• |
Sebastiaan Van de Water
Sophia De Wolf
Non-fictie

Waardering boekreview

1 februari 2019 Sociale robotica, de onstuitbare opmars van menselijke machines.
Wordt het ooit werkelijkheid dat we kunnen gaan wandelen met een robotvriend of -vriendin, ondertussen een inspirerend gesprek voerend? Gaan onvermoeibare, slimme robots ons binnenkort vervangen op het werk? Volgens de Nederlandse freelance journalist Sebastiaan van De Water – die dit boekje schreef voor de reeks Pocket Science – zal dat nog niet meteen het geval zijn.
Integendeel zelfs. De vraag die hij in dit beknopt en vlot leesbaar boekje overzichtelijk behandelt, is: Waarom duurt het zo lang?

Het boekje omvat acht hoofdstukken – die elk beginnen met een mooie, toepasselijke quote – verdeeld over drie delen.
In het eerste deel geeft de auteur ons een beknopte geschiedenis van de evolutie van de robotica en neemt ons eerst mee naar de optimistische jaren ’50 toen de uitvinding van de computer wetenschappers deed dromen over digitale breinen. Alan Turing indachtig – hij formuleerde dat er slechts sprake zal zijn van een intelligente machine wanneer een machine een gesprek kan voeren met een mens zonder dat de mens door heeft dat hij met een machine praat –  maakt de auteur ons duidelijk dat we nog niet meteen wakker moeten liggen van het feit dat we overtroffen zullen worden door artificiële intelligentie. ‘The Matrix’ blijft meer dan waarschijnlijk fictie, wetenschappers zijn zelfs wat teleurgesteld over de trage gang van zaken.
Het tweede deel beschrijft de praktische toepassingen in het onderwijs, de zorg en de seksindustrie. Loden leraren, vertederende verplegers en metalen minnaars kunnen de ‘echte’ vooralsnog niet vervangen, maar hebben al op een aantal gebieden bewezen van doorslaggevend belang te zijn, dit dankzij de steeds beter wordende technologie.
Van de Water legt in beide eerste delen op een heldere en bevattelijke manier uit dat er nog zodanig veel wetenschappelijk werk aan de winkel is dat we voorlopig geen hoop moeten koesteren op autonome gesofisticeerde robothulpjes. Bijgevolg hoeven we dus evenmin de vrees te hebben om erdoor overklast of gedomineerd te worden.
Waar we wél aandacht moeten voor hebben, wordt duidelijk in het derde deel: de wérkelijke gevaren zijn dataspionage, manipulatie, hacken, ongelijkheid, aantasting van autonomie en verlies van empathie. De balans is evenwel positief: imperfecte robots kunnen imperfecte mensen helpen in een imperfecte samenleving. Robots zullen die samenleving niet ontmenselijken maar nét humaniseren, denk maar aan afstompend werk dat overgenomen wordt / kan worden door robotarmen.
Het boekje krijgt van mij de volle vijf sterren. Het is een deel van de reeks Pocket Science- wetenschap voor iedereen. Een tweetal uurtjes lezen en je bent als leek voldoende gebrieft over de stand van zaken op het gebied van sociale robotica. Sophia De Wolf
Het is bovendien zeer aangenaam dat het goed geschreven is, fijn geformuleerde zinnen bevat en bijgevolg nooit saai wordt: een must als je de aandacht van de doorsnee lezer wil behouden.

Dit wetenschappelijk pocketwerkje maakt ook duidelijk dat er nog heel veel is dat we niét weten over het functioneren van ons lichaam. Wél dat de mens een sterk staaltje vernuft van de natuur is en voorlopig niet te evenaren. Maar die inspirerende wandeling met een robot? Het zal nog niet voor morgen zijn.
Sebastiaan Van de Water
Sophia De Wolf
Non-fictie
boekenwurm
_Sophia De Wolf recensent
Meer van Sophia De Wolf

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies