Madeline Miller
Ignace Claessens
fictie
  • 6 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

10 september 2026 CIRCE
Madeline Miller studeerde klassieke talen aan de Brown University. Zij ging vervolgens aan de slag als lerares Latijn en Grieks. Vanuit haar belangstelling voor de Griekse mythologie debuteerde zij in 2011 met ‘Een lied voor Achilles’. In 2018 volgde dan dit werk dat een hervertelling is van het verhaal van ‘Circe’, een heks en tovenares uit de Griekse mythologie.
Helios, god van de zon en machtigste van de Titanen, was gehuwd met Perse, een zeenimf en dochter van Oceanus. Zij kregen vier kinderen waaronder Circe. Circe voldeed niet aan de verwachtingen. Zij had gele ogen, een scherpe, niet prettig ogende kin en de schrille stem van een sterveling. Ze werd buitengesloten en voelde zich eenzaam tot zij de arme visser Glaucos ontmoette. Zij transformeerde hem van sterveling tot zeegod en werd prompt verliefd op hem.
De ondankbare Glaucos had echter zijn oog laten vallen op de bevallige zeenimf Scylla. Circe nam wraak en met behulp van kruiden (Pharmaka) veranderde zij haar in een zeemonster met zes hoofden en twaalf loshangende benen. Scylla trok zich terug in een grot bij een zee-engte en terroriseerde de voorbijvarende schepen door de bemanningen op te vreten.
Zeus was verbolgen en als straf werd Circe naar het onbewoonde eiland Aiaia verbannen. Daar vervolmaakte zij haar toverkunsten en slaagde erin van wilde dieren zoals leeuwen, everzwijnen en wolven, makke huisdieren te maken.
Af en toe strandden er zeelui op het eiland die zij voorzag van spijs en drank. Toen deze meer wilden, doodde zij hen met haar toverdrank of veranderde hen in varkens.
Ook Odysseus, op de terugweg van Troje, spoelde aan op het eiland. Circe werd verliefd op hem en samen kregen zij een zoon Telegonus. Na één jaar trok Odysseus verder en bereikte zeven jaar later eindelijk zijn koninkrijk Ithaca waar zijn trouwe echtgenote Penelope geduldig op hem wachtte. Ze werd belaagd door een bende vrijers, belust op zijn vrouw en koninkrijk.
Eenmaal volwassen wenste Telegonus zijn vader op te zoeken. Om hem te beveiligen tegen de gevaren van de reis en vooral tegen de toorn van de godin Athena, gaf zij hem gif mee, gewonnen uit de staart van de zeegod Trijon, heer der pijlstaartroggen.  Per ongeluk doodde hij met dit gif zijn vader en samen met Penelope en Telemachus, de andere zoon van Odysseus, keerde hij naar zijn moeder terug.
Athena, die een boontje voor Odysseus had, zon op wraak. Zij bood Telemachus aan een mooi koninkrijk te stichten in Italië. Deze weigerde en Athena was verplicht dit aan de andere zoon van Odysseus aan te bieden. Telegonus aanvaardde wel en verliet zijn moeder.
Circe en Telemachus werden geliefden. Circe verzaakte aan haar goddelijke status en daalde af naar de sterfelijken. Of zij nog lang en gelukkig leefden zoals in de sprookjes is niet direct duidelijk.
Met veel fantasie weet de auteur op een vlotte wijze het verhaal spannend te houden. Enige kennis van de Griekse mythologie is nuttig maar zeker niet noodzakelijk. De auteur voegt een lijst toe met een korte uitleg rond de voornaamste Titanen, Olympiërs, monsters en stervelingen. Of in deze herschrijving van een verhaal uit de Griekse mythologie alles historisch juist is, heeft overigens weinig belang. 
De auteur bezorgt het verhaal ook een feministische toets. Zij stelt sterke vrouwen zoals Circe en Penelope tegenover zwakke mannen, zoals Odysseus die in wezen ook slechts een tirannieke, wreedaardige en moordlustige ploert is. Een klaploper die er na een oorlog van tien jaar nog eens tien jaar over doet om naar huis te gaan, waar zijn trouwe echtgenote hem geduldig opwacht. Ondertussen neukt hij wat hij ontmoet. Zij had alle redenen om hem met gelijke munt te betalen.
Mannen die Circe belagen krijgen hun verdiende loon wanneer zij hen in varkens verandert, wat zij in feite toch al waren.
De auteur typeert de verschillende goden net als mensen met hun belachelijke grillen, dronken vechtpartijen en kinderachtige kibbelarijen: ‘ze zijn zo nieuwsgierig als katten’. Aan hun gedrag is weinig ‘goddelijks’ te merken.
Ofschoon de spanning er niet onder lijdt heeft de auteur het verhaal wel wat erg breed uitgespannen. Sommige nevenverhalen, zoals de geboorte van de Minotaurus op het eiland Kreta als zoon van koning Minos konden gerust achterwege blijven. Het lijvige boek (380 pagina’s) kon zo herleid worden tot een meer behapbare 300 bladzijden.

Schrappen is ook een teken van goed schrijverschap.
 
Ignace Claessens
Madeline Miller
Ignace Claessens
fictie
recensent
_Ignace Claessens recensent
Meer van Ignace Claessens

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies