Brecht Horsten
Michel Ackaert
Non-fictie
  • 9 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

29 oktober 2026 BRIEVEN UIT DE GEVANGENIS – Hoe gaat het er echt aan toe in de cel?
Brecht Horsten, strafrechtadvocaat en jonge poulain (28) van meester Johan Platteau, is niet de enige schrijver van over hoe het er echt aan toe gaat in de Belgische cellen. Met de nodige inleiding en zeer uitgebreid nawoord is hij enkel verbijsterde getuige, toehoorder en verzamelaar van uiteenlopende en aangrijpende ‘brieven’.
“The first prison I ever saw had inscribed on it CEASE TO DO EVIL, LEARN TO DO WELL. But as the inscription was on the outside, the prisoners could not read it.” G.B. Shaw, 1856 – 1950
Het zijn meestal korte vreselijke getuigenissen van gedetineerden, een familielid, een lid commissie van toezicht en zelfs een gevangenisarts. Geen politici, beleidsmakers, minister van justitie, rechters, directeurs en dat is maar goed ook want die moeten dit werk dringend zelf eens lezen. Ik zag Horsten onlangs in een vurig debat met spraakwaterval Annelies Verlinden en was niet echt overtuigd van haar argumenten en oplossingen. In dit aangrijpende boek ook geen ervaren cipiers en vakbondsafgevaardigden want die vreesden volgens Brecht Horsten voor repercussies. Heel herkenbaar!
“Tijdens mijn detentie is het mij ook opgevallen dat het toch een bepaald soort van mens is die deze job uitoefent. Wie sluit er nu in godsnaam graag mensen op achter een deur.”
(Brief 20, Arno, blz. 139)
Dit boek deed pijn. Het was ook een flink stuk herkenbaarheid en vooral bevestiging. 28 jaar geleden stapte ik met heel veel vragen maar ook grote idealistisch verwachtingen binnen in de ‘Nieuwe Wandeling’ in Gent. Ik slaagde voor het examen van penitentiair beambte en zou nu eindelijk werken met kwetsbare mensen i.p.v. harde cijfers, tonnages en doelstellingen in de maritiem. Nog geen 5 weken later kreeg ik onverwacht mijn overplaatsing naar het PCB, de moderne gevangenis van Brugge. Daar was een grote verlofachterstand, was men onderbemand en met het eindejaar in zicht dreigden de vakbonden weeral met harde acties en stakingen. 
Dat reusachtig gebouw is bij mij thuis net om de hoek en ik kon voortaan fluitend naar het werk fietsen. Ik zou er nooit meer weggaan. Ik startte er onder de legendarische rebel directeur Hans Claus na een maandje scholing en een degelijke opleiding. Een oude ervaren adjudant herhaalde er voortdurend het werkwoord bejegenen en het was heel duidelijk wat hij daarmee bedoelde t.o.v. de gedetineerden. Ik was er klaar voor en zou daar beiden de rest van mijn loopbaan dankbaar voor blijven. En toch, de problemen op de werkvloer toen waren precies dezelfde problemen als nu. Dat wordt er zonder snelle maatregelen niet beter op volgens Horsten.
“Tijdens mijn periode als fatik (diender) heb ik veel dingen gezien. Cipiers die van alles meenamen naar huis en allerlei vormen van illegale handel dreven. Cipiers die vertelden voor welke feiten bepaalde gedetineerden vastzaten, zodat anderen hen konden aanpakken. En nog veel meer.”
(Brief 17, Tim, blz. 127)
Wat er zoal fout loopt lees je in verschillende bewoordingen terug in alle brieven. Het gaat vooral over de gevangenis in Antwerpen en daar wil je echt niet zitten of liggen als ‘grondslaper’ naast de wc-pot tussen ratten en muizen. De gedetineerden aan het woord van verschillende leeftijden, achtergrond of misdrijf, beschrijven toestanden achter en voor de deur die je niet voor mogelijk houdt. Het valt op dat ze hun misdrijf zelden minimaliseren en hun straf meestal aanvaarden. Wat het leven in een gevangenis tot een hel maakt is vooral de overbevolking, de verwaarlozing, de onveiligheid, het gebrek aan gepaste begeleiding maar ook het misprijzen van het personeel. Nogmaals, dit boek doet pijn. Vooral omdat ik sommige situaties meteen heb herkend en er soms als een van weinigen ben tegen ingegaan. Dit boek is van dit jaar, 2026, er is dus niks veranderd.
Ik lees en vooral, herlees het Nawoord (blz. 159 - blz.188) waarin deze jonge gedreven advocaat niet alleen de vinger op verschillende wonden legt maar ook oplossingen aanreikt. 
“Directieleden en politici werden bewust niet bevraagd, aangezien zij mijns inziens niet vallen onder zij die nooit gehoord worden. Ministers en gevangenisdirecteurs komen regelmatig genoeg in de media om hun visie op het probleem duidelijk te maken.”
(Nawoord, blz. 159)
Ik leg dit boek eventjes terzijde en zet de tv op. Moet me weeral ergeren. Daar wordt binnenkort na ‘Ooit Vrij 1 en 2’, ‘Het dorp achter de muur’, ‘Alloo in de gevangenis’ met ‘Gevangenisdirecteurs’ weeral het soort reality-tv uitgezonden waar ik grondig de pest aan heb. Ik weet uit ondervinding dat daar meestal weinig goeds van komt en soms wel eens eindigt in drama’s voor alle betrokken mediageile medewerkers, gedetineerden, personeel én directie.
Zijn de politici, partijvoorzitters en verkozenen echt geïnteresseerd in die 13.000 gedetineerden? Helemaal niet want die bajesklanten (misschien jouw kind, jouw neef, jouw broer, jouw schoolkameraad of als het tegenzit jijzelf) vind je nooit in een stemhokje!  
 
Michel Ackaert

Brecht Horsten
Michel Ackaert
Non-fictie
Michel Ackaert (1957) was cipier in de gevangenis van Brugge. Publiceerde reisverslagen, opiniestukken, recensies en een boek over menswaardige detentie ‘Seks in de gevangenis’.
_Michel Ackaert Recensent, reiziger, vrijwilliger en cultuurfanaat
Meer van Michel Ackaert

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies