Hans van Pinxteren
Sophia De Wolf
fictie
  • 500 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

1 februari 2024 Hoe ouder hoe vrolijker. Beschouwingen en verhalen over reizen en verdwalen, schrijven en vertalen, liefde en vriendschap.
De titel ‘Hou ouder, hoe vrolijker’ is wat misleidend. Je zou denken dat het boek een pure leidraad is hoe het leven te leven en dat het de lezer zal aantonen welke aanpak het vergt om je blijheid niet te verliezen. Het is vooral min of meer het levensverhaal van de schrijver zelf. In dat verhaal krijgt de lezer ondertussen de levenswijsheden in en tussen de lijnen opgediend.
Van Pinxteren wijdt er later in het boek een hoofdstukje aan maar in zijn voorwoord haalt de Nederlandse auteur al even aan hij ooit aan de dood ontsnapte tijdens een wandeling over het wad bij Schiermonnikoog. Het was voor hem een leerschool hoe je blijmoedig kan omgaan met de dood. Dat had ook tot gevolg dat hij ‘de warmte van sommige ontmoetingen des te meer [is] gaan waarderen’. Volgens hem zijn de verhalen uit deze uitgave met elkaar verbonden ondanks dat ze op zichzelf staan.
Lezers die weten dat Hans van Pinxteren de vertaler is van de Essays van Montaigne, weten nu ook dat Montaigne - de man die zichzelf als onderwerp nam voor zijn enige boek - een naam is die regelmatig opduikt in deze bundeling van verhalen die alle kanten uitwaaieren. Ik ‘zag’ niet echt die verbondenheid. Waardoor ik als lezer het ene moment dolenthousiast was over het boek, het volgende moment dan weer plots de neiging had om heel snel te lezen. Boeiend is in ieder geval hoe hij uit de doeken doet met welke instelling hij Montaigne vertaald heeft. Zo boeiend dat het me stimuleert de volledige Montaigne te herlezen, wetende dat het me ooit een vol jaar kostte vooraleer ik de laatste pagina van Van Pinxterens vertaling van het dikke boek van de zestiende-eeuwse filosoof bereikte. Alle lof voor de getalenteerde vertaler, hij deed er twaalf jaar over om de tijdrovende klus te klaren. Wat een geduld! ‘Montaigne is een ware vriend van me geworden’, schrijft hij. En hij is lang niet de enige. Velen ervaren het. Ik wist nog niet dat ook Orson Welles tot de vriendenclub behoorde: ‘Zoals anderen de Bijbel lezen, lees ik minstens één keer per week een paar bladzijden Montaigne’, aldus Welles.
De auteur vertelt uitgebreid wat ‘vertalen’ voor hem is, hoe intensief het is, en hoe minutieus hij daarbij te werk gaat. En dat hij soms niet anders kan dan volledig te herbeginnen wanneer hij niet tevreden is. Je komt ook te weten waarom het zinvol is dat een boek regelmatig opnieuw vertaald wordt. ‘Je moet vertalingen beoordelen naar de periode waarin ze zijn gemaakt en hun historische en sociaaleconomische context meewegen’. De dichter en meestervertaler werd bekroond met de Martinus Nijhoffprijs, maar voelt vooral voldoening door zijn vertaalwerk zelf en de ontegensprekelijke ‘band’ die hij virtueel opbouwde met de van precisie houdende Flaubert, de ‘vroegrijpe’ Rimbaud en de hier reeds genoemde ‘wereldwijze’ Montaigne. Eens hij in hun huid kroop lieten ze hem niet meer los. Hij beschouwt ze als zijn leermeesters en als ‘levende auteurs’.
Wanneer ik Madame Bovary voor de derde keer lees, wil ik dat dus graag doen in de vertaalversie van Van Pinxteren. Al bestaat evenzeer de mogelijkheid dat ik het in het Frans probeer. Omdat de auteur de liefde voor (Franse) taal en de verscheidenheid ervan heel mooi doet opwakkeren. Hij beschrijft ook uitvoerig het tergend traag vorderen van zijn vertaling van Salammbo van Flaubert: ‘een waarschuwing tegen de spiralen van het geweld waar oorlog toe kan leiden’.
Een bundeling die dus grotendeels boeit, behalve op de plaatsen waar ik me afvraag of ik sommige details echt moet weten. Ook zijn een paar passages redelijk bevreemdend. Of ik ben te nuchter. Dat hij Flaubert “ziet”, het is wat moeilijk om hierin mee te gaan. Langs de andere kant, wie ben ik om bedenkingen te hebben bij het blijkbaar diep inlevingsvermogen van de getalenteerde auteur. Zeker omdat algemeen blijkt dat Van Pinxteren, naast het feit dat hij een geëngageerde vertaler is, zelf ook zeer goed schrijft. Perfect gedoseerd en toch lyrisch. De auteur heeft veel gereisd, als lezer reis je mee en maak je kennis met andere culturen zonder de nadelen van het reizen. Het boek is een onvoorspelbare mix van persoonlijke verhalen en van zijn beschouwingen over literatuur. Van Pinxteren zelf ziet een rode draad, namelijk hoe de mensen waarmee hij een speciale band had elk op hun manier omgegaan zijn met de dood. Aan de lezer om te ontdekken welke stukken het meest aanspreken.
De Essays van Montaigne, ligt altijd binnen handbereik om stukken uit te lezen, maar ook om van A tot Z te herlezen. Veel kans dat het er vlug van komt het daadwerkelijk te doen. En dat zal door dit boek Hoe ouder, hoe vrolijker komen. Veel kans ook dat de lezers van deze uitgave gestimuleerd worden om ook ‘een vriend van Montaigne’ te worden, er valt veel wijsheid te puren uit zijn essays. Daarom zal ik deze uitgave van Van Pinxteren dan toch vier sterren geven in plaats van drie. Omdat ik heel tevreden ben dat ik dit boek las.

Montaigne: ‘Alleen wie tevreden heeft geleefd, kan zonder onvrede sterven’.

Sophia De Wolf
Hans van Pinxteren
Sophia De Wolf
fictie
Recensent
_Sophia De Wolf Vrijwilliger bij het Huis van de Mens Zottegem
Meer van Sophia De Wolf

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies