30 april 2026
De boekhandelaar van Bologna. Hoe de Brabantse Arlenius de klassieke oudheid ontsloot
Dit boek gaat over een man die in 1510 het levenslicht zag in het Brabantse Aarle-Rixtel, een dorp dat je in weinig geschiedenisboeken zult terugvinden, en die uitgroeide tot een van de sleutelfiguren van het zestiende-eeuwse humanisme in Italië. Zijn naam: Arnoud van Eijndhouts ofwel Arlenius.
Wim Daniëls, taalkundige, cabaretier en schrijver, werd geboren in datzelfde Aarle-Rixtel, vier en een halve eeuw later. Die geografische verbondenheid is de aanleiding voor dit boek, maar ze is zeker niet de enige reden om het te lezen. Daniëls heeft een figuur opgediept die buiten een kleine kring van specialisten volledig vergeten was, en hem opnieuw zichtbaar gemaakt voor een breed publiek.
Arnoud van Eijndhouts studeerde aan de Latijnse school in 's-Hertogenbosch, later aan de universiteit van Leuven, daarna in Parijs, Ferrara en Bologna. Hij ontpopte zich tot een begenadigd student in de Griekse letteren en verwierf grote bekendheid, niet alleen als grondig kenner van de oude talen, maar ook als boekhandelaar die vorsten en vakgenoten per brief op de hoogte hield van welke wetenschappelijke boeken er verschenen.
In Bologna opende hij samen met zijn Gemertse landgenoot Laurens van den Bleeck, in Italië bekend als Laurentius Torrentinus, een boekenzaak met de veelzeggende naam La Libreria del Todesco. Twee Brabanders die in het hart van de Renaissance de klassieke oudheid voor een nieuw publiek ontsluiten. Het is een verhaal dat bijna te mooi klinkt om waar te zijn, maar het is gedocumenteerd en betrouwbaar.
Wat Arlenius bijzonder maakt, is dat hij zijn werk niet deed uit handelsdrift maar puur uit intellectuele passie. Hij was wat je vandaag een boekenscout zou noemen, een man die de wereld afreisde op zoek naar manuscripten die hij wilde bewerken en laten drukken om ze toegankelijk te maken voor zoveel mogelijk lezers.
In 1544 publiceerde hij de eerste Griekstalige editie van de werken van Flavius Josephus, die jarenlang de basis was voor alle vertalingen vanuit het Grieks. Zijn Grieks-Latijns woordenboek verscheen in 1546 in Venetië. Hij werkte later als bibliothecaris voor de Spaanse ambassadeur in Venetië, reisde naar Frankfurt en Florence, en was betrokken bij de uitgave van de Digesta, de grote codificatie van het Romeinse recht, voor Cosimo de Medici. Kortom, iemand die het humanistisch ideaal van vrije kennisverspreiding niet alleen predikte maar ook in de praktijk bracht.
Voor een vrijzinnig lezer heeft dit verhaal dan ook een bijzondere dimensie. Het humanisme van de zestiende eeuw, de beweging waarvan Arlenius een bescheiden maar reële drager was, is de geestelijke voorouder van het vrijzinnig humanisme zoals het vandaag wordt begrepen. De kerngedachte, dat de mens zijn volle potentieel kan ontplooien door kennis, kritisch denken en toegang tot de beste bronnen van de menselijke geest, is dezelfde.
Arlenius leefde niet in een tijd die dat gemakkelijk maakte. De kerk domineerde het intellectuele leven, de drukpers was nog geen eeuw oud, en het verspreiden van klassieke teksten was een onderneming vol risico en onzekerheid. Toch deed hij het, met een toewijding die zijn tijdgenoten hem niet misgunden.
Het humanisme van zijn tijd droeg overigens ook een uitgesproken kritische dimensie. Wie de originele Griekse teksten van het Nieuwe Testament zorgvuldig las, zoals Erasmus deed, ontdekte dat de kerkelijke vertalingen op meer dan één punt betwistbaar waren. Het lezen van de klassieke bronnen was geen neutraal tijdverdrijf, het was een daad met consequenties. Arlenius wist dat, en zijn werk droeg daar bewust toe bij.
Over de kwaliteit van het boek zelf kan ik kort zijn. Daniëls schrijft blijkbaar zoals hij altijd schrijft: helder, vlot, toegankelijk, zonder de droge toon die historische non-fictie soms kenmerkt. Het boek leest plusminus als een roman, ook voor wie minder vertrouwd is met de Renaissance. De combinatie van biografie en tijdsbeeld werkt vrij goed: we zien niet alleen een man, maar een hele wereld, die van drukkers, manuscriptjagers, geleerden en mecenassen in een Europa dat razendsnel verandert. Dat de Italiaanse ambassadeur speciaal naar Aarle-Rixtel afreisde voor de boekpresentatie, geeft aan dat ook in Italië het belang van Arlenius onderkend wordt.
Het ontbreken van voetnoten is jammer voor wie dieper wil graven. Een literatuurlijst achterin is daarvoor een gedeeltelijke compensatie, maar geen volwaardig alternatief. En de spanning blijft soms beperkt: wie een biografie met sterke dramatische lijnen verwacht, zal het boek af en toe te catalogiserend vinden, meer inventaris dan verhaal. De nadruk ligt in de eerste plaats op context en uitleg, minder op persoonlijke ontwikkeling of conflict.
De boekhandelaar van Bologna is in de eerste plaats een geslaagde rehabilitatie van een vergeten figuur, en een levendig portret van een tijd waarin kennis letterlijk van hand tot hand ging, van stad tot stad, van manuscript tot gedrukte pagina. Niets meer, maar zeker ook niets minder.
Voor wie gelooft dat de vrije verspreiding van kennis een van de fundamenten is van een beschaafde samenleving, is dit een boek dat aangenaam verrast. Arlenius deed vijf eeuwen geleden wat goede humanisten eigenlijk altijd horen te doen: ervoor zorgen dat de wereld een beetje minder onwetend wordt. Zijn verhaal verdient het dan ook minimaal om gelezen te worden.
Benny Madalijns