Francis Weyns
Paul Van Aelst
Non-fictie
  • 183 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering boekreview

22 juni 2021 De zinderende 16de eeuw
Francis Weyns slaagt erin om een belangrijk deel van onze geschiedenis op een boeiende en intrigerende wijze onder de aandacht te brengen. De auteur is in 1965 geboren in Gent – niet toevallig de stad die een hoofdrol speelt in zijn boek.
In 1992 studeerde hij af als historicus aan de UGent. Zijn huidige functie heeft echter weinig met geschiedenis te maken: hij is cultural marketing manager bij Red Bull.

De zinderende 16de eeuw is een modern geschiedenisboek. Weyns’ werk heeft een breed opzet. Het verhaal stopt niet aan de staatkundige grenzen, maar behelst heel Europa. Hij vervlecht de politieke, sociale en dynastieke elementen tot één beschouwend geheel. Daarbij vertelt hij ongemeen boeiend over de vele grootst opgezette feesten en intredes. Maar ook de uitspattingen en duistere praktijken op de achtergrond komen aan bod. Zo belicht hij de ideeën achter de vele vredesverdragen, en ook evenveel oorlogsverklaringen. De houding van de steden beïnvloedt sterk de handelingen van keizer, paus, koning, prins,… en wie het nog voor het zeggen had. De uitgebreide hofhoudingen en de oorlogen kosten fortuinen. Er is dan ook het eeuwige zoeken om nog meer belastingen te kunnen innen.
Het boek is prachtig uitgegeven en Weyns schrijft bijzonder vlot. Het werk leest zoals een avonturenroman, maar dan echt gebeurd. Wat daarbij helpt, is dat je niet overspoeld wordt met Noten (noch onderaan de pagina, noch achteraan het boek). Waarschijnlijk vinden academici dit, op zoek naar zo veel mogelijk bronnen, een gebrek, maar het maakt de tekst wel toegankelijker.

Niet voor niets zegt Weyns: ‘Wij zijn kinderen van de zestiende eeuw, emotionele wezens met een laagje rationeel vernis eroverheen’. De antivaxxers zouden zo uit die wereld vol xenofobie en heksenvervolging kunnen komen. De 16de eeuw is het definitieve afscheid van de middeleeuwen en opent de weg naar de moderne tijd. We vinden kolonisering en globalisering terug, de opkomst van de reformatie en de contrareformatie, maar ook het groeiend belang van de burger tussen adel en kerk. Het is ook een boek vol oorlogen geworden. Weyns beschrijft die op realistische, dus gruwelijke wijze. Hij gaat “geen lijk uit de weg”.
Het boek start in 1477 met de dood van Karel de Stoute op het slagveld van Nancy. Het eindigt in 1585 met de val van Antwerpen en de splitsing van de Nederlanden in een zuidelijk katholiek en een noordelijk protestants deel. Protagonisten in deze geschiedenis zijn Filips de Schone, Karel V en Filips II. Deze helden van het verhaal leiden geen prinsenleven. Ondanks de schijnbaar grote luxe waarmee ze omringd waren door een zeer uitgebreide hofhouding, waren ze bijna steeds ‘onderweg’. Hun bezittingen waren immens uitgebreid en verplaatsingen waren niet eenvoudig. Er waren altijd wel ergens onlusten in het rijk of aan de grenzen. Nauwe familieleden stierven jong of onverwacht en zorgden zo dikwijls voor een machtsvacuüm. Het is duidelijk dat de vrouwen minderwaardig waren in die periode. Voor de man aan de macht was een vrouw diplomatiek materiaal. Vrouwen dienden ervoor te zorgen dat er erfgenamen werden geboren en dat door gearrangeerde huwelijken de eigendommen werden gevrijwaard.
Weyns ziet in de zestiende eeuw het begin van de globalisering. Er werd veel gereisd binnen Europa en Columbus bracht Amerika binnen bereik. Een smet op deze verplaatsingen was de ruime verspreiding van pest en pokken.

Dit is ook het tijdperk van de reformatie. Deze veroorzaakte niet enkel een religieuze, maar ook een sociale en politieke breuk met het verleden. Rampjaar hierbij was – althans voor Vlaanderen – het jaar 1585, met de Val van Antwerpen. De katholieke Spanjaarden zegevierden en de helft van de inwoners vertrokken naar het calvinistische noorden. Dit was niet enkel een braindrain naar het noorden, maar betekende ook de vlucht van talloze handelaars, artiesten en geschoolde werklui. Dit heeft veel bijgedragen aan de Nederlandse Gouden Eeuw.

Ook Gent viel ten prooi aan de katholieke Spaanse troepen. Op het einde van de 15de eeuw was het een der grootste steden van Europa, maar na de vernielende doortocht van Karel V in 1540 en die van Farnese in 1584 restte er nog amper een provinciestad.

Toch was het niet allemaal kommer en kwel. Er was in die zinderende eeuw ook intellectuele vooruitgang: het humanisme en de renaissance deden hun intrede. Het belang van Mercator, Erasmus of Vesalius valt niet te onderschatten.
Historicus Weyns brengt een meeslepend verhaal, boeiend en intrigerend over de zestiende eeuw. Al lezend herbeleef je die periode.

Achteraan het boek is er een uitgebreide bibliografie opgenomen. Maar ik mis twee dingen om dit boek compleet te kunnen noemen. Een overzichtelijke tijdslijn, een chronologie, zou de talrijke feiten beter een plaats kunnen geven in het geheel. En een stamboom van de hoofdpersonages om hun talrijke huwelijken uit elkaar te kunnen houden. En om helemáál volledig te zijn, is ook nog een register nodig.
Francis Weyns
Paul Van Aelst
Non-fictie
-
_Paul Van Aelst -
Meer van Paul Van Aelst

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies