Khadija Marouazi
Ignace Claessens
fictie
  • 19 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

23 juli 2026 De geschiedenis van as
Khadija Marouazi is hoogleraar literatuur aan de Ibn Tofaïl Universiteit in Kenitra (Marokko) en als mensenrechtenactivist lid van verschillende mensenrechtenorganisaties in Marokko. ‘De Geschiedenis van As’ (2000) is haar debuutroman die onlangs in het Nederlands vertaald werd.
Via een fictief verhaal van twee linkse activisten beschrijft de auteur de politieke repressie in Marokko in de tweede helft van vorige eeuw. Deze periode staat bekend als de Jaren van Lood.
Deze periode, die eindigde bij het overlijden van koning Hassan II in 1999, werd gekenmerkt door zware repressie, martelingen van tegenstanders, politieke moorden en verdwijningen. Er heerste complete willekeur. Kritische stemmen, journalisten en politieke tegenstanders werden zonder enige vorm van proces opgesloten in geheime detentiecentra waar onmenselijke toestanden heersten. Na twee aanslagen op de koning werd het regime nog meedogenlozer.
Sociaaleconomisch ging het ook niet goed. Er heerste regelmatig hongersnood met rellen tot gevolg waarbij honderden doden vielen.
Koning Hassan II werd opgevolgd door zijn zoon Mohammed VI die een meer liberaal bewind voert met respect voor de vrouwenrechten. Ook de economie herleeft ofschoon er nog steeds een grote sociale ongelijkheid heerst.
Mouline en Leila, politieke medestanders die ooit ook geliefden waren, vertellen afwisselend hun confrontatie met het regime. Beiden waren actief in een niet nader bepaalde linkse partij of organisatie. Wat hun bedoelingen waren en welke rol zij speelden in het verzet tegen de overheid wordt niet gepreciseerd. Zij organiseerden geen stakingen en formuleerden ook geen concrete eisen. De auteur blijft over dit alles erg vaag.
Samen met hen werden honderden medestanders opgepakt en na een schijnproces tot zware gevangenisstraffen veroordeeld van tien jaar tot levenslang wegens poging tot staatgreep en omverwerping van het koningshuis. Bewijzen van dit alles werden niet geleverd.
Mouline liep 20 jaar gevangenisstraf op en werd samen met zijn medestanders opgesloten in de gevangenis van Gharbia waar de levensomstandigheden barslecht waren. Eerst na een massale hongerstaking, waarbij één dode viel, kwam er verbetering in hun detentievoorwaarden. Hij kreeg regelmatig bezoek van zijn familie en van Leila, eenmaal zij haar straf van twee jaar had uitgezeten.
De auteur schetst de menselijke kwetsbaarheid tegenover de wreedheid van hun ondervragers. De lezer wordt ook geconfronteerd met de gevolgen van langdurige opsluiting op de onderlinge verhoudingen van de gevangenen en op de relaties met hun partners buiten de tralies. De meeste vrouwen bleven hun man trouw en wachtten vele jaren op zijn vrijlating waarna de relatie toch nog stukliep omdat zij te veel van elkaar vervreemd waren.
De langdurige opsluiting gaf de gevangenen ook de gelegenheid hun politiek engagement te heroverwegen en een en ander te relativeren.
De lezer die graag een duidelijk, rechtlijnig verhaal leest zal zich in deze roman niet thuis voelen. De auteur blijft erg vaag over vele concrete feiten. 
Bovendien laat de auteur Leila in dialoog treden met Tali’ al-‘Urayfi, een fictieve politieke gevangene uit de Arabische literatuur, zonder daar uitleg over te geven. Dit draagt niet bij tot de toegankelijkheid van het werk voor de westerse lezer die niet vertrouwd is met deze literatuur.
Dit boek schetst een ander beeld van Marokko dan het beeld dat de doorsnee reiziger voor ogen werd en wordt gehouden. Het is wel spijtig dat de auteur de feiten niet iets concreter heeft omschreven en haar toevlucht heeft genomen tot fictieve personages waarmee de lezer geen voeling heeft. Beweren dat het boek vlot leest zou de waarheid geweld aandoen. 

Ignace Claessens
Khadija Marouazi
Ignace Claessens
fictie
recensent
_Ignace Claessens recensent
Meer van Ignace Claessens

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies