24 juni 2026
De geïllustreerde Odyssee - Het tijdloze epos herverteld
Niets is prettiger dan je neer te vlijen in een gemakkelijke stoel met een prachtig uitgegeven boek over een epos dat wereldberoemd is. Het is het op één na oudste werk uit de westerse literatuur: Odyssee, waarschijnlijk geschreven rond 820 v.C.
Het oudste werk is de Ilias, dat een paar jaar voor de Odyssee geschreven werd door dezelfde auteur: Homerus. In de inleiding legt de hoogleraar klassieke talen, Barry Powell, uit hoe weinig we weten over Homerus. Schreef hij het zelf? Was hij blind?
Ilias en Odyssee waren oorspronkelijk gedichten, die al ontelbare keren vertaald en naverteld zijn. Wat het boek van Powell het aanschaffen waard maakt, is dat hij het verhaal in zijn essentie gevat heeft, al de hoofdintriges behouden heeft in de juiste volgorde, maar alles omgezet heeft in een toegankelijke spreektaal. De vertaling uit het Engels houdt zich aan die vlotte taal. Ik zag op p.62 zelfs het woord “Potverdorie!” staan, een woord dat ik niet verwachtte aan te treffen in een oud-Grieks epos van drieduizend jaar oud. Wat Powell in het Engels schreef, kan ik niet nagaan.
Goden en monsters
We kennen het verhaal. Odysseus is één van de overlevenden van de Trojaanse oorlog die hij mede tot het einde bracht, dankzij de list van het Trojaanse paard. Zijn mooie echtgenote wordt belaagd door ‘de vrijers’, die huis en haard van Odysseus bezetten, zijn eten opeten, zijn geld verkwisten en Penelope dwingen om een nieuwe echtgenoot te kiezen. Iedereen, inclusief zijn zoon Telemachos, denkt dat de held van Troje dood is.
De godin Athena grijpt in en stuurt Telemachos op pad om zijn vader te zoeken. Pas in boek 5 treedt Odysseus op. Hij wordt gevangengehouden door Kalypso, maar vergaat van de heimwee naar huis en naar zijn vrouw. Geholpen door de goden, maar vooral door Athena, vat hij de terugtocht aan, samen met zijn metgezellen. Onderweg vallen ze in handen van de eenogige cycloop, een echt monster, die vele van zijn vrienden opvreet met huid en haar. Odysseus zal in Ithaka geraken en wraak nemen op de vrijers, die zijn teenager zoon en zijn echtgenote onrespectvol behandelden.
Goden en mensen
In de openingsscène klaagt Zeus erover “dat de mensen de goden de schuld geven van hun ellende, maar dat hun leed in werkelijkheid het logische gevolg is van hun eigen beslissingen.”
De goden bespreken met elkaar wat ze met de mensen zullen doen die hen niet trouw zijn. Spijs en drank moeten geofferd worden aan de goden en dus worden er om de haverklap dieren de keel overgesneden, vloeit de wijn in beken en aanroepen de mensen de enige ware goden. Die goden verschillen erg weinig van de mensen. Ja, ze zijn onsterfelijk en hebben macht over de natuur, maar verder hebben ze dezelfde gevoelens van liefde, haat en wraak. Ze bestieren de zee, de stormen, het leven en de dood van mens en dier.
Het verhaal speelt zich af in een tijdperk dat bedienden niet veel verschilden van slaven. Elke familie had er velen en ze konden trouw of ontrouw zijn. Eén van hun taken is het gieten van water over handen, wat - denk ik - symbool staat voor hygiëne.
Gastvrijheid
Elke vreemdeling kan een god in mensengedaante zijn, dus wordt hij gastvrij ontvangen en rijkelijk voorzien van eten en wijn. In elk van de 24 hoofdstukken wordt een feestmaal beschreven, of toch één of meerdere momenten waarbij iedereen aan tafel gaat. De gast krijgt meestal een bad, propere kleding en een goed bed. Bovendien is het gebruikelijk om de gast geschenken mee te geven. Die gebruiken zijn heilig en worden onderhouden door zelfs de minst belangrijken, zoals Eumaios, een zwijnenhoeder en slaaf. Je moet al een monster zijn, zoals de cycloop, om de gastvrijheid aan Odysseus te onthouden.
De personages
De personages in dit epos zijn complexe persoonlijkheden met hun gebreken en gevoeligheden. Penelope is het archetype van de trouwe echtgenote. Ze is voortdurend in tranen. Er worden trouwens het hele boek door tranen vergoten, ook door de helden. Gevoelens van haat, wraak, minachting, angst, respect en liefde worden zonder terughouding geuit. Odysseus vertelt zijn verhalen met veel verve en liegt als hem dat uitkomt. Er zijn echte slechteriken in het verhaal, zoals Antinoös: “zijn zwarte hart vervuld met razernij”. Hij is een van de leiders van de vrijers en de beramer van een plan om zo snel mogelijk Telemachos om te brengen. Op het einde vermoorden Odysseus en zoon Telemachos de meeste vrijers met speren, pijl en boog, zodat het een bloedbad wordt. Voor de 12 vrouwen die zich hebben misdragen, gebiedt Odysseus het volgende: “sla hun het hoofd van de romp met een zwaard”, al kwamen “ze gezamenlijk binnen, luid jammerend en hete tranen snikkend”. Toen zei Telemachos: “Deze vrouwen brachten schande over dit huis en verdienen geen eervolle dood door het zwaard.” Ook de helden zijn dus niet zachtzinnig te noemen en het is op de laatste bladzijde dat Athena Odysseus ervan weerhoudt om een nog grotere slachting aan te richten.
De illustraties
De tekeningen zijn uitgewerkt als waren het houtsnijwerken: de lijnen zijn strak. De kleuren zijn sober en per afbeelding anders getint. De personages worden met Griekse neuzen afgebeeld.
De kaft is stevig zodat je het boek open kunt leggen.
Ik zag één zetfout op de achterkant: “hij leidt opnieuw schipbreuk”.
Het is een ideaal boek om als geschenk te geven of te krijgen.
Christopher Nolan zou aan een adaptatie voor film werken.
Gerda Sterk
Gerda Sterk
Barry Powell is hoogleraar Klassieke Talen. Hij vertaalde voor Oxford University Press onder andere de Ilias, Odyssee en de Aeneis. Daarnaast publiceerde hij korte verhalen en romans, poëzie en filmscenario’s over onderwerpen uit de oudheid.
Joanna Lisowiec is een Poolse illustrator, die nu in UK woont. Ze ontwikkelde illustratietechnieken die houtsneden en graveringen nadoen, zodat ze aan een hedendaags kunstwerk een traditionele allure kan geven.
Vertaald door: Hester Eymers
Vertaald door: Hester Eymers