Marian Donner
Sophia De Wolf
Non-fictie
  • 771 keer bekeken
  • minuten leestijd
  • Reacties

Waardering

19 juni 2023 Zelfverwoestingsboek
Waarom we meer moeten stinken, drinken, bloeden, branden en dansen.
Het is niet mijn gewoonte, maar ik ga het deze keer zeer kort houden. Dat is het gevolg van het lezen van een boek zoals Marian Donner er een schreef. Wanneer ik bovendien vanaf nu weer eens iets voor ogen krijg over wat te doen om succesvol te zijn én dat ook vol te houden, zal ik aan de psychologe én schrijfster van deze uitgave moeten denken. Haar visie op de zelfhulpindustrie biedt een verrassende kijk op die steeds terugkerende oproep in boeken, tijdschriften en artikels hoe onszelf ‘te managen’ om het leven vol te houden, hoe zich aan te passen aan alle uitdagingen om alzo perfect te passen in ‘het systeem’. Moeten we met yoga, cursussen, coaches enz. ervoor zorgen dat we kunnen blijven functioneren, er perfect uit te zien én erbij te horen? Moeten we boeken lezen om te weten te komen hoe we in zeven of tien stappen de beste kunt worden?
Donner vindt dat we er eerder naar moeten streven om ‘een ronde pin in een vierkant gat te zijn’. Zoals Bernard Max uit Brave New World van Aldous Huxley waar Donner naar verwijst: vrij te zijn, niet nuttig te zijn, te mogen klagen en zelfs ongelukkig te zijn. Niet te passen in een wereld waarin je nooit productief genoeg kan zijn, waar je het liefst zoveel mogelijk consumeert met de glimlach op je gezicht.
Het ‘zelfverwoestingsboek’ van slechts 130 pagina’s uit 2019 dat aan zijn zesde druk toe is, is verdeeld in vijf hoofdstukken met als titel: Stink, Drink, Bloed, Brand, Dans. Elk deel start met een toepasselijke quote. Vergis u niet, door de titels belooft het misschien amusant te worden, maar het boek heeft een ernstige ondertoon. Donner staat aan de kant van de losers, heeft mededogen en begrip voor mensen die niet aan de standaard voldoen. Ook roept ze degenen op die wél meekunnen om niet voortdurend aan optimalisatie van zichzelf te doen. Het mag ‘goed genoeg’ zijn. De perfectie is niet nodig. Marian Donner pleit ervoor zich te bevrijden van een tijdgeest waar de nadruk ligt op maakbaarheid en perfectie. En om wat meer te bloeden voor een ander. ‘Om vervolgens samen de wond te kunnen stelpen’.
‘Ik trapte naar de zon en wist niet hoe te leven’. Menno Wigman, Toen ik begon te schrijven (begin hoofdstuk DRINK, p.41)
De personages bij Camus, Orwell, Kerouac en Bukowski zijn buitenstaanders, Donner maakt in de vijf hoofdstukjes haar punt, gebruikmakend van de visies van deze in het collectief geheugen zittende schrijvers en brengt op die manier zelfs bij mij het ‘streven’ naar boven om hun romans eindelijk (nog) eens te lezen.
Ziezo, snel een recensie gepend. De auteur zal ongetwijfeld goedkeurend knikken. Marian Donner zou immers niet willen dat ik de perfectie nastreef en dat ik hier lang aan deze boekbespreking zit te schaven. Ik kan bijgevolg tijd maken voor één van die romans waaruit ze haar inspiratie haalde, ‘Slachthuis vijf’ van Kurt Vonnegut. Toevallig heb ik die hier al jaren ongelezen in de boekenkast staan. Tijd om er eens tijd voor te maken. Maar als dat toch niet lukt… dan is het ook goed.

Sophia De Wolf
Marian Donner
Sophia De Wolf
Non-fictie
Recensent
_Sophia De Wolf Vrijwilliger bij het Huis van de Mens Zottegem
Meer van Sophia De Wolf

_Van zelfde auteur

_Nieuwste recensies

Bekijk alle nieuwe recensies