20 oktober 2026
Een verwittigd man is niets waard
Na het hilarische ‘Bechamel Mucho’ en ‘Godverdomse dagen op een godverdomse bol’ slaagde ik er weeral in om nog voor de zon onderging de nieuwste van Dimitri Verhulst in één ruk uit te lezen. Halfweg legde ik dit werk eventjes terzijde en ging ik grasduinen doorheen het oeuvre van de schrijver.
Dat is niet niks! Dimitri Verhulst beantwoordt volledig aan wat ik verwacht maar jammer genoeg niet altijd vind in sommige schrijvers. In zijn of haar verhaal moet mijns inziens de auteur zelf heel herkenbaar aanwezig zijn en moet ikzelf als recensent/lezer daarenboven raakpunten terugvinden met mijn eigen visies en levensfases. Kortom, zou ik het zelf ook graag hebben geschreven en was in dit geval Dimitri Verhulst me te vlug af dan is het voor mij al meteen een topper.
“Mijn wapen tegen de waanzin is deze vleugelpiano waar ik nu op speel, een Seiler, Pruisische perfectie die ik tekortdoe door gebrek aan genialiteit.” (Blame it on my youth, blz. 14)
Ik heb een sterk vermoeden dat Dimitri weeral zeer veel van zichzelf gestopt heeft in de figuur van Eric Finck, een in een neerwaartse spiraal verzeilde filmmaker, muziekfanaat en bovenal weinig getalenteerde pianospeler. De man kijkt terug op verschillende mislukte relaties en een jeugd die eigenlijk geen jeugd was. Er is de haat/liefde verhouding met zijn drankzuchtige gewelddadige vader en een seksverslaafde moeder, die voor zijn kinderogen op een emmer ongegeneerd zat uit te druipen na weeral een avontuurtje. Eric is daar allemaal getuige van en dat laat sporen na in de rest van zijn volwassen leven. Heb je het moeilijk met zijn… én mijn woordkeuzes hou hier dan nu op en laat het boek ook onaangeroerd. Ik ging koppig door en keerde zelfs terug voor een tweede leessessie.
“Misschien is ze kwaad, omdat haar mossel slordig is geschilderd; de meeste naaktportretten kunnen daar niet mee lachen.”
(Song for my father, blz. 80)
(Song for my father, blz. 80)
De kennis van de muziekklassiekers, literatuur en kunstwerken blijkt uit de vele verwijzingen van Eric Finck of is het Dimitri Verhulst zelf? Bij iedere naam ga ik meteen op zoek naar het werk en de kunstenaar. Wie weet hebben we gemeenschappelijke idolen. Hij vraagt zich doorheen het ganse boek af of de piano helpt tegen de waanzin. Vier van de zes muzikanten die meespeelden op Kind of Bleu zaten aan de heroïne. Bekende namen zoals Nina Simone, Ella Fitzgerald, Chet Baker, John Pizzarelli en Nat King Cole passeren de revue.
Sterker nog en dat is voor mij eventjes een bekende zijsprong als Finck beweert dat hij zijn heimwee een aanstellerige en zelfs vertrutte emotie vindt, bedacht door fadozangeressen.
“De fado werd door Salazar sterk gepromoot, samen met voetbal en Mariavereringen, om het Portugese volk in alle gezelligheid dom te houden.”
(The more I see you, blz. 82)
Goed gezien, zo zag en beluisterde ik de Fado nog nooit!
(The more I see you, blz. 82)
Goed gezien, zo zag en beluisterde ik de Fado nog nooit!
“Het enige wat ik van mijn moeder heb geleerd, is overspel te plegen. Het is niet waar, ook liegen leerde ik van mijn moeder en dan zijn we er zo wel ongeveer.”
(The more I see you, blz.82)
(The more I see you, blz.82)
Finck springt van de hak op de tak. Zijn jeugd, zijn verloren liefdes, zijn muziek, schrijvers en een goedkope fles wijn met schroefdop.
“Hemingway zei te zuipen om zijn medemens eindelijk interessant te kunnen vinden.” (Misty, blz. 149)
Grof, uitdagend en toch heel herkenbaar; het kost me weinig moeite om me te verplaatsen in de denkwereld van Finck en Dimitri Verhulst. Heel snel heb ik ook door dat ieder hoofdstuk de naam kreeg van een legendarisch muziekstuk: Blame it on my youth van Nat King Cole, There will never be another you van Chet Baker en Lilac Wine recovered door Nina Simone.
Subliem!
“Hemingway zei te zuipen om zijn medemens eindelijk interessant te kunnen vinden.” (Misty, blz. 149)
Grof, uitdagend en toch heel herkenbaar; het kost me weinig moeite om me te verplaatsen in de denkwereld van Finck en Dimitri Verhulst. Heel snel heb ik ook door dat ieder hoofdstuk de naam kreeg van een legendarisch muziekstuk: Blame it on my youth van Nat King Cole, There will never be another you van Chet Baker en Lilac Wine recovered door Nina Simone.
Subliem!
Een toemaatje: “De rondleiding in de psychiatrische instelling van Brugge, dagopname, was ontmoedigend. Daar denken ze mensen te kunnen genezen door pullovers te laten breien of door houtbewerking te doen. Je komt er gebroken binnen, je gaat er getikt naar buiten.”
(The more I see you, blz. 80)
(The more I see you, blz. 80)
Noot: de eerste maanden van mijn leven en dus bijna 70 jaar geleden woonde ik tegenover het Brugs ‘zothuis’! Toeval?
Michel Ackaert