6 april 2026
En toen was er AI. Hoe mens blijven te midden van machines?
De titel klinkt als een luchtige reclameslogan uit de jaren ‘70: “en dan is er koffie”. AI is inderdaad alledaagse kost geworden, maar de – veelal verborgen - gevolgen van de uitvinding zijn nu al groot en kunnen nog groter worden. Nadenken over de voor- en nadelen van AI is noodzakelijk, want af en toe is het “too good to be true”. Het boek houdt een pleidooi om traagheid, morele verbeelding en wijsheid te gebruiken in deze tijd van snelle verandering.
De twee auteurs zijn elk op een ander gebied specialist en dat maakt dat dit boek ons een brede inkijk op deze vorm van technologie geeft: “François als filosoof en Tim als computerwetenschapper”. Zie ook de ondertitel, waarin beide specialisaties opgenomen zijn.
In de inleiding lezen we dat we een bundel essays vasthebben en dat we ze niet noodzakelijk in volgorde moeten lezen. “De boekdrukkunst verspreidde niet alleen woorden, maar ontketende een culturele en religieuze omwenteling… AI herschikt de wereld met een soortgelijke kracht… Hoewel de opgesomde voordelen reëel zijn, … AI eerder afbreuk dreigt te doen aan de voorwaarden van een goed en menswaardig leven”. De impact van AI op kinderen is een effect met toenemend belang: de schoolresultaten zullen nog verder achteruitgaan, als ze dagelijks uren op inhoudsloze reels zitten te kijken.
De inferieure mens
In twaalf essays wordt de impact van AI op het mens-zijn behandeld. Ik pik er één uit: De inferieure mens, waarin de hamvraag besproken wordt of AI een valse realiteit schept die boven de werkelijkheid te verkiezen valt. Baudrillard voorzag decennia geleden een wereld waarin ‘simulacres’ zo overtuigend zouden worden, dat ze hun band met de realiteit verliezen. Dat gebeurt in vier fases, die worden aangetoond aan de hand van voorbeelden, zoals de aardbeiensmaak. Voor elke volwassene is het volgende voorbeeld duidelijker: gepornoficeerde seksualiteit. In de eerste fase wordt de werkelijkheid getrouw nagebootst, wat rommelig en amateuristisch aandoet. In de tweede fase gaat het eerder om geënsceneerde seksuele handelingen. In de derde fase verschuift het referentiepunt: de eigen seksualiteit wordt een nabootsing van standjes met bijbehorend gekreun, die niet natuurgetrouw zijn. In de vierde fase is de band met de echte seksualiteit volledig weg: we bevinden ons in een hyperrealiteit. Dat is o.a. een reden, oppert Levrau, dat jonge mensen soms niet meer weten dat reële seksualiteit problematisch en weinig bevredigend kan zijn. “Echt is slecht” is een zinsnede die we meer zullen zien opduiken.
Hoe een influencer gebruik kan maken van zo’n hyperrealiteit, verloopt in dezelfde vier fases.
Let wel, ik geef hier een samenvattend overzicht, waardoor je het humoristische, relativerende en soepele taalgebruik van de twee auteurs mist.
De florerende mens
In De Florerende mens buigt Levrau zich over de vraag of AI het goede leven bevrijdt of bedreigt. Samen met de Harvard-filosoof Michael Sandel licht hij toe dat “niet alles wat via AI kan, ook hoort te gebeuren.” Er zijn drie argumenten: ‘crowding out’, wat te maken heeft met geld en de gevaarlijke eigenschap dat het moreel gedrag kan ondermijnen. Dan is er ‘corrosion’ met als voorbeeld prostitutie: “een handeling of relatie verandert zodra ze in een marktlogica wordt geplaatst.” Het derde argument is ‘fairness’: vermarketing vergroot de sociale ongelijkheden. Ik herhaal dat ik jullie een idee geef van de redeneringen die in dit essay staan. Zélf het boek lezen is veel beter!
De religieuze mens
Alle goede dingen bestaan uit drie. Ik pik er dus nog een essay uit: De religieuze mens. Er zijn verwijzingen naar de bijbel, zoals “Trots komt vóór de ondergang en hoogmoed komt voor de val”, maar Brys heeft het evengoed over de Silicon Valley-religie. Bryan Johnson lanceerde in 2025 de Don’t Die-religie gecombineerd met ASI, de Artificiële Super Intelligentie, die volgens hem spoedig zal uitgevonden worden (door AI zelf!). Dat we weldra op Mars een bestaan opbouwen en een artificiële god uitvinden, wordt door Brys scherp in twijfel getrokken. Bedenk weer: “Niet alles wat kan, is wenselijk.”
Too good to be true
Regelmatig lezen we ook kritiek op “de neoliberale logica die vooral in termen van rendement en efficiëntie werkt” en AI in het hart gesloten heeft, zonder al te veel rekening te houden met de nadelen. En in het hoofdstukje Is AI too good to be true? lezen we: “Liever de harde realiteit dan de geruststellende illusie van liefde”. Daarom wil een schrijver “een lovende recensie geschreven door een recensent die net zo goed een kritische had kunnen schrijven”.
Dat gaat dus over mij! En ja, ik schrijf een lovende recensie omdat ik het meen. Dit boek zou iedereen moeten lezen in het tijdperk waarin bedachtzame omgang met technologie de zorg voor het goede samenleven kan bevorderen. Bovendien kan dit boek ons wapenen tegen overconsumptie, desinformatie en radicalisering. Het kan helpen om ons te doen beseffen dat ons digitaal opzoekwerk in het oog gehouden wordt door AI-machines, wat misbruikt kan worden voor politieke, economische of ideologische doeleinden. De gevaren zijn er, maar het boek maakt zeker ook duidelijk dat de voordelen enorm zijn, denk maar het gebruik ervan in de geneeskunde.
Gerda Sterk
François Levrau is doctor in de Sociale Wetenschappen. Hij is de auteur van twee andere essaybundels.
Tim Brys doctoreerde in de Artificiële Intelligentie. Hij schrijft o.a. voor De Standaard. Hij debuteerde met “Hoe maak je een stadsklooster?”.
Zie ook de lezing van François Levrau aan de Universiteit Antwerpen op 22 april 2026.
Vorming Vrede & Burgerschap: lezing François Levrau – De aantrekking en uitdaging van het gelijkheidsideaal
Op locatie
· Datum: Woensdag 22 april 2026 14:00 tot 17:00
· Locatie: Stadscampus Universiteit Antwerpen, Rodestraat 14, 2000 Antwerpen Aula: S.R. 119
· Type: Lezing/spreker
· Organisator: Humanistisch Verbond Vorming Vrede & Burgerschap 208
· Partner: Vrijzinnige Dienst Universiteit Antwerpen