Marc Michils
Victor De Raeymaeker
Non-fictie
  • 91 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

16 januari 2023 Kom op! Voor solidariteit. Tegen vijandigheid.
Iedereen kent de slogan “Kom op tegen kanker!”. Er zijn weinig of geen vrijwilligersinitiatieven die een dergelijk succes en draagwijdte kennen. “Kom Op” is een begrip geworden. Dat zal gedeeltelijk wel te maken hebben met de aard van de ziekte die onzichtbaar rondsluipt, altijd en overal kan komen opdagen, geen onderscheid maakt tussen jong en oud, rijk of arm, man of vrouw en zo wijdverspreid is, dat bijna iedereen wel iemand kent of gekend heeft die met kanker te maken heeft of had.
Elk jaar krijgen 40.000 Vlamingen te horen dat ze kanker hebben, maar ook “Op een dag verslaan we kanker”. Iedereen leeft mee met de strijd tegen kanker en elke kleine stap die vooruit wordt gezet. Er is ook geen enkele organisatie die op zoveel acties kan bogen, zoveel vrijwilligers op de been kan brengen. Toch moet er nog een andere factor zijn, gezien het groeiend aantal mensen met dementie of de huidige epidemie van burn-outs die in getal zeker die van kanker evenaren. Waarschijnlijk is die andere factor de persoon van Marc Michils die met zijn ervaring in de reclamewereld de juiste persoon is om directeur te worden van een liefdadigheidsorganisatie met een dergelijke omvang. Vooral omdat hij iemand is die de morele integriteit heeft om de nefaste invloed van reclame te (h)erkennen en te schrijven over de noodzaak van Eerlijke reclame in een transparante wereld (Lannoo).
Marc Michils heeft inderdaad nog veel andere redenen om dit boek te schrijven. Hij krijgt iedere dag te maken met die tweespalt waar iedere eerlijke en sociaal denkende mens mee te maken krijgt. Aan de ene kant lijken we almaar meer berichten te krijgen over hoe de ene mens de andere slecht behandelt, berichten van scheldpartijen, groeiende vijandigheid in onze samenleving, een toename van politiek geruzie, misnoegde mensen, haatberichten, grof taalgebruik, politieke uitwisselingen doorspekt met oorlogstaal, persoonlijke aanvallen op politici en zelfs wetenschappers, in zulke mate en heftigheid dat die politiebescherming nodig hebben en wie had zich tien jaar geleden kunnen voorstellen dat gevoed door bepaalde politieke opinies er goede Vlamingen zouden zijn die een toekomstig asielcentrum in brand steken?
Erger is de erosie van het publieke moreel gevoel, door uitingen van leugens en haat waarbij men (h)erkent wat sommige mensen met enig boosaardig genoegen poneren: “Als je halve leugens lang genoeg herhaalt, wordt dat de waarheid.” Wat niet alleen maar een ironische bewering is, maar iets dat we elke dag konden en kunnen meemaken met een president die tijdens zijn presidentschap zo maar eventjes 30537 dingen zou gezegd hebben die gelogen waren of met de bedoeling te misleiden. En het net deze president is die het beweert dat zoveel van wat men beweert “fake news” is.
Of hoe we het onmogelijke feit onder ogen moeten zien dat er in het beschaafde Europa een oorlog woedt die enkel in stand gehouden wordt door het verspreiden van een reusachtige leugen, gevolgd door dagelijkse opzettelijke vervorming van de feiten, verspreid langs pers, televisie en de “sociale” media. Deze sociale media die het platform gingen zijn waarop iedereen met iedereen open en eerlijk van gedachten zou kunnen wisselen en dat dan het gedroomde terrein blijkt om te kunnen schelden, dreigen, liegen, zonder elkaar in de ogen hoeven te kijken. Waarbij Twitter of Facebook de gedroomde gereedschappen zijn, de “langste cafétogen” ooit, maar dan met anonieme tegenspelers die met de vrijheid van meningsuiting zwaaien als excuus om brutaal te zijn.
Ondertussen is onze zo hooggeprezen democratie erg zwak gebleken, met altijd maar weer een volgende verkiezing aan de horizon en politiekers die vooral bezig zijn met de “partij” waartoe ze behoren, wat de polls zeggen, enkel in staat tot kortetermijndenken en niet in staat blijken de flagrante ongelijkheid aan te pakken tussen arm en (super)rijk of het groeiend gevaar van de rampen die eraan staan te komen als gevolg van de opwarming van de aarde.
En zo kunnen we helaas nog een tijdje doorgaan. Marc Michils schrijft hierover. Maar ook over heel wat anders.
Het boek vertelt wel het verhaal van “Kom op tegen kanker”, het verhaal van een groep vrijwilligers, die sinds 1924 “de” grote vereniging van kankerbestrijding is in België en die door hun werk, enthousiasme, expertise, acties en campagnes ervoor gezorgd hebben dat 330.000 mensen in de laatste tien jaar de kanker overleefd hebben. Dit is gelukt dankzij de inzet van duizenden vrijwilligers waaruit overweldigend blijkt dat de mens geen loutere homo economicus is, enkel bezig met geld en bezit, maar eerder een ‘homo solidarietatis’ zoals we die kennen uit het werk van Rutger Bregman, Ignace Devisch, Hannah Arendt, Patrick Loobuyck en al diegenen die zich om anderen bekommeren en hulp bieden, “bergen verzetten”, waarbij zowel die anderen als zijzelf er “beter” van worden.
Mark Michils vertelt het verhaal van 15 van zulke mensen die jaar na jaar benefieten blijven organiseren, nadat hun dochter aan kanker overleed, anderen die zelf ziek zijn en toch positiviteit en levenskracht uitstralen. Werken in de bibliotheek als vrijwilliger, na een zware brand een solidariteitsactie opzetten, die ervan overtuigd zijn dat het leven zich niet afspeelt achter een computer maar op straat, tussen de mensen. Een palliatief debat opzetten voor mensen die niet meer beter worden, een pelgrimstocht beginnen om fondsen te verzamelen, deel nemen – of meewerken aan de ‘1000 kilometer van Kom op’, ieder jaar op post staan als monitor op kampen, gaan praten met anderen over hun ervaring met borstkanker of “als “Jef Wafel” al 25 jaar emmers deeg omzetten in wafels. Denk maar aan de spontane hulp tijdens de recente overstromingen in Wallonië waarbij de kranten konden melden: “al 100 vermisten gevonden, al 3.9 miljoen opgehaald, al 10.700 vrijwilligers. Of aan die BV die toevallig een bekend weerman is en door zijn aanwezigheid op evenementen voor een zonnig onthaal zorgt, en die trucker die zich inzet bij de “1000km” om de logistiek op wieltjes te laten lopen. Die “iemand” die op de afdeling oncologie een luisterend oor komt bieden. Of die ander die - door als één man het initiatief te nemen - een hele gemeenschap wist aan te steken. Of omdat ze wat talen kent, inwijkelingen het zo nodige eerste Nederlands bijbrengt. En de vloed van vrijwilligers die het mogelijk maakten dat zomaar eventjes 94 vaccinatiecentra in de kortste tijd konden opgezet worden en vlekkeloos functioneren.
Dus, mensen willen zich graag engageren, misschien anders dan vroeger. Solidariteit lijkt een old-fashioned woord maar doet het toch nog altijd beter dan altruïsme, samenwerking, lotsverbondenheid, eendrachtigheid, want het toont de wil en de reflex om te helpen, mee te doen. Omdat jij ook die ander bent, zelfs al kan je je onmogelijk inleven in zijn leven en situatie. Paul Verhaeghe zegt daarover: “Solidariteit zit ingebakken in onze natuur.” De wereld ziet er anders uit als we aandacht geven aan ‘la petite bonté’ en creativiteit gebruiken voor nieuwe oplossingen.
Bij het verschijnen van dit boek kon Michils nog schrijven: “We leven al lang in vrede en vrijheid. Dat is niet vanzelfsprekend.” Dat hebben we ondertussen moeten ervaren.
Tegenstellingen zijn niet verkeerd of slecht. Ze kunnen positief zijn en inzicht verschaffen. Natuurlijk mits overleg, praten op grond van gelijkwaardigheid. Meer dan 500 studies hebben aangetoond dat een persoonlijke interactie in 94 procent van de gevallen de vooroordelen wegneemt of afzwakt.
Het omgooien van onze levensstijl is onvermijdelijk. De planeet houdt niet vanzelf op met verwarmen, tegen het menselijk gedrag in.
De wereld stort in zonder de honderdduizenden mensen die zich dagelijks vrijwillig inzetten. Ontelbare vrijwilligersinitiatieven en vrijwilligerswerkers in tegenstelling tot “Zwarte zondagen”.
Het is onmogelijk alle onderwerpen te behandelen die Marc Michils aanpakt, nuchter, praktisch en met geloofwaardige voorstellen.
-       De berging van kernafval.
-       Een leefbare stad.
-       We zijn eigenlijk allemaal migranten.
-       Het prachtverhaal van Europa, dat een plek van vrede en welvaart was.
-       Het creëren van publieke ruimtes.
-       De 21e eeuw wordt de eeuw van de stad met verbindende steden en gemeentes.
-       Mensen van buitenlandse origine zijn geen randfiguren. Ze werken massaal mee in de samenleving. We zijn eigenlijk allemaal migranten.
Michils theoretiseert niet. Hij denkt handelingsgericht. Zoekt naar oplossingen.
In een onderdeel “Hoe kunnen we de samenleving solidairder maken?” overloopt hij zes broeihaarden en stelt oplossingen voor. “Onaanvaardbare basisproblemen aanpakken”. Ervaren onrecht is een terechte reden voor ongenoegen.
In het tweede deel is de vaststelling van de huidige toestand op de sociale media bijzonder duidelijk en hij geeft aan wat kan gedaan worden. “De sociale media weer sociaal maken”. Twitter is een brutale versie van persoonlijke communicatie geworden. De bedoeling was niet om als luidspreker te dienen voor idioten en gekken die niet inzien dat de onlinewereld niet hetzelfde is als de offline. Sociale media zorgen voor jaloezie, veroorzaken desinformatie, zetten mensen in echokamers waar ze worden misleid, ze versterken angst en boosheid. “Politieke partijen hebben aangeven dat ze daardoor ook extremere standpunten zijn gaan innemen om hun publiek verder effectief te bereiken.” Sociale media verleiden mensen tot complot denken.
Sociale media zijn een prachtig iets, natuurlijk. Maar niet zoals ze nu fungeren en de maatschappij verzieken. Wat kan gedaan worden:

- Sociale media nemen zelf meer de verantwoordelijkheid om in te grijpen.
- Aan de slag gaan met positieve in plaats van kwaadaardige algoritmes, “die even erg zijn als fipronil in eieren of dioxine in kippen”.
- Meer passende reglementeringen uitvaardigen. Bijvoorbeeld anonimiteit verbieden. Het is toch duidelijk dat overheden en politici, op tenminste Europees niveau, dringend met de technologiereuzen het debat moeten openen over het topgeheim houden van algoritmes, over nieuws, informatie, polarisatie, democratie, de wettelijkheid van bedrijven zoals de fameuze “Cambridge Analytica”, die de Britten opzadelde met Brexit en de VS met Trump.
- “Own Your Data”. Het recht opeisen, waarbij je eigenaar blijft van je eigen data zodat bedrijven zoals Facebook ze niet zomaar kunnen verkopen.
- Mediawijsheid zou ons veel meer de weg kunnen wijzen naar beter burgerschap. De opleiding tot mediacoach in het onderwijs: via films, blogs, podcasts, cursussen, onderzoek en tools, zoals de Edubox dat al doet.
- Het “Wij-Zij” netwerk van de Vlaamse Regering: denken en van menig leren verschillen en een duurzaam antwoord op polarisatieproblemen, controverses en conflicten vinden.  
- “De schaal van M”: mediawijs in het 5de en 6de leerjaar; “Westnest” website voor ouders over mediaopvoeding; “de digimeter-studie”, “Actief burgerschap in de vrije ruimte” van het Gemeenschapsonderwijs; “omgaan met koloniale verwijzingen in de publieke ruimte van het Agentschap Integratie en Inburgering.
- Adverteerders kunnen scherper reageren op de ethische /morele kwaliteit van de advertenties in het medium waar ze zoveel geld, “miljarden” insteken. Eén adverteerder kan dat misschien moeilijk, maar wel de organisaties, zoals WFA, die de belangen van adverteerders en media verdedigen. Die kunnen onder andere transparantie en onafhankelijke audits afdwingen.
Het andere onderwerp dat uitvoerig en vernieuwend behandeld wordt is het mechanisme dat onze democratie beheert: het verkiezingsstelsel.
Op dit ogenblik worden vanuit de vele partijen mensen voorgesteld om verkozen te worden vanuit een partij ideologie en partij programma. Uit al die kleine doelen moet de kiezer er dus één kiezen die één mens moet uitvoeren. De mensen die willen verkozen worden weten wel wat ze willen bereiken maar als ze willen verkozen worden, moeten ze iets bieden waardoor de kiezer voor hen stemt. Kiezers stemmen uiteindelijk voor hun eigen voordeel of uit ongenoegen en radicaler dan ze eigenlijk willen. Dat is zelden wat best is of noodzakelijk. Die manier van verkiezen schept een klimaat van vijandigheid. Kiezers van de ene partij keuren de kiezers van de andere af voor hun keuze en als mens. Dat resulteert uiteindelijk in een moeilijke regeringsvorming en onenigheid binnen een gevormde regering: ‘geruzie’. Deze manier om onze mening te uiten kan daarenboven ten hoogste één keer om de vier jaar.
Marc Michiels duidt aan hoe het anders kan.
Het “pleidooi voor politieke renovatie” van Christophe Convent. Voor de hand liggende noodzakelijke eerste stappen.
G1000 en de “deliberatieve democratie” in wording. Het model van democratie uitgewerkt door 700 burgers, vertrekkend vanuit enkele ideeën van David Van Reybrouck, die je samengevat kan lezen in “Het preferendum.” Met voorbeelden hoe dat nu al werkt. Met een quiz waarmee je je feitelijke kennis kan testen. Waardoor je heel wat nederiger wordt en inziet dat, inderdaad, steeds meer mensen, steeds sneller oordelen op basis van steeds minder en steeds slechtere informatie. Het is waanzin de wereld te accepteren zoals hij is en niet te strijden, zelfs met burgerlijke ongehoorzaamheid, voor een wereld zoals hij zou moeten zijn en opkomen voor een wereld van solidariteit en samenwerking, tegen vijandigheid en verzuring. 
Als uitsmijter kan je eens gaan kijken bij de “solidaire ideeën van 50 mensen.”

Een baken van een boek. Lees het, praat erover, zet het niet weg bij andere stapels boeken, geef het door, geef het als geschenk.

Victor De Raeymaeker
Marc Michils
Victor De Raeymaeker
Non-fictie
-
_Victor De Raeymaeker - Recensent
Meer van Victor De Raeymaeker

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies