• |
Frank Seberechts
Paul Van Aelst
Non-fictie
  • 151 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering boekreview

31 maart 2020 Vechten voor vrede. Antwerpen 1944-1945
Frank Seberechts (°1961) studeerde geschiedenis aan de universiteiten van Antwerpen en Gent. Hij is als onderzoeker verbonden aan het Vredescentrum Provincie en Stad Antwerpen. Over de Vlaamse beweging en het Vlaams-nationalisme, WO II en de Holocaust en de lokale geschiedenis van Antwerpen publiceerde hij reeds eerder.
In het boek ‘Vechten voor de vrede. Antwerpen 1944-1945’ vertrekt hij van 4 september – de dag dat Antwerpen wordt bevrijd. Als historicus gaat hij echter eerst terug in het verleden. In het eerste hoofdstuk beschrijft hij Antwerpen tijdens de eerste bezettingsjaren. Antwerpen is de commerciële hoofdstad van België en één der grootste havens ter wereld. Op 17 mei 1940 valt Antwerpen in Duitse handen. De socialistische burgemeester Camille Huysmans volgt de Belgische regering in ballingschap naar Londen.
Door details weet Seberechts de personen en gebeurtenissen tot leven te brengen. Hier bijvoorbeeld geeft hij ons mee dat Huysmans in Londen de Engelse vertaling publiceert van het boek ‘De legende en de heldhaftige, vrolijke en roemrijke avonturen van Uilenspiegel en Lamme Goedzak in het land van Vlaanderen en elders’ van Charles De Coster. Hij stuurt dit naar Attlee, later eerste minister van het Verenigd Koninkrijk, met de mededeling: ‘Het is het verhaal van ons verzet tegen de Spaanse bezetting en het toont aan dat ons avontuur sedert 1940 niet het eerste is. We hadden al Hitlers en Görings en anderen in de 16de eeuw en dit boek is altijd populair wanneer we in moeilijkheden zitten.’

Samen met Huysmans verkiezen nog ettelijke Antwerpenaren – politici, vakbondsleiders, industriëlen en duizenden Joden – de vlucht over zee.
Het Antwerps schepencollege ondergaat in de loop van de bezetting wijzigingen en zal uiteindelijk helemaal uit collaborateurs bestaan. Op 15 september 1941 volgt nog een belangrijke wijziging voor het stedelijk grondgebied wanneer de gemeenten Hoboken, Wilrijk, Mortsel, Berchem, Deurne, Borgerhout, Merksem en een deel van Ekeren bij de stad worden gevoegd tot Groot-Antwerpen.
Ondertussen schikken de meeste Antwerpenaars zich naar de bezetting. Heel wat koesteren ook sympathie voor Duitsland en het nationaalsocialisme of hopen voordeel te halen uit samenwerking met de bezetter. Die collaboratie zal later nog voor schrijnende verdeeldheid zorgen. Verschillende organisaties stellen zich ten dienste van de bezetter, waarvan de bekendste het Vlaams Nationaal Verbond (VNV) en de Duitsch-Vlaamsche Arbeidsgemeenschap (DeVlag) zijn.
Eind 1940 worden de eerste maatregelen tegen de Joodse inwoners van kracht. De stedelijke administratie, het politiekorps en de gerechtelijke instanties voeren deels gedwongen, maar ook deels vrijwillig de Duitse bevelen uit.
Dat de Antwerpse bevolking niet enkel bestaat uit collaborateurs maakt Seberechts duidelijk in het deel over het verzet. Verzet dat trouwens onder vele vormen tot uiting kwam, van werkonwilligheid tot sabotage en aanslagen. Het kwam herhaaldelijk voor dat Duitse schepen die op Antwerpse werven waren hersteld, snel weer in reparatie moesten wegens schade aan machines en verstopte leidingen. Op zijn minst zorgt de Duitse bezetting voor verdeeldheid onder de Antwerpse bevolking.
Zo belandt Seberechts in de zomer van 1944. Sinds 1941 is het de legerleiding duidelijk dat er in West-Europa een tweede front moet worden geopend tegen de Duitsers. Stalin, de leider van de Sovjet-Unie, voert met het Rode Leger als enige strijdmacht de oorlog in Europa tegen het Duitse leger. Seberechts beschrijft weer op zijn eigen vlotte manier de bevrijdingsroute van het geallieerde leger, vertrekkende in Normandië, tot het voor Antwerpen staat.
Begin september is het onrustig in de stad. Er heerst grote nervositeit bij de Duitse bezetter en zijn handlangers. Velen slaan op de vlucht met nog heel wat bijeengeroofd materiaal. De Antwerpse haven is nodig om de geallieerde opmars naar het noorden en oosten te ondersteunen. Het grote invasieleger verbruikt enorme hoeveelheden brandstof en voedsel. Troepen dienen te worden aangevoerd en het Franse spoorwegennet is daarvoor te zwaar belast. Ook de gewone wegen zijn niet tegen zulke omvangrijke transporten bestand.
Op 2 september 1944 is het verzet klaar om de geallieerde troepen in Boom op te vangen. Daar zorgen ze voor een ongehinderde opmars. In de nacht van 3 op 4 september nemen eenheden van het verzet, het Geheim Leger en de Nationale Koningsgezinde Beweging, hun plaatsen in om de haven van vernietiging te vrijwaren en het Britse leger de stad in te loodsen. Kort voor de middag bereikt het Britse eskadron de stadsrand. Seberechts beschrijft zeer gedetailleerd – van straat tot straat – hun intocht. In de stad is het een chaos van feestende, vechtende, plunderende en wraakzuchtige burgers. Ordeloze groepen plunderen en vandalen breken de huizen van collaborateurs open en gaan over tot stelen en vernielen van de inboedel.
Verloopt de inname van de stad nog vrij vlot, in de haven en ten noorden van het Albertkanaal bieden de Duitse troepen hardnekkig weerstand. Pas op 9 september kan een afdeling van het Geheim Leger op Linkeroever voet aan wal zetten. De monding van de Schelde is dan nog steeds in Duitse handen waardoor de geallieerden de haven nog niet kunnen gebruiken voor bevoorrading en troepentransport.

Nu de Antwerpse haveninstallaties in geallieerde handen zijn gevallen, is de bevrijding van de Scheldemonding het volgende doel. Hitler geeft op 4 september het bevel dat de geallieerden tot elke prijs moeten verhinderd worden gebruik te maken van de Schelde om Antwerpen te bereiken. Zware gevechten zijn het gevolg. Het zal tot 4 november duren vooraleer geallieerde mijnenvegers aan het werk kunnen op de rivier.
Op 22 november vaart een eerste geallieerd konvooi de haven van Antwerpen binnen. De schepen meren af aan de Jordaenskaai en worden feestelijk onthaald door Belgische, Britse en Amerikaanse burgerlijke en militaire gezagsdragers.
De vrijmaking van de Schelde heeft ongeveer zes weken in beslag genomen. De strijd heeft duizenden doden aan beide zijden gekost, naast vele burgerslachtoffers.
De bevoorrading en troepentransporten kunnen nu eindelijk beginnen.
Zoals bij de inname van de stad beschrijft Seberechts ook de verovering van de Scheldeoevers minutieus. Hij doet dit op een filmische manier zodat de lezer de bevrijding stap voor stap kan volgen. Paul Van Aelst
In de stad zijn de collaborerende schepenen ondertussen weggevlucht en is het vooroorlogs bestuur terug actief. Op 12 september 1944 neemt de vroegere burgemeester Huysmans zijn functie weer op. Het verzet tracht zich in deze moeilijke dagen te organiseren. Reeds op dinsdag 5 september vergadert voor het eerst het Coördinatiecomité van de weerstandsbewegingen. De vijf belangrijkste verzetsgroepen zijn hierin vertegenwoordigd, men tracht de activiteiten van de diverse verzetsbewegingen te stroomlijnen. Ze stellen een groot misbruik vast in het dragen van armbanden en wapens. Dit geeft aanleiding tot willekeurige en verdachte daden. Op 11 september worden 6.000 legitimatiekaarten uitgereikt aan de Belgische veiligheidsdiensten om betere controle te kunnen uitoefenen.
Aan het hoofd van het geallieerd stadsbestuur staat de Britse Town Major, aanvankelijk gevestigd op de tweede verdieping van het stadhuis. Later komt er ook een Amerikaanse Town major die pas in januari 1946 de stad zal verlaten als laatste vertegenwoordiger voor het civiele bestuur van het Amerikaanse leger in Antwerpen.

Na de bevrijding krijgt Antwerpen echter nog te maken met de beschieting met V-wapens door de Duitsers. Zij trachten hiermee de bevolking te demoraliseren en de werking van de haven te ontwrichten. Er zullen 4248 V1’s en 1712 V2’s op Antwerpen en omgeving worden afgevuurd. De haven ondervindt als bij wonder weinig hinder van de ‘vliegende bommen’. Bij de bevolking vallen echter vele slachtoffers: in Antwerpen 4229 burgerslachtoffers en 131 dokwerkers. Pas tegen eind maart 1945 zal de opmars van de geallieerden een einde aan de lanceringen maken.
Ook het begin van het Ardennenoffensief veroorzaakt onrust, men vreest dat de Duitsers dieper het land kunnen binnendringen. De havenarbeiders blijven echter de bevoorradingsschepen lossen die de haven nu constant binnenvaren.
Tijdens de oorlog collaboreerden heel wat Antwerpenaars met de Duitse bezetter. Bij de bevrijding vluchten velen naar Duitsland, anderen duiken onder. Sommigen van hen kunnen gearresteerd worden, en zij worden in geïmproviseerde gevangenissen opgesloten. Hun eigendommen werden dikwijls geplunderd en vernield. De overheid heeft alle moeite om de volkswoede te temperen. Seberechts weidt een heel stuk aan deze gevoelige periode die aanvankelijk erg chaotisch verloopt.
De terugkomst van de gevangenen uit de concentratiekampen is de volgende zwarte bladzijde, die deel uitmaakt van de geschiedenis, ook in die roes van de bevrijding. Onder hen waren vele Joden. De opvang is goedbedoeld, maar gezien de omstandigheden vaak rudimentair.
Al kort na de bevrijding tracht de stedelijke overheid de wederopbouw aan te vatten. De voedsel- en brandstofvoorziening verloopt echter niet vlot. Daarnaast is er de aanwezigheid van duizenden geallieerde soldaten, met hun specifieke behoeften en gewoonten. Zo brengt de bevrijding van Antwerpen geenszins een onmiddellijk herstel van de vooroorlogse situatie mee. Grote delen van de stad hebben bovendien te lijden gehad onder het oorlogsgeweld en de roofzucht van de Duitsers. Het zal nog jaren duren voordat de materiële ravage van de oorlog is hersteld. Daarnaast zijn er menselijke drama’s die niét door de tijd geheeld kunnen worden.
De bevrijding van Antwerpen was een mijlpaal in het verloop van WO II. Zonder de haven had de bevoorrading en het troepentransport voor de geallieerde legers nooit kunnen slagen. De bevrijding van de rest van Europa hing eigenlijk af van de haven van Antwerpen.
Seberechts heeft met ‘Vechten voor de vrede. Antwerpen 1944-1945’ niet enkel de bevrijding van Antwerpen beschreven. Hij ging wel uit van de Bevrijdingsdag - 4 september 1944 - maar maakte het beeld volledig door terug te grijpen naar wat er voorafging en ook de nasleep, met alle gevolgen, niet te vergeten. Het is een magistraal werk dat uitmunt in volledigheid en dat ook duidelijkheid brengt. De auteur slaat geen detail over, zonder dat het daarom onoverzichtelijk wordt. Zijn volledigheid en mate van gedocumenteerdheid zijn fenomenaal te noemen. Bovendien slaagt hij erin een vloeiend verhaal te brengen dat de lezer onderdompelt in de gebeurtenissen van 75 jaar geleden. Zijn stijl is zodanig dat je het gevoel hebt dat jij er zelf middenin staat.

Dit historisch correct werk wordt compleet gemaakt met een deel ‘Noten’, een uitgebreide bibliografie en ook nog een namenregister. Verder werd de uitgave geïllustreerd met een overvloed aan kwaliteitsvolle en passende illustraties die vaak de tekst nog verduidelijken.
Dit is een boek dat elke Antwerpenaar zal aanspreken, maar dat tevens exemplarisch kan zijn voor anderen. Het is als een herinnering aan de gitzwarte bladzijden van de geschiedenis van een stad.
Frank Seberechts
Paul Van Aelst
Non-fictie
-
_Paul Van Aelst -
Meer van Paul Van Aelst

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies