt door enkel naar de architectuur van een kerk te kijken, zo wordt moko niet begrepen door enkel het visuele te bewonderen. Men moet ook begrijpen wat er op het spel staat. Wie hier gemarkeerd wordt, draagt niet alleen een beeld, maar een relatie. Niet alleen een stijl, maar een plicht. Dat maakt de praktijk zo moeilijk te reduceren tot lifestyle of mode. En gelukkig maar.
Ik dacht daar ook aan toen ik later weer buiten stond, in dat zachte licht van Māpua, waar alles er zo sereen uitziet dat men haast zou vergeten hoeveel strijd en volharding er schuilgaan achter culturele continuïteit. Nieuw-Zeeland heeft zichzelf graag als vriendelijk, proper en ontspannen land leren presenteren. Dat beeld klopt ook, tot op zekere hoogte. Mensen stoppen hier royaal voor een zebrapad. In de supermarkt helpt men uw boodschappen nog inpakken. Een winkelbediende kijkt u aan alsof beleefdheid nog niet volledig uit de beschaving is verdwenen. Er is ruimte, orde, veiligheid, een bijna ouderwetse hoffelijkheid. Maar onder die vriendelijke oppervlakte leeft ook iets anders: een langdurige, vaak pijnlijke geschiedenis van verlies, toe-eigening, herneming en culturele heropbouw. Juist daarom is een atelier als dat van Gordon Toi niet zomaar een artistieke werkplek. Het is ook een stille plaats van voortzetting.
En dat is misschien de mooiste correctie op ons Europese misverstand dat traditie per definitie behoudzuchtig zou zijn en moderniteit vanzelf bevrijdend. Hier ziet men iets subtielers. Traditie kan ook een vorm van overleving zijn. Een manier om waardigheid terug te nemen. Een taal waarin een gemeenschap zichzelf niet opsluit, maar opnieuw rechtzet. Moderniteit daarentegen kan evengoed vervlakken, ontwortelen en alles reduceren tot keuze, consumptie en oppervlak. Dat besef maakt een bezoek aan Gordon Toi ook filosofisch relevant. Niet alleen cultureel interessant, maar existentieel verhelderend.
Want wat is een mens zonder lijn naar achteren en zonder verplichting naar voren? Vrij, zeker. Maar ook snel verdwaald. Alain de Botton schreef ooit, in verschillende vormen, dat moderne mensen vaak materieel mobieler zijn geworden dan hun emoties kunnen dragen. Wij kunnen ons verplaatsen, herschikken, heruitvinden, maar missen intussen soms de grotere kaders die betekenis, ritme en nederigheid geven. Misschien is dat wat ik in Māpua zo sterk voelde: niet een exotisch verschil, maar een tekort aan onze kant. Het besef dat wij in Europa veel hebben gewonnen aan individuele ruimte, maar ook iets hebben ingeleverd aan symbolische samenhang. En dat men soms pas op reis merkt hoe schaars dat geworden is.
Dat betekent niet dat Europa nu plots aan collectieve tatoeages moet beginnen, laat staan dat wij een Māori-praktijk zouden kunnen of mogen imiteren. Zo goedkoop hoeft vergelijkende cultuurkritiek gelukkig niet te worden. Het betekent wel dat men zich opnieuw kan afvragen wat in een samenleving nog werkelijk doorgegeven wordt, behalve competenties, diploma’s en koopkracht. Welke vormen van aandacht, welke tekens van verbondenheid, welke rituelen van waardigheid houden wij nog in ere? En vooral: welke daarvan durven nog iets van ons vragen?
Daarin schuilt misschien ook de stille actualiteit van een kunstenaar als Gordon Toi. Hij vertegenwoordigt niet alleen een belangrijke hedendaagse Māori-praktijk. Hij stelt, zonder het misschien zo te formuleren, ook een vraag aan ieder van ons. Waarop berust uw waardigheid? Op zelfexpressie alleen? Op vrije keuze? Op succes? Of ook op afkomst, wederkerigheid, discipline en zorg voor wat u niet zelf hebt uitgevonden? Dat zijn lastige vragen. Maar precies daarom zijn ze de moeite waard.
Toen ik afscheid nam, bleef vooral de rust hangen. Niet de toeristische rust van mooie uitzichten en goed gelukte vakantiedagen, maar een andere: die van iemand die voelt dat hij iets heeft gezien wat niet snel in een slogan oplost. Māpua bleef zacht. De baai bleef licht. De wind deed wat wind altijd doet. Maar ergens was de dag zwaarder geworden, in de beste zin van het woord. Alsof er aan de wereld een extra laag was toegevoegd. Niet luid. Niet spectaculair. Wel echt.
Misschien is dat uiteindelijk ook wat goede kunst doet. Zij maakt de wereld niet groter door er iets aan toe te voegen, maar door te tonen wat er al in aanwezig was en hoe wij te snel waren geworden om het nog op te merken. Bij Gordon Toi is dat niet anders. Zijn werk maakt niet alleen beelden zichtbaar op het lichaam. Het maakt ook een waarheid zichtbaar die wij in het Westen nogal vlot zijn kwijtgeraakt: dat een mens pas helemaal mens wordt wanneer hij begrijpt dat hij niet alleen zichzelf draagt, maar ook iets dat hem voorafging en iets dat na hem verder moet.
En misschien is dat, in tijden van zoveel losse meningen, opgefokte identiteitstaal en culturele haast, een behoorlijk troostende gedachte. Dat waardigheid niet altijd begint bij luid zijn. Soms begint zij bij lijn. Bij aandacht. Bij afkomst. Bij een huid die geen oppervlak wil zijn, maar geheugen.
*Ta moko is de traditionele lichaams- en gezichtstatoeage van de Māori. Het betekent letterlijk het 'aanbrengen van moko'. Het fungeert als een uniek levensverhaal dat iemands afkomst, sociale status, stamboom en persoonlijke prestaties weerspiegelt.
Het Vrije Woord
Kunstexpert
_Johan Swinnen -
Meer van Johan Swinnen

_Recent nieuws

Bekijk alle nieuwe berichten

_Populair nieuws

Bekijk meer populair nieuws