10 april 2026
Shukatsu
Weet u wat 终活 betekent? Neen? Ik ook niet. Maarうま味 kent u wel. Dat is umami. Probleempje, het is in feite onvertaalbaar. Want 'hartig' klopt niet en 'vijfde smaak' brengt semantisch al helemaal geen zoden aan de dijk. Oost-Aziaten hebben trouwens iets met complexe begrippen waarbij ze een hele conceptenbundel in één enkel woord gieten. Neem de Japanners. Shukatsu (終活), ofwel 'het proactief opruimen van je huis, computer en administratie om je kinderen of partner niet tot last te zijn na je overlijden. En dat in combinatie met reflectie over wat er echt nog toe doet en het afscheid nemen van het overbodige waarbij je loslaat en aanvaardt zodat je rust vindt en geniet van de tijd die je nog rest en ruimte maakt voor wat nog wél kan.' Bij hen wordt de hele mondvol in één hap doorgeslikt: het is een mentaal instrument; het woord zelf organiseert je gedrag.
De esthetiek van de vergankelijkheid vindt een nog tastbaarder symbool in kintsugi, 金継ぎwaarbij gebroken keramiek wordt hersteld met goud- of zilverlak. In plaats van de barsten te maskeren, worden ze geaccentueerd. Het object wordt niet vervangen, maar juist kostbaarder geacht omdat het door de breuk en het jarenlange gebruik een betekenis heeft gekregen die het louter praktische nut overstijgt. Het is een krachtige metafoor voor een voltooid leven: de littekens, de slijtage en de reparaties zijn geen gebreken, maar de essentie van de eigen geschiedenis. Shukatsu is in die zin een vorm van mentale kintsugi. Je kijkt naar de brokstukken en de krassen van je bestaan en in plaats van ze weg te moffelen, geef je ze een gouden rand door ze bewust te ordenen en te aanvaarden. Dat is andere koek dan ons ontspullen. Maar tegelijkertijd wringt daar de westerse schoen. Wij willen die innerlijke rust vaak afdwingen met dezelfde efficiëntie waarmee we onze garage opruimen: planmatig, resultaatgericht en liefst vóór het weekend. Maar shukatsu laat zich niet afvinken op een to-dolijst. Het is geen project, het is een overgave.
Het opruimen is niet onbelangrijk, maar eerder praktisch en vormt de buitenkant van het concept. Ik hoefde niet te wachten tot mijn 75-plus om te weten dat een overvol hoofd veel meer miserie veroorzaakt dan een overvol huis. Hoewel mijn esoteriedetector erg scherp afgesteld staat, voelde ik me erg aangetrokken door de spirituele, zelfs metafysische aspecten.
Shukatsu (終活) is niet morbide, het neemt de regie over, niet van het einde, maar van de weg ernaartoe. Los van eventuele overwegingen rond euthanasie. Dat is een ander hoofdstuk en een andere column. Het 'Grote Moeten' ligt achter je en dat geeft rust en stilte die geen leegte is. Je zou versteld staan over wat er allemaal niet meer zo hoognodig hoeft als de bewijsdrang verdampt is. Op mijn leeftijd word je niet langer verwacht aan de start van de Vaart der Volkeren. Je bent niet meer jaloers op de bergbeklimmers, de casanova's of de sociale tijgers. Te hoog gegrepen plannen zeuren niet om uitvoering. Zelfs je procrastinatie geneest vanzelf.
Zowel het eindspel als de manier waarop we ermee omgaan zal voor iedereen verschillend zijn, en sommigen zullen tot de laatste zucht volhouden en vechten. Die kracht is hen gegund, maar uiteindelijk komt voor iedereen de eindmeet in zicht. Zou het niet mooi zijn als we een manier vonden om van dat eindspel iets moois, rustig en aanvaardend te maken, eerder dan iets krampachtig, pijnlijk en vermijdend? Met shukatsu (終活) hebben we toch al minstens een naam gevonden.
Reactie van mijn echtgenote. Opruimen? 't Zal gaan tijd worden.