Diverse auteurs
Ignace Claessens
Non-fictie
  • 22 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

2 februari 2026 Wereldsteden van de Lage Landen - Stadsgeschiedenis van Nederland en België
Zesenzestig historici uit Nederland en België hebben hun licht laten schijnen op vijftig steden uit de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden. Zij hadden niet de bedoeling ons een complete geschiedenis van deze steden te bezorgen. Zij hebben telkens wel aangetoond hoe een grote of een minder grote stad op een bepaald ogenblik in contact getreden is met de wereldgeschiedenis en hoe zij meestal in geringe mate, de geschiedenis beïnvloed hebben.
Hun bijdragen bestrijken een breed scala van sociaaleconomische, politieke en culturele uitwisselingen tussen de steden van de Lage Landen en de rest van de wereld.
Kleine stadjes zoals Groenlo, Hasselt bij Zwolle, Nieuwpoort en Ledeberg als wereldsteden bestempelen komt eigenaardig over. Deze kleine entiteiten werden nochtans op een bepaald ogenblik belangrijk door een sterke verbondenheid met de wereld, zowel met naburige regio’s als met verre continenten. De benaming Wereldsteden van de Lage Landen is voor hen dan ook niet vergezocht.
Vanaf de late Middeleeuwen groeiden de steden van de Lage Landen uit tot een belangrijke cluster van steden die een grote variatie van functies herbergden in een regio die in die tijd het meest verstedelijkte gebied ter wereld was. Internationale contacten zorgden voor schaalvergroting, economische bloei en culturele vernieuwing. Vaak ging dit gepaard met conflicten. Toen de industrialisatie in de steden vaste voet kreeg, betekende dat voor de elite vooruitgang en welstand. De meerderheid van de bewoners werd wel geconfronteerd met de keerzijde van de medaille: verarming, verkrotting en ongezonde leefomstandigheden.
De historici presenteren vijftig steden over vier perioden in de geschiedenis: de Oudheid, de Middeleeuwen, de Vroegmoderne Tijd en de Twintigste Eeuw. Daarbij confronteren zij de lezer met verrassende wetenswaardigheden.
Zo werd de eerste loterij in Brugge georganiseerd in 1441 toen het lucratieve ambt van wijnroeder verloot werd. Deze ambtenaar had het monopolie op het lossen van wijn in de Brugse haven en mocht belasting heffen op de ingevoerde vaten wat het ambt financieel interessant maakte. Loterijen werden daarna, vooral in de 16e eeuw, een gewoonte zowel in de Lage Landen als ver daarbuiten.
Soms komt de tijd terug. In 1525 werd ‘s-Hertogenbosch geconfronteerd met de ‘krijtersopstand’. Getergd door de stijgende levensduurte en de groeiende belastingen ontketenden misnoegde ambachtslui een opstand van krijters, lawaaimakers, die de goegemeente als onbehouwen individuen beschouwde. We zouden ze nu ‘gele hesjes’ noemen. Ook toen was men van mening dat de arme dit aan zichzelf te danken had:

“Steeds meer mensen werden zonder pardon uit de armenzorg geknikkerd, ook al was er in die tijd niet altijd voor iedereen geschikt werk.”

Waar hebben wij dit nog gehoord?
Soms verwierf een stad ook op een ludieke wijze enige bekendheid. Valenciennes lag op een kruispunt van wegen en grenzen. De Schelde vormde de grens met het Duitse Keizerrijk. Het stadje floreerde als centrum van internationale handel en waar veel mannen samenkomen doen ook de vrouwelijke sekswerkers goede zaken. Valenciennes beschouwde prostitutie niet als een misdaad en dat gedoogbeleid verhoogde haar aantrekkingskracht, zowel bij reizigers als de eigen inwoners.
Ook over wat grotere steden worden minder bekende zaken blootgelegd. Wie het verband wil kennen tussen het graven van de Coupure in Gent en de slavenhandel tussen Afrika en Zuid-Amerika moet beslist het boek lezen.
Buiten Groningen komen geen andere steden uit het noorden van Nederland aan bod. Nochtans zou in dit rijtje van “wereldsteden” Franeker zeker niet misstaan. In dit kleine Friese stadje werd in 1585 de Friese Universiteit opgericht met leerstoelen theologie, rechten, medicijnen, klassieke talen, wijsbegeerte en wis- en natuurkunde, amper tien jaar nadat in Leiden de eerste universiteit van de Noordelijke Nederlanden het licht zag. De Friese Universiteit bleef bestaan tot Napoleon ze in 1811 ophief.
De auteurs hebben de verdienste onbekende aspecten in de geschiedenis van kleine en ietwat grotere steden van de Nederlanden te belichten. Dit mooi geïllustreerde boek is zeker het lezen waard.
 
Ignace Claessens
Onder de redactie van Nadia Bouras, Jan Hein Furnée, Hilde Greefs, Jelle Haemers, Manon van der Heijden en Anne-Laure Van Bruaene
Diverse auteurs
Ignace Claessens
Non-fictie
recensent
_Ignace Claessens recensent
Meer van Ignace Claessens

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies