25 juni 2026
Waarden - Kompas voor de toekomst
Politiek econoom en expert duurzame verandering Maja Göpel is professor en lid van de Club van Rome. Ze adviseert overheden en is uitermate goed geplaatst om vanuit een actualisatie van kernwaarden als vrijheid, solidariteit en rechtvaardigheid te pleiten voor een politiek die collectiever handelt en ecologisme niet gemakshalve afdoet als naïef idealisme in de marge. In 2021 gaf ze met haar boek ‘Onze wereld nieuw denken’ al een goede voorzet tot het boek dat ze nu publiceert.
Om de mondiale crises het hoofd te bieden zullen we – of we dat nu leuk vinden of niet – ons ik-perspectief moeten inruilen voor een collectieve blik. Dat is wat Göpel “verwij-ing” noemt. De weg daar naartoe is een nieuw sociaal contract. Maar daarvoor is kennis nodig, die kan leiden tot inzicht. Göpel argumenteert dat we het schrijven van een nieuw maatschappelijk verhaal niet mogen overlaten aan extreemrechts, maar dat de democratische krachten dan wel dringend aan de bak moeten en alternatieven moeten aandragen. De auteur citeert ter zake de communicatie-expert Bernhard Fischer-Appelt: “Alleen wat vertelbaar, overdraagbaar en beargumenteerbaar is, kan gerealiseerd worden, kan vertrouwen wekken en een overtuigende uitstraling ontwikkelen.”
Göpel wijst de TINA-mantra resoluut naar de lappenmand: maatschappelijke structuren zijn door mensen bedacht en kunnen dus ook door mensen veranderd worden, op voorwaarde dat ze transparant zijn, heronderhandelbaar verklaard worden en overkoepelende doelen helpen verwezenlijken in plaats van technologieën of particuliere belangen. Investeringen in duurzaamheid mogen niet wijken voor concentratie op dividend en rendement. Geldcreatie op korte termijn is minder waardevol dan waardecreatie op lange termijn. In dat kader herhaalt Göpel wat al langer wordt gevraagd door organisaties en economen die het bredere maatschappelijke plaatje bekijken: kunnen we de kosten voor milieu en gezondheid die vandaag geëxternaliseerd worden nu eens eindelijk aanrekenen aan de veroorzakers van die kosten en ze vervolgens investeren in duurzame projecten?
De Pigou-belasting is zo’n voorbeeld: een belasting op schadedecreatie. In dit kader maakt de auteur een interessant onderscheid tussen effectiviteit (“Doen we het juiste?”) en efficiëntie (“Doen we het op de juiste manier?” Het is duidelijk dat onze huidige benadering van economie baat heeft bij een heroverweging van beide begrippen. Voor een juist design van maatschappelijke oplossingen moet effectiviteit altijd primeren op efficiëntie. Anders loop je het risico om steeds efficiënter te worden op paden die naar het verkeerde doel leiden. Op dat onheilzame pad bevinden we ons momenteel, volgens de auteur.
Het niet eens zo dikke boekje van Maja Göpel lijkt bij momenten meer op een verslag van een wetenschappelijk congres dan op een ethisch onderbouwd appel aan waarden. Erg geënt op het Duitse politieke en maatschappelijke landschap en na vertaling naar het Nederlands nogal exclusief gericht op onze Nederlandse vrienden (doch inhoudelijk ongetwijfeld la même chose pour les Belges), maar toch bijzonder bruikbaar om ideeën over alternatieven uit te werken in organisatievormen (zoals de 4Future-beweging) die in Duitsland ontegensprekelijk hun potentie hebben bewezen.
Björn Siffer
Vertaald door Jan Sietsma