31 juli 2026
Op 4 juli werd de Amerikaanse Revolutie begraven
Op 4 juli jongstleden was het precies 250 jaar geleden dat de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring in Philadelphia werd ondertekend. Deze verjaardag werd met de nodige luister gevierd in de VS en over heel de wereld, inclusief het Brusselse Jubelpark. De trieste waarheid is echter deze: er valt bitter weinig te vieren. 4 juli 2026 markeert eerder de teloorgang dan de triomf van de Amerikaanse stichtingsidealen. Wat zich vandaag voordoet in de Amerikaanse politiek is een contrarevolutionaire schokgolf, die de grote verworvenheden van de 18de-eeuwse Verlichting wegspoelt en erop gericht is om, in eigentijdse vorm, de essentiële kenmerken van het ancien régime opnieuw in te voeren.
Waar de Amerikaanse grondwet duidelijk het primaat van de wetgevende macht poneert en die macht ondubbelzinnig toekent aan het Congres, zet Trump de Congresleden zoveel mogelijk buiten spel en regeert hij per presidentieel decreet. Hij beroept zich hierbij op de ‘unitary executive theory’. Volgens deze betwistbare lezing van de constitutie heeft de president het absolute zeggenschap over de uitvoerende macht. Dat betekent dat hij per decreet en zonder tussenkomst van de wetgever vrij kan beschikken over het staatsapparaat, de ambtenarij, de justitie, de uitvoerende agentschappen, het veiligheidsapparaat, het leger. Het is een theorie waarbij de president quasi-soeverein wordt en weinig of geen rekenschap verschuldigd is aan de wetgevende of de rechterlijke macht. Integendeel, zonder schroom of schaamte, met minachting voor de in de grondwet vastgelegde ‘checks and balances’ en tegen het gewoonterecht in, gebruikt de huidige president het ministerie van Justitie om politieke vijanden te vervolgen en de kritische pers te intimideren, bouwt hij de migratiediensten om tot een privémilitie, probeert hij met de belastingdienst een deal af te sluiten die hem en zijn medestanders begunstigt, legt hij via allerlei juridische sluikwegen importtarieven op, ook al zijn die door het Hoogste Gerechtshof als ongrondwettelijk bestempeld, voert hij oorlog zonder de wettelijk vereiste toestemming van het Congres en benoemt hij kabinetsleden op grond van slaafse inschikkelijkheid in plaats van expertise of competentie.
In die aanslag op de verworvenheden van de Amerikaanse Revolutie, staat Trump niet alleen. Bevriende plutocraten (Elon Musk, Jeff Bezos, Larry Ellison) gebruiken hun onmetelijke fortuinen om in het bezit te komen van traditionele en/of sociale media en zo de persvrijheid en vrijheid van meningsuiting te beknotten. En de MAGA-beweging overlapt voor een aanzienlijk deel met het christelijk nationalisme, een radicale cultureel-politieke stroming, die de grondwettelijk vastgelegde scheiding tussen kerk en staat wil opgeven en Amerika herschapen wil zien in een theocratie.
Maar het verraad aan de stichtingsidealen gaat nog verder en dieper. De onafhankelijkheidsverklaring, die op 4 juli 1776 werd afgekondigd, stelt zonder omwegen: ‘all men are created equal’. Dit gelijkheidsideaal is door de huidige regering helemaal opgegeven en vervangen door een zeer restrictieve definitie van vrijheid, die regelrecht indruist tegen de oorspronkelijke bedoeling van de Amerikaanse Stichters, zoals Annelien De Dijn overtuigend heeft aangetoond in Freedom. An Unruly History (2020). Binnen de ideologie van de huidige machthebbers wordt vrijheid eenzijdig geïnterpreteerd als afwezigheid van staatsinmenging. Het wraakzuchtig ontmantelen van de overheidsdiensten, het onverantwoord verlagen van de belastingen (vooral voor de hogere inkomens en de bedrijven), de corrumperende invloed van het grote geld bij verkiezingen en politieke besluitvorming zijn allemaal het gevolg van het volledig afwijzen van corrigerende overheidsmechanismen. Het gevolg van dit totaal gebrek aan distributieve rechtvaardigheid is een schrijnende sociale ongelijkheid en een gapende inkomenskloof. De Verenigde Staten is een extreem duale maatschappij geworden. Aan de ene kant bevindt zich een kleine bovenlaag van vermogende families, waarbinnen fortuin en andere privileges doorgegeven worden van generatie tot generatie. Aan de andere kant heeft het gros van de bevolking het steeds moeilijker om rond te komen of hogerop te geraken. De Amerikaanse democratie werd in origine geconcipieerd als een maatschappij van vrije burgers met uitzicht op opwaartse sociale mobiliteit. 250 jaar na de stichting moet men vaststellen dat die nominale democratie beheerst wordt door een would-be-monarch, omringd door een coterie van kruiperige hovelingen en steunend op een erfelijke geldadel. Het politieke bestel is ver afgedwaald van de principes waarop de natie oorspronkelijk was gebouwd. De vraag is of – op termijn – herstel ervan nog doenbaar is.