6 oktober 2026
Lord M.
Windsor castle 20 juni 1837, koning Willem IV sterft op 72-jarige leeftijd. Hij is slechts 8 jaar koning geweest. Hij had een grondige hekel aan zijn schoonzus de Duitstalige hertogin van Kent, prinses Victoire van Saksen-Coburg-Saalfeld en zuster van Leopold I. Als weduwe van prins Edward aast ze samen met de obscure John Conroy op het regentschap. Haar dochter is immers de volgende in lijn.
De oude koning leek bewust zijn sterven uit te hebben gesteld totdat Victoria, zijn nichtje, op de valreep 18 jaar, de volwassenheid heeft bereikt. Lord Melbourne, eerste minister en veertig jaar ouder dan de nieuwe koningin haast zich naar Kensington Palace om haar het nieuws te melden. Hij zal jarenlang haar wijze adviseur, toeverlaat en vooral vriend worden. Zij noemt hem liefelijk Lord M.
“Vroeger dacht ik dat historisch besef ons kon behoeden voor het opnieuw begaan van al gemaakte fouten, maar uiteindelijk belet kennis van het verleden de geschiedenis niet zich te herhalen. Een mens kan leren, de mensheid niet.”
(Lord M., blz. 40)
(Lord M., blz. 40)
Deze vlot leesbare roman is hoofdzakelijk in dagboekvorm geschreven. Lord Melbourne is meestal aan het woord. Victoria is net 18 jaar geworden als ze aan het hoofd staat van een grootmacht verwikkeld in talrijke nationale en internationale conflicten. Met de onbaatzuchtige hulp van Lord M., die ze als een tweede vader beschouwt, krijgt ze versneld inzicht in het politieke spel en de vele intriges. De Westerse wereld staat op een keerpunt en dan zal later blijken dat zij als langst regerende vorst (bijna 64 jaar) een onuitwisbare indruk heeft nagelaten. Het Victoriaans tijdperk is een periode van politieke omwentelingen, oorlogen, imperia die groeien of instorten maar ook technologie en vooruitgang die nooit meer zullen eindigen. Hoe zat het nu echter met de frêle jonge koningin, haar entourage en vooral haar dromen en ambities? Hoe beleefde Lord M. haar groeiproces en vooral, wat was zijn bijdrage?
Arthur Japin, niet aan zijn eerste historisch proefstuk toe, maakt het de lezer uiterst makkelijk met de herkenbaarheid en naamsbekendheid van de historische personages rondom Victoria en Melbourne. Als zij de troon bestijgt is haar geliefde oom Leopold, te vroeg weduwnaar, voorheen ook een tijdje aan het Engelse hof hertrouwd en al 7 jaar koning der Belgen. Telgen van de verarmde adellijke familie Coburg vind je dan zowat aan ieder Europees hof. Eén van de neven Ernst en Albert komt wellicht later in aanmerking als huwelijkskandidaat. Victoria heeft echter geen haast. Nadat ze eerst heeft afgerekend met haar ongelukkige jeugd, haar harteloze moeder en aasgieren die nu eenmaal altijd opduiken, stort ze zich met volle overgave op haar werk als monarch. Dat lukt haar perfect met iemand als minister-president William Lamb of beter Lord M. aan haar zijde.
Lord Melbourne heeft zelf een trieste jeugd achter de rug met een onmeedogenloze vader die hem nooit als zoon en opvolger zag en een promiscue, ambitieuze moeder. Ze zijn nieuwe adel en dat laat zich voelen als hij aan een succesvolle politieke opmars begint. Hij is weduwnaar maar zwijgt bij de koningin verdacht stil over zijn verleden. Nu Victoria stilaan denkt aan een capabele en voor het land aanvaarbare levensgezel wil ze ook voor deze belangrijke stap in haar leven bruikbaar advies van haar eerste minister en vooral vriend. Wie was de veel besproken lady Caroline Ponsonby (Caro), zijn te vroeg gestorven echtgenote? Hoe zat dat eigenlijk met de toendertijd gevierde en bij de dames, incluis lady Caroline, bangelijk populaire dichter Lord Byron? Deze in de Griekse onafhankelijkheidsoorlog in Missolonghi roemloos door ziekte omgekomen perverse romanticus boeit mij eigenlijk ook al een tijdje en ik ga dus gretig verder door in dit boek. Was er een echte relatie tussen lady Caroline en Lord Byron tijdens haar huwelijk met Lord M.? Valt de blijkbaar biseksuele dichter nu genadeloos van zijn voetstuk? De meeste belastende manuscripten werden na zijn dood vernietigd!
“Lord Byron wordt nog altijd beschreven als mad, bad and dangerous to know. Deze rake observatie komt van Caroline. Zij schreef hem in haar dagboek op de avond dat zij de dichter alleen nog maar vanuit de verte had gezien en voor een woord met hem te hebben gewisseld.”
(blz. 318)
(blz. 318)
Inderdaad, het dagboek van Lord M. wordt eventjes onderbroken door hoofdstuk IV, Caroline & Byron 1805 – 1813 en hoofdstuk VI, Caroline 1815 - 1828. Je leest er over de toxische liefde tussen Lord M. en zijn androgyne, temperamentvolle maar vooral onvoorspelbare echtgenote Lady Caroline. Ze is zelf een verdienstelijke auteur van gedichten, sommige in stijl Byron, een schandaalroman Glenarvon, die haar verdraagzame man bijna naar de politieke ondergang voert en vooral bekend om haar weinig verhullende brieven aan de dichter, die haar en vele anderen eigenlijk als voetveeg beschouwt.
“Van alle teven, dood of in leven, is een vrouw die schrijft wel het meest honds.”
(Lord Byron na de publicatie van Carolines roman Glenarvon. Blz. 315)
(Lord Byron na de publicatie van Carolines roman Glenarvon. Blz. 315)
Ik moet toegeven, mijn visie op de philhelleen, vriend van Shelley en geprezen als de grootste dichter ooit in het Verenigd Koninkrijk kreeg een flinke deuk. Ik ben niet echt een royalist maar mijn kennis van maar ook bewondering voor Queen Victoria als mens en haar vriend adviseur Lord Melbourne daarentegen is een stuk groter geworden.
Deze historische roman leest als een trein en daar is zeker geen geschiedkundige voorkennis voor nodig. De hardcover kreeg als omslagillustratie het veelzeggende portret van lady Caroline Lamb. Thomas Phillips beeldde de androgyne, vranke, ontembare grote liefde van Lord M. (en Byron?) af in mannenkleren met een ijskoude uitdagende blik. Ze stierf uitgeblust op 43-jarige leeftijd met de twee honden van Byron, Lyon en Moretto aan haar zijde!
Meer dan 30 jaar geleden reisde ik rond in Australië. De deelstaat is Victoria en de hoofdplaats is… Melbourne! Dochter Penelope was mee en studeerde later af in Engelse literatuur aan de universiteit van Portsmouth.
Michel Ackaert