Sandra Langereis
Paul De Belder
Non-fictie
  • 223 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering boekreview

1 december 2021 Erasmus dwarsdenker
700 pagina’s over het leven van Erasmus, hoe kan je zoveel schrijven over deze – toegegeven – intrigerende figuur van een half millennium geleden? Zijn standbeeld staat bij ons in Leuven te pronken aan “de zeven hoeken”, vlakbij de 0-mijlpaal van de stad.
Om de hoek ligt zijn Collegium Trilingue of “De Dry Tonghen”, een verwaarloosd gebouw toen we het in de jaren ’70 tijdens mijn architectuurstudies mochten verkennen, sindsdien gerestaureerd en onderdak biedend aan onder andere Jeroen Meus’ gelijknamige restaurant. Erasmus was geboren in Rotterdam, een belangrijk filosoof in de 15de-16de eeuw, schrijver van De Lof der Zotheid (“Stultitiae laus” of “Morias enkomion”) en in de latere jaren van zijn leven uitgeweken naar Bazel. Dat was alles wat ik over hem wist. Ik had ooit wel eens Lof der Zotheid gelezen, maar te lang geleden om me er iets van te herinneren. Nieuwsgierig begon ik aan deze nieuwe klepper van Sandra Langereis.
In het begin is het wat doorbijten, moet ik toegeven. Zijn levensverhaal leest soms als een veredelde soap – niets menselijks was Erasmus vreemd. Maar dat maakt dit boek dan weer zo boeiend: de mens achter de toen “wereldberoemde” (dat wil zeggen Europaberoemde) humanist, met zijn passies en frustraties, zijn vriendschappen en vijandschappen, zijn voortdurende geldnood en bedelen bij diverse mecenassen, zijn zwakke gezondheid maar tomeloze werklust. Langereis schildert in haar boek een mens van vlees en bloed in situaties die bij wijlen erg hedendaags overkomen, zoals de zoektocht naar een vaste academische/religieuze aanstelling of een betrouwbare en efficiënte uitgever voor zijn vele boeken.
Erasmus was de onwettige zoon van een priester en zijn huishoudster, wat zijn jeugd voor een groot stuk tekende en dat hij later angstvallig geheim hield. Officieel kon hij om die reden namelijk geen priester worden, maar daar vond de vindingrijke Erasmus later wel een uitweg voor. Zijn vader zorgde ervoor dat hij op een goede en progressieve school terecht kwam, maar na diens dood hield zijn oom en voogd de hand op de knip. In deze periode van de renaissance deden op grotere schaal originele Latijnse en Griekse teksten de ronde en vooruitstrevende denkers namen het op tegen vastgeroeste ideeën en onderwijsmethodes. Dwarsdenker, noemt Langereis hem in de titel van het boek, en van jongs af aan geeft Erasmus af op de traditionele theologen en leraars, die vasthielden aan in de middeleeuwse scholastiek. De gierigheid van zijn voogd boycot zijn studieplannen, maar hij “overleeft” de minderwaardige school en treedt uiteindelijk, mede onder druk van zijn voogden, in bij de paters Augustijnen in Stein. Het klooster is een veilige haven voor een onbemiddelde intellectueel en biedt mogelijkheden voor verdere studie.
Bij het lezen van zijn levensverhaal vraag je je af hoe er zoveel details gekend zijn over wat toen een onbelangrijke jongeman was. Er zijn verschillende redenen: hij schreef drie autobiografieën, één als een fictief verhaal (onderdeel van zijn aanvraag tot dispensatie bij de paus), één geheim “Compendium”, waarin hij de ware toedracht van zijn geboorte en jeugd beschrijft, en een nooit verstuurde brief die pas vorige eeuw terug boven water kwam. Het archief van zijn vader werd toevallig teruggevonden, wat zijn autobiografie ondersteunt. En hij schreef en kreeg brieven, heel veel brieven, meer dan 3.000 zijn er bewaard gebleven van zijn hand. Hij heeft zelf ook verzamelingen van zijn brieven uitgegeven, die gretig gelezen werden in zijn tijd. En inleidingen en opdrachten in zijn vele boeken bevatten ook biografisch materiaal. Met al dat historisch materiaal en plausibele literaire uitweidingen slaagt Sandra Langereis erin om de lezer 700 bladzijden lang te boeien.
Erasmus’ leven leest dan ook als een onwaarschijnlijk avontuur. Verwekt in Gouda en geboren in Rotterdam, naar school in Deventer en ’s Hertogenbosch, ingetreden in Stein, gestudeerd aan de universiteiten van Parijs en Oxford, doctoraat aan de universiteit van Turijn, rondgereisd in Frankrijk, Engeland, Duitsland, Italië, Zwitserland… Het was een periode van pan-Europese cultuur, verbonden door een gemeenschappelijke taal, het Latijn, vóór reformatie en contrareformatie het continent zou verscheuren, in niet-aflatende oorlogen dompelen en intellectueel verarmen. De boekdrukkunst zorgde voor een bredere verspreiding van zowel nieuwe werken als klassiekers, ook in het Grieks. Middeleeuwse Latijnse vertalingen uit manuscripten vol fouten moesten wijken voor nieuwe vertalingen, uit het oorspronkelijke Grieks of uit het Arabisch, na gedegen tekstkritiek aan de hand van verschillende manuscripten. Zelfs de Vulgaat, de traditionele Latijnse Bijbel, moest er aan geloven, nadat oudere Griekse manuscripten West-Europa bereikten, o.a. vanuit het door de Turken veroverde Constantinopel. De vastgeroeste scholastici in de universiteiten van o.a. Parijs en Leuven verzetten zich hevig tegen deze aan ketterij grenzende nieuwlichterij. Erasmus moest een nauw pad bewandelen tussen kerkelijke orthodoxie en de revolutionaire reformatie-ideeën van Luther en consoorten.
Langereis grijpt in het spannende verhaal van Erasmus’ leven elke gelegenheid aan om uit te weiden over allerlei aspecten van die boeiende periode in de geschiedenis.  Ook over de belangrijke personen waarmee Erasmus te maken heeft: schrijvers en drukkers, professoren en politici, geestelijken en edelen allerhande, pausen en koningen. Je krijgt inzicht in de werking van de drukkers- en uitgeverijwereld van toen, van Parijs over Leuven en Venetië naar Bazel en de boekenmarkt in Frankfurt. Drukkers “betaalden” hun auteurs door de band met een pak boeken om voort te verkopen. In een tijd zonder copyright of auteursrechten kon éénieder bestaande werken opnieuw drukken, zonder vergoeding voor de auteur. Dus moest Erasmus voortdurend op zoek naar mecenassen die hij met uitgebreide, hielenlikkende opdrachten in zijn boeken trachtte over te halen om hem een regelmatig inkomen te verschaffen. Hij schreef ook vele brieven naar invloedrijke figuren om te trachten een kerkelijke aanstelling te krijgen waarvoor hij geen werk moest leveren, of waarvan hij het echte werk kon uitbesteden aan een ander voor een deel van de inkomsten. Je krijgt ook een idee van wat voor corrupt boeltje de wereld van de kerk en de adel toen was, één van de aanleidingen tot de reformatie.
Ook de praktische kanten van het leven als kosmopolitisch intellectueel komen aan bod. Hoe reis je veilig in een versnipperd Europa met rondtrekkende legers of roversbenden van tijdelijk werkloze huurlingen? Hoe krijg je koffers met boeken veilig over land getransporteerd, of het Kanaal over naar Engeland? Hoe krijg je je vertrouwelijke brieven ongelezen bij de bestemmeling in een tijd zonder posterijen. Hoe voorkom je dat douanebeambten je zuurverdiende geld aanslaan aan de grenzen? Hoe betaal je je uitgevers in een verre stad? Gelukkig bestonden er toen al internationale banken en beurzen. Hoe geraak je aan kopieën van manuscripten voor je onderzoek en vertalingen? Hoe geraak je aan logies, kost en inwoon, verwarming, een rustige studeer- en werkkamer? En de voortdurende zoektocht naar financiële ondersteuning. Langereis slaagt erin om al die zaken te verweven in een boeiend, goed onderbouwd verhaal, dat je bijna letterlijk door Erasmus’ ogen meemaakt.
Wat betreft de link tussen Erasmus en de universiteit van Leuven, daar moet mijn Alma Mater niet zo trots op zijn. De conservatieve theologen in Leuven hebben Erasmus voortdurend gedwarsboomd en campagne gevoerd om zijn werken te laten verbieden. Het roemrijke Collegium Trilingue was opgericht buiten de universiteit om, op initiatief van en betaald uit een legaat van Hiëronymus van Busleyden, één van de leidende, vooruitstrevende intellectuelen van die tijd. Erasmus heeft er zelf nooit lesgegeven, maar stond in voor de selectie van de professoren in de drie Bijbelse talen: Latijn, oud-Grieks en Hebreeuws. Populair bij studenten maar voortdurend tegengewerkt door de Artes-faculteit. Tot de godsdienstoorlogen het intellectuele leven in de Zuidelijke Nederlanden vrijwel plat legden. Al Erasmus’ werken kwamen op de index terecht en hij had al een tijd een relatief veilig onderkomen gevonden bij zijn uitgever in Bazel, waar hij vele jaren later in 1536 overleed. Een korte boekbespreking kan onmogelijk recht doen aan dit titanenwerk van Sandra Langereis. Lees het.

Paul De Belder
Sandra Langereis
Paul De Belder
Non-fictie
Burgerlijk ingenieur architect, op pensioen, voorzitter van SKEPP vzw, amateur doedelzakspeler en zanger, altijd gepassioneerd geweest door geschiedenis en goede boeken.
_Paul De Belder recensent
Meer van Paul De Belder

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies