3 mei 2026
Klootzakken, hufters en eikels. En hoe je ermee om kunt gaan.
De huisarts vroeg me: “Waar hebt u het meest last van?. Ik dacht even na. “Het meest? Van hufters,” antwoordde ik. “Zo zijn er steeds meer,” reageerde hij, “er is maar één remedie”. Hij vulde op zijn pc-scherm een voorschrift in. “Je kan het gaan afhalen bij de boekhandel”.
Ik ben naar de boekhandel gestormd om het boek Klootzakken, hufters en eikels. En hoe je ermee om kunt gaan van Maxime Rovere te gaan halen.
Shit, voor dat boek bleek al een rij mensen aan te schuiven van de dag ervoor, er stonden tentjes, op kleine gasvuurtjes werden worstjes gebraden en soep opgewarmd. Iedereen sprak erover: het huftervirus was uitgebroken! Ik was nummer 93 en ik stond daar, zonder eten of drinken. Gelukkig bedeelde het Rode Kruis na enkele uren waterflesjes.
Ik zag dat er sommigen probeerden voor te steken, er waren ruzies en zelfs schermutselingen. Een man werd in elkaar geslagen. Dat kon, het Rode Kruis was er toch.
Ik zei er iets over aan de vrouw voor mij – ze zag er doodop uit - en die liet mij het boek zien. Ze zei dat ze aanschoof om extra exemplaren te kopen om uit te delen aan haar naasten en buren, en zelfs aan haar man, voegde ze er fluisterend aan toe; het boek is als vaccinatie beter dan in uw kot blijven. Als ik er geen kreukje in zou maken, mocht ik er eens in bladeren. Het bleek een vertaling te zijn van het Franse Que faire des cons? Pour ne pas en rester un soi-même. Toen ging mij een licht op. Het boek was ook bedoeld voor de klootzakken zelf. En dus stonden die ook in de rij. Gewoon beleefd in de rij staan, is voor een hufter natuurlijk een contradictio in terminis. Er vloeide dus bloed. Niet erg, wat het Rode Kruis heeft daar altijd veel van nodig.
Laat ik al mijn filosofische inzichten eens loslaten op huftergedrag in het dagelijks leven.
Maxime Rovere
Ik had tijd zat want we gingen slakkentraag vooruit. De auteur Maxime Rovere blijkt een filosoof te zijn verbonden aan de Ecole Normale Supérieure en aan de Katholieke Universiteit van Rio de Janeiro. Snel scande ik zijn inleiding. Filosofen hebben te weinig aandacht besteed aan domheid, schrijft hij, en het over-geïntellectualiseerd. Natuurlijk moet domheid worden bestreden, maar het echte probleem zijn domme mensen. Hun gedrag bedreigt je eigen intelligentie. Hij blijkt tijdelijk onder één dak met een ‘con’ te hebben gewoond en vol ergernis moet hij toen gedacht hebben: laat ik al mijn filosofische inzichten eens loslaten op het concept ‘klootzak’, op huftergedrag in het dagelijks leven.
In die beperking kon ik mij vinden. Op het wereldtoneel zien we vandaag talrijke klootzakken tegelijk aan het werk, maar daar wordt volop media-aandacht aan besteed, meermaals per dag. En als je een superklootzak bent, lok je dat ook nog voortdurend zelf uit. Maar de studie van hufters in onze onmiddellijke omgeving is onontgonnen terrein. En omdat er naar mijn gevoel steeds meer zijn en hufterig gedrag besmettelijk is, beantwoordt het boek overduidelijk aan een nood.
Het was pas vijf uur ’s morgens de volgende dag als ik in de boekhandel ongewassen en ongeschoren (want ik heb een baard) mijn exemplaar afrekende. Als een bezetene verorberde ik het boek, eerst in de bus (ik zat de hele tijd rond te kijken of ik in iemand een hufter zou herkennen, en ja hoor, mijn vroegere buurman die ons jaren heeft gepest omdat de bladeren van onze oude eik in zijn tuin vielen, reed ook mee, de eikel!), daarna thuis en zonder eerst te douchen. Rolluiken naar beneden, plakkaat ‘Niet storen’ aan de voordeur, gsm uit. Bij een kaars (ik had het licht kunnen aansteken, maar een kaars paste beter bij het gevoel van een oorlogssituatie) sloeg ik het boek open. In de inleiding valt mijn oog op het woord ‘urgentie’ en die dringendheid voelde ik ook, net als mijn huisarts, in het belang van mijn eigen mentale gezondheid.
Je moet ermee leren omgaan.
Maxime Rovere
De auteur doet eerst enkele vaststellingen (mijn nummering).
1. Hufters (m/v) zijn er om te blijven.
2. Domme mensen verzetten zich koppig tegen elke verbetering, ook tegen de verbetering van hun eigen situatie.
3. Ze zullen altijd tegen jou en tegen het algemeen belang in willen gaan.
4. Domheid is een van de belangrijkste drijvende krachten van de geschiedenis.
5. Grote woorden en sentimenten hebben geen effect op klootzakken.
6. Grote vaststelling: je moet ermee leren omgaan.
Dat laatste is de kern van zijn filosofische beschouwingen.
1. Hufters (m/v) zijn er om te blijven.
2. Domme mensen verzetten zich koppig tegen elke verbetering, ook tegen de verbetering van hun eigen situatie.
3. Ze zullen altijd tegen jou en tegen het algemeen belang in willen gaan.
4. Domheid is een van de belangrijkste drijvende krachten van de geschiedenis.
5. Grote woorden en sentimenten hebben geen effect op klootzakken.
6. Grote vaststelling: je moet ermee leren omgaan.
Dat laatste is de kern van zijn filosofische beschouwingen.
Nadat hij drie voorlopige conclusies trekt, geeft hij in veertien hoofdstukken telkens één advies of “sjabloon” zoals de auteur ze noemt. Die ga ik u niet geven, je hoort ze zelf te lezen. Want met huftergedrag omgaan, vraagt een inspanning, de weg naar wijsheid is niet simpel.
Of laat ik voor zijn eerste advies een uitzondering maken, omdat het belangrijk is én als smaakmaker: “Het heeft geen zin om hufters de les te lezen. Verander de situatie, niet de mens”. Als je je moreel superieur boven een klootzak stelt, ontstaat per definitie een negatieve emotie. We zonderen er ons van af, we verliezen empathisch vermogen en welwillendheid, je raakt verwijderd van je eigen menselijk ideaal en je zakt steeds dieper weg in het moeras van je ergernis en minachting. Daardoor kan je tegenover een hufter niet neutraal staan.
En daarop bouwt hij in elk hoofdstuk verder.
Voorkom dat je ook zelf hufterig gedrag vertoont
Maxime Rovere
Neen, het boek zal een hufter niet tot inkeer doen komen, dat maakt Maxime Rovere ook zelf meer dan duidelijk, maar het kan je wel helpen voorkomen dat je als tegenreactie ook zelf een hufter wordt. Dat lijkt mij een belangrijke verdienste van het boek, er zijn immers al klootzakken genoeg. Het boek kan dus helpen de hufterepidemie af te remmen of zelfs te stoppen. Dankjewel, lieve huisarts. Gedrag veranderen is het moeilijkste dat er is, maar ik zal in elk geval mijn best doen en Maxime Rovere leg ik daarvoor op het nachtkastje naast mijn bed.
Ook niet onbelangrijk… het boek is meer een essay. Het telt 158 bladzijden en het is redelijk snel uitgelezen. Maar mispak je niet: het is geschreven door een filosoof en de lectuur vraagt de lezer geregeld stil te staan en te laten bezinken.
Het boek verscheen al in meer dan tien talen. Een teken aan de wand.
Edgard Eeckman