7 augustus 2026
Dirk Verhofstadt in gesprek met Johan Braeckman – deel 2
In het eerste deel van de neerslag van het gesprek tussen Verhofstadt en Braeckman bekeken ze hoe zij de geschiedenis van de filosofie ervaarden. Achtereenvolgens kwamen aan bod: Darwin, de evolutie van de mens, religie, irrationalisme en humanisme en atheïsme. Vijf jaar later zetten de twee filosofen hun zoektocht naar menselijkheid verder. Ook nu weer is het een speurtocht naar humane eigenschappen.
Johan Braeckman (°1965) studeerde wijsbegeerte aan de Universiteit Gent en menselijke ecologie aan de Vrije Universiteit Brussel. In 1997 promoveerde hij tot doctor in de wijsbegeerte aan de Universiteit Gent met het proefschrift De natuurlijke orde tussen noodzaak en toeval, welwillendheid en vijandschap, ontwerp en evolutie: de darwinistische transitie. Vanaf 1998 is hij professor wijsgerige antropologie aan de Universiteit Gent. Hij ontving de Prijs Vrijzinnig Humanisme in 2019 en in 2022 de Prijs van het Vrije Denken van de Maeckelberghe Foundation. In datzelfde jaar werd hij in Nederland tot atheïst van het jaar benoemd door de vrijdenkersbeweging De Vrije Gedachte.
Dirk Verhofstadt (°1955) studeerde pers- en communicatiewetenschappen en rechten aan de Universiteit Gent. In 2010 promoveerde hij tot doctor in de moraalwetenschappen aan de Universiteit Gent met zijn proefschrift Pius XII en de vernietiging van de Joden. Een historisch en moraalwetenschappelijk onderzoek naar de morele verantwoordelijkheid van paus Pius XII ten aanzien van de Endlösung der Judenfrage. Hij was professor media en ethiek aan de Universiteit Gent. In 2012 kreeg Verhofstadt de Prijs van het Vrije Denken van de Maeckelberghe Foundation en in 2014 de Boekenprijs deMens.nu met zijn boek Atheïsme als basis van de moraal. De Prijs Vrijzinnig Humanisme werd hem in 2025 toegekend.
In 2021 verscheen Een zoektocht naar menselijkheid, deel 1. Met dit tweede deel zetten ze hun gesprekken verder. Het resultaat is dit schitterend werk waarin ze hun bevindingen in vijf hoofdstukken kenbaar maken. Ze gaan dieper in op de kenmerkende eigenschappen van de mens. Al jaren deden ze hierrond onderzoek en voerden ze diepgaande gesprekken hierover met elkaar. Het is deze conversatie die ook nu weer dit tweede deel oplevert. Ze bespreken achtereenvolgens de oorsprong van taal en de oorzaken van geweld. In hoofdstuk 3 stellen zij zich vragen bij de maakbaarheid van de mens waarna het onderzoek van de vrije wil in deel 4 volgt. Afsluiten doen ze met de steeds weerkerende vraag naar zin en betekenis van het leven. Ze schrijven geen dogma’s maar leveren genoeg denkstof aan om op een redelijke en vrije manier tot betrouwbare kennis en inzicht te komen.
De titel Dirk Verhofstadt in gesprek met Johan Braeckman maakt het opzet duidelijk. Er is een vraagsteller die zijn partner de mogelijkheid geeft om hierop dieper in te gaan. Beiden weten bijzonder goed over welke materie ze het hebben. Je kan immers geen treffende en uitnodigende vragen stellen als je onvoldoende kennis van de materie hebt. Verhofstadt is degene die de vragen stelt en zijn kritische opmerkingen gaan tot de kern van het probleem. Hij schreef verschillende boeken over de behandelde onderwerpen en kan zijn vragen bijzonder accuraat formuleren. De antwoorden komen van Johan Braeckman, een humanistisch ingestelde wetenschapper en uitstekend verteller. Met overtuiging weet hij zijn ideeën te formuleren.
Zowel Verhofstadt als Braeckman bezitten een uitgebreide filosofische kennis. Nergens laten ze zich verleiden tot imposante professorentaal. Ze maken er een echte gedachte-uitwisseling van die zeer goed te volgen is. Belezen zoals ze zijn, verwijzen ze dikwijls naar andere auteurs. Er is achteraan het boek een uitgebreide bibliografie te vinden en in de noten worden namen van auteurs en boeken opgesomd. Ook een register ontbreekt niet.
Doordat de vijf hoofdstukken één zoektocht naar menselijkheid uitmaken, zijn herhalingen onvermijdbaar. Gelukkig komt dit slechts enkele keren voor. Diepzinnig is het boek alleszins. In vier hoofdstukken verduidelijken beide gesprekpartners hun visie op het fenomeen mens. In het laatste hoofdstuk bekronen ze hun samenzitten met het zoeken naar zingeving. Dit deel maakt het boek uitzonderlijk. Het is treffend dat zij aan het einde van hun zoektocht de zin van het leven leggen bij het grootbrengen van een kind. Verder verdient Wittgenstein een vermelding met ”waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen”.
Het lezen van dit boek mag niet het einde betekenen van een interessante vrijetijdsbesteding. Het kan daarentegen de start betekenen van vele overpeinzingen, kritische inzichten en gefundeerde besluiten. Weet je na het lezen wat het betekent mens te zijn? Nee, maar er zijn je wel heel veel items aangereikt om er zelfstandig over na te denken.
Paul Van Aelst
Meer van Paul Van Aelst