André van der Braak
Johan Gezels
Non-fictie
  • 15 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

13 juli 2026 Gnosis Oost en West - Bevrijdend weten door de eeuwen heen
Het is een algemeen aanvaarde waarheid dat je geen appelen met peren moet vergelijken. Je kunt het maar beter laten. Maar toch zijn er mensen die er hun beroep van maken en aantonen dat het niet zinloos is om totaal verschillende dingen naast elkaar te plaatsen. De schrijver van dit boek is een van hen.
André van der Braak is hoogleraar Comparatieve Filosofie van de religie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Van die verschillende religies probeert hij de onderstroom van spiritualiteit en gnostische wijsheid in kaart te brengen. Want in elke cultuur vinden we officieel erkende en beoefende godsdiensten maar evengoed zoektochten naar wijsheid die grotendeels onzichtbaar blijven.
Dat zoeken vindt zijn oorsprong in het menselijk tekort. Wanneer we om ons heen kijken, kunnen we alleen maar vaststellen dat we niet in de beste van alle werelden leven. Er zijn grosso modo twee manieren om hiermee om te gaan: de morele aanpak vanuit het besef dat de mens fundamenteel tekortschiet en moet handelen om zijn zondigheid te overwinnen of een beter karma te bekomen. Dat is de oplossing van de wereldgodsdiensten. Maar er is ook een andere weg die stelt dat wij op een verkeerde manier naar de wereld kijken. Niet zozeer onze handelingen maar onze visie moet veranderen. Bevrijding kan er alleen maar komen door een getransformeerde bewustzijnstoestand. Om die transformatie tot stand te brengen hebben denkers en mystici in de loop der tijden allerlei methodes ontwikkeld.
Om orde te brengen in de verschillende gnostische tradities volgt de schrijver het schema van de drie denkstijlen van de Nederlandse filosoof Hub Zwart. De apollinische denkstijl ontstond in Griekenland rond 500 v.Chr. en streeft naar harmonie, maat en zelfbeheersing. Hij heeft als tegenhanger de dionysische denkstijl die juist streeft naar mateloosheid en grensoverschrijding. De beide stijlen hielden elkaar een tijdlang in evenwicht. Maar toen de Griekse cultuur zich verder verspreidde, ontstond er een tegenbeweging. Die mondde uit in een magische denkstijl waarin de wereld niet langer geordend lijkt maar ontworpen is door een kwaadaardige Demiurg. Verlossing bestaat uit het ontsnappen aan de kwaadaardige aardse wereld en uitkijken naar een nieuwe schepping.
De magische denkstijl is niets anders dan “Wachten op het Rijk”. Jezus van Nazareth was een van de vele apocalyptische profeten die het einde der tijden predikte en opriep tot bekering. Een van de meest opvallende kenmerken van het magische denken is haar voorliefde voor transformaties (water wordt wijn, brood wordt lichaam). Toen het christendom staatsgodsdienst werd, verviel de levende spiritualiteit tot gestolde religie. Het symbolisme van de evangelies werd vervangen door literalisme, een letterlijke lezing van de teksten. De derde, en voorlopig laatste, denkstijl is de faustische. Die valt samen met de opkomst van de moderne wetenschap en is sterk individualistisch getint. De moderne wetenschapper staat alleen tegenover de natuur en dwingt haar om haar geheimen prijs te geven. Na de dood van God ligt het nihilisme op de loer en om eraan te ontsnappen stelde Nietzsche een affirmatieve houding voor, het amor fati.
Het is u wellicht opgevallen dat we tot nu toe het Westen niet hebben verlaten. In India en China ontwikkelden filosofie en religie zich op een heel andere manier en ook deze evolutie komt uitgebreid aan bod in dit boek. De comparatieve methode toont haar nut door een parallel te trekken tussen het mahāyānaboeddhisme en het protestantisme. Beide waren lekenopstanden tegen een elitaire priesterklasse.
Het Oosten mag evenwel niet als een homogeen geheel worden gezien. Tussen India en China bestaan enorme verschillen en dit komt ook tot uiting in hun visie op het begrip “verlichting”. Het Indiase boeddhisme vat meditatie op als een individuele onderneming en verlichting als het resultaat van een persoonlijke transformatie, het bevrijden van jezelf van alle menselijke relaties. Het Chinese boeddhisme opteert voor een interpersoonlijke aanpak, in plaats van een intrapersoonlijke. Voor de Chinezen betekent waarachtig mens worden, dat je je bekwaamt in relationele improvisatie. De Amerikaanse filosoof en zenboefenaar Peter Hershock noemt dit “sociale virtuositeit”. Verlichting is een manier om je te gedragen, niet zozeer een innerlijke ervaring. Het Griekse en Indiase denken beschouwt kennis als iets dat je je innerlijk toe-eigent. Kennis is een “weten dat”. Het Chinese denken beschouwt kennis als een vaardigheid, een “weten hoe”.
Dit verschil tussen India en China is een van de vele waardevolle inzichten die te vinden zijn in dit helder geschreven boek. Als enig puntje van kritiek zou ik het ontbreken van de islam willen vermelden. Het soefisme wordt even terloops vernoemd maar verder niet behandeld. Dat is jammer want uitgerekend de islam kent een rijke gnostische traditie. Van Kosovo tot Indonesië kleuren broederschappen het spirituele leven van de moslims. De dansende derwisjen houden al eeuwenlang stand niettegenstaande kritiek van de officiële islam. En De samenspraak van de vogels van Farid ud-Din Attar (1119-1233) is misschien wel de mooiste gnostische fabel ooit geschreven.
Maar niet getreurd. Dit boek slaat een brug tussen Oost en West en stimuleert het wederzijds begrip. In onze gepolariseerde wereld is dit boek een verademing, een ontmoetingsplek voor culturen die elk op hun eigen manier omgaan met het menselijk tekort.

Johan Gezels
André van der Braak
Johan Gezels
Non-fictie
Johan Gezels is master in de oosterse filologie, begeleider van leesclubs in de regio Zuid-Oost-Vlaanderen en actief lid van de filosofische leesclub van het Huis van de Mens in Zottegem.
_Johan Gezels - Recensent
Meer van Johan Gezels

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies