Arnout van Cruyningen
Ignace Claessens
Non-fictie
  • 11 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

6 augustus 2026 De koning van Brugge en Breda - Ballingschap van de Britse koning Charles II
Arnout van Cruyningen studeerde geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij is gespecialiseerd in dynastieke en staatkundige geschiedenis met verschillende publicaties van zijn hand over de Nederlandse geschiedenis en het huis van Oranje-Nassau.
Op 30.01.1649 werd koning Charles I van Engeland wegens hoogverraad onthoofd. Enkele dagen voordien had een speciaal in het leven geroepen rechtbank, de ‘High Court of Justice’, geoordeeld dat hij ‘als een tiran, verrader, moordenaar en publieke vijand’ ter dood zou worden gebracht ‘door zijn hoofd te scheiden van zijn lichaam’.
Charles I was in 1625 zijn vader koning James I opgevolgd en in de vierentwintig jaar van zijn koningschap was hij erin geslaagd heel wat vijanden te maken.
Op staatkundig gebied was er een groeiend verzet tegen het absolutistische staatsmodel. De karakteristieken ervan zijn overal identiek: persoonlijk bewind van de monarch die alleen aan God rekenschap verschuldigd is, miskenning van het parlement, belastingen heffen zonder instemming van het parlement, willekeurig optreden tegen de onderdanen, miskenning van normale rechtsprocedures, druk op de rechterlijke macht, en perscensuur.
Het Engelse parlement slikte dit niet langer. Het wenste politieke medezeggenschap, controle over het belastingwezen en naleving van de bestaande wetten, ook door de Kroon.
Op religieus gebied had Charles I het eveneens verbrod. Vooral in Schotland wensten strenggelovige protestanten, de puriteinen, de Anglicaanse Kerk te zuiveren van Rooms-katholieke invloeden. Dat Charles I gehuwd was met een Rooms-katholieke prinses, een dochter van de Franse koning, voedde de argwaan. Hij wenste de vormgeving van de eredienst in de Kerk van Schotland in overeenstemming te brengen met wat hij voor de Kerk van Engeland wenselijk achtte. Hij wilde het in zijn opdracht opgestelde Book of Common Prayer, een nieuw dienstboek met teksten en gebeden voor de eredienst, ook in Schotland invoeren, wat op hevige tegenstand botste en hem in diskrediet bracht.
Dit alles leidde tot zijn gevangenneming, opsluiting en berechting. Zijn Roomse echtgenote had ondertussen de wijk genomen naar haar geboorteland en ook zijn kinderen slaagden erin Engeland te verlaten. Onder leiding van Oliver Cromwell werd de monarchie in Engeland afgeschaft. Engeland werd een republiek met Cromwell aan het hoofd.
De wettige troonopvolger Charles II leefde samen met zijn broers James en Henry jarenlang noodgedwongen in ballingschap. Ze verbleven afwisselend in Frankrijk, Duitsland en de Nederlanden. Ze waren niet altijd overal welkom. Onder druk van Engeland waren zij vaak verplicht uit te wijken naar een andere streek. Zij brachten de meeste tijd door in Breda en Brugge.
Cromwell overleed in 1658 en in 1660 besliste het Engelse Parlement unaniem tot herstel van de monarchie met Charles II als koning. Op dit ogenblik verbleef hij in Breda waar hij op 14.04.1660 de ‘Declaration of Breda’ verkondigde waarin hij op verzoenende toon een zo geweldloos mogelijke gezagsovergang in het vooruitzicht stelde.
De nieuwe koning werd met praal en pracht in Den Haag ontvangen van waaruit hij de overtocht naar Engeland zou maken. De auteur beschrijft uitvoerig de zegetocht naar Den Haag en de feestelijke ontvangst. De vertegenwoordigers van de Staten-Generaal en van de Staten van Holland liepen elkaar voor de voeten in zijn eerbetoon.
Wat de koning van dit alles dacht is niet bekend. Wellicht zal hij zich herinnerd hebben dat in de voorgaande jaren hem het verblijf in de Verenigde Provinciën ontzegd werd.
Op 29 mei 1660 kwam hij in Dover aan, precies op zijn dertigste verjaardag. In april 1661 werd hij met ongekend vertoon tot koning gekroond.
Breda en Brugge werden door hem beloond voor de gastvrijheid. Breda verkreeg vrijhandel met alle havens en plaatsen onder Engels gezag, zowel in als buiten Europa. Brugge kreeg in 1666 het ‘Privilegie der Visscherie’ wat aan vijftig Brugse vissersschepen het eeuwigdurend recht verleende te vissen in de Britse wateren. De toepassing van dit recht werd onlangs nog ingeroepen in het kader van de Brexit-onderhandelingen. Groot-Brittannië betwist dit recht maar tot op heden werd het nog niet onderworpen aan een rechterlijke toetsing. Zou gastvrijheid na verschillende eeuwen nog lonen?
Een oppervlakkige kennis van de Engelse geschiedenis moet zeker bijdragen tot de toegankelijkheid van het werk en de vlotte lectuur. Ik vermoed dat lezers die geen voeling met geschiedenis hebben het boek sowieso niet ter hand zullen nemen.
Van Cruyningen beschrijft Charles II niet alleen als koning maar ook als een persoon die van het leven kon genieten. Hij hield van wijntje en trijntje. Zijn veertien erkende kinderen bij zeven verschillende minnaressen zijn daar getuige van.
Wel heeft de auteur overdreven aandacht besteed aan de ontvangst van de nieuwe koning in Den Haag en aan de overdreven eerbetuigingen die hem daarbij te beurt vielen. De kruiperigheid en het slijmen van de verschillende gezagsdragers zijn er te veel aan. Soms denk je dat Mark Rutte het daarvan heeft.
 
Ignace Claessens

Arnout van Cruyningen
Ignace Claessens
Non-fictie
recensent
_Ignace Claessens recensent
Meer van Ignace Claessens

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies