Marten Toonder
Victor De Raeymaeker
fictie
  • 95 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

23 november 2022 De Hopsa's. Klimaateditie.
“De Hopsa’s” is een Olivier B. Bommel en Tom Poes verhaal van 88 bladzijden. Het is natuurlijk geen nieuw verhaal want Marten Toonder, de striptekenaar en schrijver van de 177 verhalen tellende “Bommelsaga”- reeks, stierf in 2005. Dat heeft Bommel, Tom Poes en een hele resem personages die in Bommeldam wonen of tijdens één of ander avontuur kwamen opdagen niet belet lustig verder te telen.
Heer Bommel en Tom Poes zijn er in de loop van hun avonturen zelfs in gelukt eigenaar te worden van een voorvaderlijk kasteel Bommelstein en Bommel verklaart herhaaldelijk dat geld van geen belang is.

Deze verhalen van Toonder hebben een eigenaardige structuur en verhaaltrant. Toonder begon ooit met  een strip te tekenen met een kat als hoofdpersonage, in navolging van zijn leermodel Felix de Kat, maar vond om één of andere reden dat zijn stripverhaal niet vanzelfsprekend genoeg was en schreef een tekst onder de stripstrook om die te verduidelijken. Dat evolueerde tot het een geschreven verhaal was , voorzien van tekeningen om het verhaal te illustreren. Toonder zelf zei daarvan dat het een geïllustreerd verhaal was, “op de rand van de roman” en dus was het literatuur. Nochtans, als men de naam Maarten Toonder uitspreekt, denkt iedereen aan de man die Bommel en Tom Poes tekende als een bekende striptekenaar.  
De verhalen van Tom Poes en heer Bommel zijn dus een ding apart. Om te beginnen is er het formaat van de oorspronkelijke boekjes dat een horizontaal langwerpige rechthoek was, met op het bovenste derde deel drie tekeningen in lijstjes zoals bij een stripverhaal, maar zonder tekstballonnetjes. Toch zijn het illustraties, want ze hebben wel de logische opeenvolging van het verhaal in de tekst op de resterende twee derde  van de pagina, maar kunnen op zichzelf niet als verhaal begrepen worden. Het is dus het geschreven verhaal waar het hem om gaat en toch zijn de reeks en de schrijver-tekenaar vooral gekend vanwege de tekeningen met als hoofdpersonages een zwaarlijvige, bruine beer met als enige kledij een geruit jasje en zijn vriend, een lieftallig, klein, wit poesje. Het kende een blitz succes, als je bedenkt dat het eerste Tom Poes verhaal het daglicht zag in 1941 en in 1946 al verscheen in 22 talen in 50 kranten, over gans Europa.
Dat succes bleef trouwens aangroeien. Het kwam het tot een lange animatiefilm, getekend door een resem tekenaars in de trant van Disney films. Er kwam een hoorspelserie voor de radio, een musical, er zijn minstens twee musea aan hem gewijd, ééntje “een Tom Poes en Bommel museum” en de 177 Bommel-Poes verhalen zijn recent nog eens allemaal heruitgegeven in een bijzondere verzamelaarsuitgave. Er zijn regelmatig tentoonstellingen en er verschijnen hulde-albums bij de zoveelste verjaardag van Toonder, of Bommel, enz, er zijn de “xxxxjaar Tom Poes en Heer Bommel” vieringen… De gemeente Rotterdam onthulde in 2002 ter ere van Maarten Toonder, die 90 jaar eerder in die stad geboren was, een Bommel monument. Er is een tentoonstelling “Marten Toonder, een heer van Stand” te bezoeken vanaf augustus van dit jaar.
Ik zou zo nog een tijdje door kunnen gaan. Maar om het allemaal samen te vatten: in 2020 bestonden er meer dan 3500 studies en publicaties over Toonder en zijn werk.
Marten Toonder tekende knap, vond nog een hele reeks originele karakters uit die een rol speelden in de loop van de verhalen en werkte aan zijn strips bijna zeven dagen op zeven, gedurende meer dan dertig jaar. In het oorspronkelijk formaat verschenen er 177 Bommel-Poes verhalen. Maar deze en andere tekststrips werden ook hertekend in de vorm van 77 gewone ballonstrips in de bloeiende “Toonder Studio’s”. Zijn verhalen verschenen als afleveringen in een hele reeks tijdschriften en magazines, ook in de vorm van strips in kleur in volledige pagina’s en later gebundeld en uitgegeven als stripalbums. Hij wordt beschouwd als één van de groten tussen de Europese striptekenaars en werd soms zelfs “De Nederlandse Walt Disney” genoemd. De meer intellectuele Nederlander hield instinctief van Bommel en het tegenbeeld Tom Poes.
Voor de Nederlanders is hij niet enkel een buitengewone tekenaar, maar ook “één van de grootste schrijvers van het Nederlandse taalgebied.” Hij kreeg regelmatig onderscheidingen (maar geen prijzen) en wordt door de Nederlanders beschouwd als één van de grote vernieuwers van de Nederlandse taal. Hij wordt zelfs de “Charles Dickens van Nederland” genoemd.

Ik heb van dat hele gedoe, de buitengewone bekendheid en roem van Toonder, nooit begrepen en begrijp het nog niet.

Als jongeman en verwoed lezer van stripverhalen, kreeg ik nu en dan een eerder onaantrekkelijke grijze strip in handen die geen stripverhaal was. Zoals gezegd: tweederde van de pagina werd ingenomen door tekst, op het andere derde stonden drie frames die blijkbaar gingen over een halfnaakte beer en een onwezenlijk klein, lief, wit poesje met grote ogen die allerlei onsamenhangende dingen deden, behalve praten, want er waren geen spraakballonnetjes, en om te begrijpen wat ze deden moest je die tekst onder de drie prenten lezen.
Dit boekje De Hopsas’s, dat de ondertitel Klimaateditie meekrijgt, heeft ook dat formaat, maar tekst en tekeningen zijn om één of andere reden niet op het volledige blad gedrukt, zodat de tekeningen erg klein zijn en de kwaliteit daardoor minder te onderscheiden.

Bommel en Poes zijn op vakantie “op weg naar de zon” maar het regent. Hun autootje De Oude Schicht komt in een kuil terecht. Langs een gang in die kuil komen ze in een dal terecht waar altijd de zon schijnt en waar de Hopsa’s wonen. Die zwemmen vrolijk in een de rivier, waardoor het water bijzondere kwaliteiten krijgt. Het maakt diegenen die er van drinken vrolijk en blij en het heeft voldoende voedingsstoffen. Hun motto is “eten, drinken en vrolijk zijn”. Dat kunnen ze, want ze drinken van het water van de rivier. Heer Bommel en Tom Poes proberen het en inderdaad dat water is een wondermiddel.
Bommel, zonder veel nadenken, spontaan, goedaardig en idealistisch zoals hij altijd is, verspreidt dit nieuws in de buitenwereld, want daar moet toch iedereen van kunnen genieten en hoeveel mooier zou de wereld zijn met allemaal blije en gelukkige mensen. Dat wonderwater en dat zonnige oord wekken natuurlijk de interesse op van minder idealistische mensen. Zo is er secretaris-generaal Steenbreek van de Oliehandelsmaatschappij die meteen “onvermoede mogelijkheden” ziet om veel geld te verdienen. Woorden die daarna courant gebruikt worden zijn “ambtenaren, jurisdictie, ontginningsvergunning, ordedienst en tankwagen” wat wel voldoet om uit te leggen welke richting het verhaal uitgaat.
Het ziet er naar uit dat Poes-Bommel en het arme Hopsa volkje tegen wild winstbejag het onderspit gaan delven. Op een ogenblik in het verhaal staan Bommel en Poes verslagen te kijken naar het eens zo maagdelijke, mooie, stralende bos. Toeristen zijn er komen picknicken. “De zon scheen nog altijd helder, maar de bloemen en de planten waren over een brede baan platgetrapt. In plaats daarvan was de grond nu bedekt met flessen, blikjes, zakjes, papieren en andere handige verpakkingsmiddelen. Ook waren er takken van de bomen gerukt, zonder twijfel om het gaan van de bezoekers te vergemakkelijken, en op de stompen zaten een paar Hopsa’s verstard te kijken. De wind blies over het valleitje, zodat de weggeworpen papieren ritselden en de bloemen treurig aan hun geknakte stengels zwaaiden. Als Bommel protesteert, roept assistent-reisleider Hieper: “Dit wordt een Superzaak; zal je zien! We beginnen pas.” Bommel beseft wat hij teweeggebracht heeft en gaat zijn “misstap ongedaan maken”. Hij gaat “de overheid inschakelen”. Dat wordt natuurlijk een faliekante mislukking, zelfs wanneer uiteindelijk toch politiecommissaris Bulle Bas wil ingrijpen. Ook de politie kan niets doen want de vallei valt buiten haar jurisdictie. En elke volgende stap die heer Bommel onderneemt, botst tegen een muur van regels, privileges en voordelen die de oliemaatschappij verworven heeft. Toch is Bommel de redder die voor het onvermijdelijke happy end zorgt door min of meer onvrijwillig voor een lettterlijk knallende gelukkige afloop te zorgen.
Dit verhaal verscheen in 1974, een periode waarin het prille besef begon te groeien van wat gretig Grootkapitaal en de vernietigende hang naar winst  kon teweegbrengen. De Hopsa’s is één van de vele verhaaltjes die verschenen omdat “men” aanvoelde dat er iets lelijks aan het gebeuren was en dat wilde tonen. Toonder schreef zeker geen boekje over “het klimaat” bestemd voor een “klimaateditie”.

De Hopsa’s is een voorbeeld van het stramien waarop de meeste verhalen van de Bommel-saga verlopen. Simpel en efficiënt en gebruikt in vele stripverhalen. Een kortzichtige, ergens domme hoofdfiguur die, zoals Bommel, spontaan reageert en later ontdekt dat hoe hij gereageerd heeft dat niet juist was. ”Want hij heeft normen en daarom is hij een heer.” Tom Poes staat voor het verstand, de lucide, krachtig handelende nevenfiguur, maar die uiteindelijk toch niet diegene is die de bedreiging afwentelt.
Bommel staat voor het gevoel en is die klungelige, welmenende maar blinde “held”. Hij is sympathiek, omdat hij het altijd goed meent, ook door de warrige manier waarop hij spreekt, met het door elkaar halen van spreekwoorden en gezegdes (contaminaties): “Mijn teer gestel heeft behoefte aan een verversing.”, “Dat is de druppel die mijn gal doet overlopen.”, “Ik haat dit weer, als heer zijnde.”
De satire in de Toonder verhalen blijft mild en enigszins oppervlakkig, en zijn karikaturen zijn doorgaans zo extreem dat ze enkel nog lachwekkend zijn. Vooral bepaalde types en beroepen worden gekarikaturiseerd: in “Dorknoper” is dat de bureaucratie. Hij maakt gebruik van woordspelingen, ironie, hyperbolen, understatements en het effect van zwart-witdenken.

Allemaal mooi, maar het zijn gewoon dezelfde trucjes die cabaretiers of stukjesschrijvers gebruiken en de verhaaltjes van Toonder bereiken nooit het niveau van een spannende strip of een verhaal met een stevige verhaallijn, of het genre van de volgehouden, stevige humor. Ze halen amper het niveau van stripverhalen zoals Suske en Wiske of Sjors en Sjimmie.
Vergeleken met het Nederlandse en zelfs Vlaamse Cabaret kan het daar soms net mee meedoen maar het is behoorlijk minder goed dan wat een Godried Bomans of een Toon Hermans presteren. Toonder heeft inderdaad een gesofistikeerd, alhoewel eerder archaïsch, taalgebruik en veel van zijn neologismen zijn courante uitdrukkingen geworden, zoals “Als je begrijpt wat ik bedoel”, “een zieleknijper,” “verzin een list”, “mallerd”, “ kommer en kwel”, “een eenvoudige doch voedzame maaltijd”.

Met zijn fijn gevoel voor humor, houdt hij van ironische toespelingen, speelt overvloedig met namen die een bijbetekenis in zich houden: “Kwetel” is de denker, de minstreel heet “Lierelij”. Nog voorbeelden zijn Bulle Bas, Bul Super en Hiep Hieper, Terpen Tijn, Rommeldam.
Nog eens: niettegenstaande die kwaliteiten, blijft het mij een raadsel waarom zijn verhalen ook jaren na zijn dood nog steeds herdrukt en veel verkocht worden. De Bommel-verhalen blijven middelmatige vertelseltjes, slordig van structuur, gemakkelijke voorspelbare afloop, kneuterig. “Het is hier gezellig” “Zeg maar Doddeltje, hoor”.  “Doddeltje” is het vrouwtje waarmee heer Bommel gaat trouwen. Tegen Adriaan van der Veen, liet Toonder zich  eens ontvallen: “Als je begrijpt wat ik bedoel slaat helemaal op mezelf. Al die dertig jaar probeer ik erachter te komen, wat ik bedoel, wat ik zeggen wil. Ik ben een verhaaltjesverteller, geen wereld hervormer. Een echt goed verhaal komt als een verhaal voor jezelf.” Waardoor Toonder toont dat hij zijn eigen werk juister inschat dan het bredere Nederlandse leespubliek.

Leuke strip, die je als tussendoortje kan lezen en er plezier aan beleven, want het heeft hier en daar goede vondsten, is soms grappig en vergeet soms te moraliseren. Je krijgt ook de ervaring mee van een stap terug in het verleden. Jammer dat het zo onaantrekkelijk is uitgegeven.

Victor De Raeymaeker
Marten Toonder
Victor De Raeymaeker
fictie
-
_Victor De Raeymaeker - Recensent
Meer van Victor De Raeymaeker

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies